E.S.D.B.

Eigen Schuld Dikke Bult.

Ruud zei gisteren; ‘Eten we nu alweer bonen?’. Ja, natuurlijk, want Ruud wilde bonen, veel bonen. Eind mei liet ik deze foto zien:

 

Want Ruud heeft vorig jaar door misoogst zijn jaarlijkse gemiddelde aan boneninname niet gehaald. En dus wilde Ruud dit jaar een heel vak vol bonen, 24 dubbele stokken. Om het tekort van vorig jaar in te halen. Voor alle duidelijkheid; ik lust ze ook hoor, vind ze zelfs heerlijk. Maar niet zoals Ruud, Ruud kan elke dag bonen eten (nou ja, bijna elke dag dus).

Al die stokken en al die gezaaide bonen resulteert in dit:

 

Ze staat bijna als een monster middenin de tuin, 2.40 meter hoog en vierkant vol. En gisteren oogstten we er emmers nummer 6 en 7 van. En nog lang niet klaar…….

En dat is nog niet alles, want Ruud wilde dus veel bonen. Daarom hadden we ook nog 2 rijtjes lage sperzieboontjes gezaaid, daar hebben we ook nog volop van geoogst. En niet te vergeten monster nummer 2 in de tuin:

 

16 dubbele stokken pronkbonen van het ras Riley, de planten zo mogelijk nog groter dan de Pastoral-stoksperziebonen. Maar deze pronkbonen gaven veel bloempjes maar weinig of geen bonen (iedereen nog hartelijk dank voor alle reacties op het vorige blog!). Maar dat is nu voorbij, nu de temperatuur is gedaald en het een paar keer goed heeft geregend:

 

Alle bloemen (die nu wel vruchtzetten) zitten bovenin de planten. Helaas ben ik maar 1.70 meter groot, en Ruud haalt ook de 2 meter in de verste verte niet. Hoe gaan we in vredesnaam deze bonen, die op zo’n 2.50 meter hoog hangen, oogsten? Een trapje in de verhoogde bak zetten, het is bijna vragen om slapstickachtige tuinongelukken. We gaan onze tuinbuurman-die-meer-dan-2-meter-lang-is maar inschakelen, denk ik.

In ieder geval eten we bonen, gewoon gekookt, in een salade met spekjes, sajoer boontjes. Ik google op recepten, ze gaan in een tortilla, in een curry, dit weekend eens het recept van Pugliaanse boontjes proberen (in een tomatensaus met knoflook, ui en oregano).

En we gebruiken natuurlijk geen tomaten uit een potje, want we oogsten zelf nog volop.

 

De trossen worden ondertussen wat kleiner en dunnen wat uit. Maar nog steeds gaan er 2 emmers per week mee naar huis. Dat is dus bonen en tomaten. Maar wat te denken van de krootjes, worteltjes, koolrabi, komkommers, courgettes, etc.. We krijgen last van ‘oogststress’ 🙂 . Vriezer 1 zit vol, vriezer 2 al voor de helft. En op 7 potten na zijn alle inmaakpotten gebruikt.

Als ik een emmertje krootjes heb geoogst roept Ruud al: “Ik kan het niet meer kwijt, de vriezer zit vol, geef maar weg!”. En hij zucht heel diep als hij vervolgens al 2 emmers tomaten en een emmer bonen ziet staan om mee naar huis te nemen. Met ernaast in nog een tasje met 3 courgettes, 2 komkommers en een grote bos basilicum.

Ik durf het bijna niet tegen Ruud te zeggen maar ik kan ook nog blauwe bessen plukken, en bramen. En aalbessen:

 

Aalbessen?!? Ja, en zonder afdekken. Ik heb geen idee welk het ras het is, het zijn Gamma-bouwmarkt-aalbessen-zonder-naam. En waar de merels met netten moeten worden tegengehouden als de aalbessen van de rassen Jonkheer van Tets en Witte Parel rijpen in juni/juli, zo is er niemand meer geïnteresseerd in deze late witte aalbessen. Ze staan ook nog half in de schaduw (en daardoor zijn ze  misschien ook nog wel 1 of 2 weekjes later dan wanneer ze in de volle zon zouden staan). Ze rijpen nu volop maar voor de merels is de tijd voorbij, ze zoeken niet meer naar aalbessen want die zijn er in juni en juli, en niet meer in bijna augustus. En dus staan de planten zonder net, en er wordt geen aalbes van opgevreten. Alles heeft z’n tijd, en dat heeft in dit geval voor ons zo z’n voordelen.

Ik heb al besloten wat ik ermee ga doen; blauwe bessen-aalbessengelei met limoen inmaken, dat klinkt toch lekker, lijkt mij.

Tot slot nog 1 opmerking en 2 foto’s.

Eerst de opmerking; ik heb op de website van Pokon ook een stukje geschreven, met wat regels over en voorbeelden van inmaken: Het inmaken van je oogst  

En dan nog 2 foto’s, van een bloem en van een groente, altijd leuk:

 

Dit is de paprika Blue Jay. Ik dacht dat ik haar kwijt was, en zou ook niet weten waar ik nieuwe zaden had kunnen kopen. Maar dit voorjaar vond ik onderin een doosje  met oude zaden, onder een flapje, ineens nog een zakje met misschien wel 4 of 5 jaar oude zelf geoogste zaden. En ze kiemden nog! En dus heb ik dit jaar wel 3 paarse paprika’s (misschien wel 4 maar die laatste bloeit nu pas dus dat weet ik nog niet zeker). De donkerpaarse Royal Purple Mavras en de lilapaarse Lilac kon je in het vorige blog al zien. deze Blue Jay zou ik meer violetblauw noemen maar het verschil tussen de Blue Jay en de Lilac is klein en zie je vooral als je de paprika’s naast elkaar ziet.

En dan tot slot nog een foto van een voor mij ook nieuwe zonnebloem, de Helianthus annuus Orange Sun Doubles:

 

Vrolijk hè!!

 

Paars en een vraag

Eerst de vraag. Of misschien is het meer een constatering. Hoe dan ook, wij blijken niet de enige moestuinders te zijn met onbevruchte pronkbonenbloemen. Ik kreeg deze week een mailtje van iemand die zich afvroeg waarom de pronkbonen wel heel veel bloemen maken maar daarna maar weinig peulen krijgen. En ik zag hetzelfde een paar weken geleden bij vriendin Yvonne. En uiteraard kijken we dan extra goed naar onze eigen planten. En ook daar veel bloem en weinig peul. En vanmiddag spraken we een tuinbuurman die er ook over klaagde. Dat zijn 4 mensen met hetzelfde euvel, verschillende rassen maar wel allemaal pronkbonen. Voor alle duidelijkheid, de gewone bonen (stam- en stoksperziebonen) doen het prima. Maar die pronkbonen…….

 

Een overvloed aan bloemen. Wij hebben het ras Riley, met zalmoranje bloemen en extra lange peulen. Maar niks peulen, na de bloei blijven er lege stokjes achter. Nou ja, 1 peul zie ik, maar daar krijgen we de vriezer niet mee vol.

Mijn redenatie: ik denk dat pronkbonen niet zo goed tegen warmte en droogte kunnen. De planten staan hier in een verhoogde bak (droger dan in de volle grond maar dat zegt niets want bij vriendin Yvonne en bij de tuinbuurman staan ze gewoon in de volle grond). Maar juni en begin juli waren wel extreem droog en warm. De sperziebonen varen er wel bij maar de pronkbonen dus niet (nou ja, overdadige groei en bloei maar geen peul).

Gelukkig mist een pronkboon zelf ook wat als ze geen peulen maakt. En ze houdt misschien wat energie over. En daarom bloeit ze gewoon verder en verder en verder, tot er uiteindelijk naar haar idee genoeg bloemen zijn bevrucht. En hangen er nu dus laag in de plant amper of geen peulen. Maar bloeien bovenin de planten de bloemen nog steeds uitbundig. En zie daar….:

 

Jawel, er worden nu ook peulen gemaakt. Nog niet optimaal maar we zijn er blij mee. Het is ook niet meer zo warm als vorige maand, en er valt elke week wel wat regen. Zou dat het zijn?

Hoe dan ook, we komen geen bonen tekort hoor, Ruud wilde afgelopen voorjaar veel bonen, en dus eten we nu van 3 x 8 = 24 dubbele stokken Pastoral-bonen in overvloed. En nog 8 dubbele stokken Melissa. En een rijtje Argus stamsperzieboontjes. Maar we willen ook pronkbonen, want die kun je zo goed invriezen.

Dan deel 2 van dit blog; ik heb verder eigenlijk niet zo veel te melden want we doen op dit moment niet heel veel meer dan oogsten. Aardappelen, uien, kroten, wortelen, nog meer aardappelen, sjalotten, nog meer uien, en rode uien. Oh ja, en courgettes, elke dag is er wel een courgette te oogsten. En tomaten natuurlijk. En aubergines. De komkommers hebben heel lang weinig gedaan, matige groei en bloei. Maar nu zijn ze ‘los’ en oogsten we elke dag een komkommer. En bonen, en nog meer bonen, emmers bonen.

Mijn lievelingskleur? Die heb ik niet echt. Ik heb elke maand een andere lievelingskleur, de blauwe lucht in april, het groen blad in mei, de eerste roze bloei in juni, warm rood in juli, etc., etc.. Maar als het om de moestuin gaat heb ik een zwak voor paars. Misschien omdat je paars niet veel in de winkel ziet. Ik betrap me erop dat ik in zadenlijsten vaak zoek naar paarse rassen van bekende groenten; paarse boontjes, paarse boerenkool, paarse basilicum, etc..

Vandaar hier wat foto’s van paarse groenten die je misschien niet zo vaak ziet. Of wel, maar ik vind het zelf in ieder geval altijd erg mooi en/of bijzonder:

Eerst een foto van wat tomaten en aubergines. Extra mooi vind ik de lilapaarse aubergines (aan de plant dan want in de pan zie je er helemaal niets meer van 🙂 ).

 

Oh ja, de paprika Blue Jay, grappig dat de jonge paprikaatjes nog geelgroen zijn en dan via lila naar paars verkleuren wanneer de paprika’s groeien. Uiteindelijk rijpen de paprika’s trouwens rood af, maar wel met een wat paarsroze zweem:

 

En dat was dan lichtpaars, er bestaat ook heel donker paars. Dit is de Royal Purple Mavras, voor mij een nieuw ras maar gelijk een blijvertje. Want mooi (rijpt ook weer af naar rood maar in dit geval donkerrood). En veel. En dan nu maar hopen dat ze ook nog lekker is!

 

En dan zijn er nog de bonen. Één van mijn favoriete bonen is de stoksperzieboon Melissa, met donkergroen blad met een bijna paarse waas. En donkerpaarse stelen en stengels, lilaroze bloemen en extra lange donkerpaarse bonen:

 

En dan nog bloemen, want wat is een moestuin zonder bloemen. Dit is de Amaranthus Hopi Red Dye, trouwens ook eetbaar (het blad en de zaden):

 

En naast de pronkbonen staan deze eenjarige planten; de Centaurea americana Lila. De bloemen zijn wel ruim 6 centimeter groot en trekken veel hommels aan (die je vaak amper ziet omdat ze volledig zijn ondergedoken in de lila bloemblaadjes):

 

En tot slot nog een nieuwe favoriet (denk ik, dat weet ik officieel pas over een paar maanden); de tomaat Black Keeper:

 

Nou ja, paars…. laten we het donkerpaarsbruin noemen 🙂 . En ze is echt zo rond en glimmend als ze op de foto lijkt. En keihard. En dat belooft veel goeds voor de houdbaarheid maar weinig goeds voor de smaak. Over dat eerste kan ik nog niets zeggen, ik heb een aantal tomaten op een donkere, iets koele plaats gelegd, en in de komende dagen, weken of misschien wel maanden gaan we zien hoe lang het duurt voor ze zacht worden, gaan schimmelen, of wat dan ook. Over de smaak kan ik kort zijn; die is gewoon prima! Wel harder/steviger dan een gewone tomaat, maar met een lekkere volle tomatensmaak met zoetje en zuurtje. Ik mijmer al over eigen bewaartomaten in de veldsla in december, ik ben benieuwd maar heb goede hoop!

Tot slot nog even een korte mededeling voor mensen die interesse hebben in de zadenlijst: mededelingen over die zadenlijst kun je op een eigen pagina vinden, zodat de mensen die dit blog lezen maar geen interesse hebben in de zadenlijst er ook niet mee lastig gevallen worden. Zadenlijst – nieuws

Nog één foto dan, niet paars, maar de oogst van deze week:

 

Kan een mens tomatenmoe worden? Nou, we slaan komende week de soep en saus eens over, maar een verse, sappige tomaat in mooie plakjes blijft altijd lekker. Gelukkig maar 🙂 .

 

Leeg… en weer vol

Wanneer je aardappelen kunt rooien? Mits de planten gezond zijn (zonder phytophthora) zou je na zo’n 100 dagen eens kunnen kijken hoe het met de aardappelen gesteld is. Oftewel; graaf er één op en je weet het 🙂 .

Bij deze een fotoreportage over het wel en wee van een verhoogde bak met vroege aardappelen:

Eerst een foto van het vak met vroege aardappelen 3 maanden geleden:

16 april: aardappelen gepoot. En als test eens met stroken antiworteldoek afgedekt (tegen onkruid en hopelijk houdt het ook wat vocht vast in de bodem):

 

19 juni: de planten groeien goed. Het antiworteldoek is al niet meer te zien (maar het ligt er nog wel hoor).

 

En dan vorige week: niet goed te zien op de foto maar wij vinden het wel genoeg geweest. Of eigenlijk vinden de aardappelen het wel genoeg geweest. Nog een foto van de bak:

 

En een foto van het blad, het wordt al geel zonder ziek te zijn:

 

En als we tussen het blad naar de stengels kijken zien we dat ook die laten zien dat het eigenlijk wel genoeg is geweest:

 

Tijd om er eens één plant te oogsten. Alleen noem je dat niet zo, de aardappelteelt heeft, ook voor hobbytuinders, een eigen vakjargon. Een aardappelplant heet een ‘stoel’ en aardappelen oogst je niet, je plukt ze niet; je rooit ze. Dus: Tijd om eens een stoeltje aardappelen te rooien, dat is het.

 

Indien ze nog niet groot genoeg waren geweest hadden we de rest van de planten gewoon laten zitten. Maar we zijn er blij mee, mooie grote aardappelen, en lekker veel. Dus mag de rest er ook uit;

 

En ja, dan blijkt het wel een beetje een rommeltje te zijn onder al dat blad. Het onkruid tiert welig rondom de verhoogde bak, maar in de bak zelf hebben we niet heel veel last gehad van het onkruid, met dank aan het antiworteldoek (dat we gewoon kunnen hergebruiken). We hadden deze bak in het vroege voorjaar (toen we de bak maakten) gevuld met bijna rijpe compost. Nu is wel duidelijk geworden dat dat nog flink ingezakt is.

We vullen de bak nu met wat zakken Mix voor je moestuinbak die ik van Pokon kreeg (en daar ben ik erg blij mee!):

 

Grond aangevuld, voldoende voeding, glad harken en weer vullen:

 

Kijk even goed, want het onkruid rondom de bak hebben we netjes weggehaald, en achter de bak zie je nog 2 stoelen annex tuintafel waar sla, andijvie en koolzaailingen wachten tot er nog een plekje in de tuin vrij komt (binnenkort, want we kunnen krootjes en worteltjes oogsten).

De stroken antiworteldoek liggen terug in de bak, maar die lelijke stenen zijn niet echt meer nodig;  we hebben een rol geplastificeerd spandraad gekocht van 3 millimeter dik en daar knippen en buigen we ‘gronddoek-vasthoud-boogjes’ van. Met flink wat wind wil er toch nog wel eens een gronddoekreep opwaaien dus gaan we nog wel wat steentjes gebruiken maar kleiner en veel minder dan alle stenen die we nog bij de aardappelen moesten gebruiken om alles op de plaats te houden. En het laatste reepje gronddoek links moet nog worden gelegd, maar toen was de dag wel voorbij (lees; ‘toen vonden we het wel genoeg geweest’).

In de bak staan nu winterprei, knolvenkel, sla, andijvie en krootjes. Een ratjetoe dus, en niet meer volgens welk vruchtwisselingsschema dan ook. Maar dat is een discussie apart, daar kom ik op terug, een andere keer, in een ander tuindagboek.

Ondertussen……

worden de gerooide aardappelen gewassen (want wij vinden het vervelend om elke keer kleihanden te krijgen wanneer we in de komende 8 tot 10 maanden aardappelen schillen, maar dat is een persoonlijke voorkeur):

 

Na het wassen moeten ze ook nog drogen:

 

Ook handig; omdat we ze wassen en drogen hebben we elke aardappel in onze handen en zien we het gelijk als er iets is beschadigd of er een verdacht/ziek plekje op de schil zit. Na het drogen zijn de aardappelen in kratten mee naar huis gegaan. Totale opbrengst uit 1 verhoogde bak van ruim 3 x 2 meter; ongeveer 45 kilo.

Over 2 weken zijn de middellate aardappelen in een ander vak aan de beurt…..

Tot slot nog even een fotocollage van de tomaten die we nu oogsten:

  • A = Garden Pearl
  • B = Eros
  • C: Malakhitovaya Shkatulka
  • D: Coral Queen
  • E: Black Icicle
  • F: Speckled Roman
  • G: Siniy
  • H: Sprite

Oh ja, en tot slot moet ik deze nog even laten zien. Want: geweldig!

 

Scabiosa atropurpurea Black Knight, de bloemen wel 4 centimeter groot, fluweelachtig, bijna zwart met wat zeer donkerroodpaars en witte puntjes = meeldraden.  En een grote hoeveelheden zoemende hommels erbij. ‘Zomerser’ dan dit wordt het niet!!

 

Oogst

Tjonge, wat een drukke tijd is dit toch altijd!

En helaas begint de tuin er een beetje verwaarloosd uit te zien, het onkruid groeit harder dan dat wij het weg kunnen schoffelen. En dat komt doordat we prioriteiten moeten stellen. Geef toe; als je ’s morgens naar de volkstuin gaat en je moet:

  • late worteltjes, bietjes, winterandijvie, snijbiet en nog zo’n 10 soorten zaaien
  • plusminus 50 koolzaailingen verspenen
  • ruim 30 planten in potten water geven
  • sla- en krulandijviezaailingen uitplanten
  • aardappels rooien
  • bonen plukken
  • omgewaaide Cosmos, stokroos en zonnebloem overeind helpen en met stokken vast zetten
  • tomaten plukken
  • paprika- en peperplanten opbinden
  • tomaten tikken, dieven,blad verwijderen en soms ook al toppen
  • de kassen water geven
  • courgettes oogsten
  • blauwe bessen plukken
  • aardbeienstekken nemen
  • papaverzaden oogsten
  • en wieden……..

…..dan staat dat laatste ook niet voor niets op die laatste plaats. We hebben er gewoon geen tijd voor, komen op de tuin, zetten onze tas en fles water neer en beginnen maar daar waar ons oog op valt. Elk jaar neem ik me voor om het netjes en opgeruimd te houden, en elk jaar denk ik in mei ook echt dat het ons gaat lukken 🙂 .

Laat ik niet klagen, we zijn blij met alle oogst hoor!! Het verdwijnt alleen niet vanzelf in vriezer of pot. Dus we zijn de hele dag druk in de tuin, o.a. met oogsten. Daarna sjouwen we ons rot om al die oogst thuis te brengen. En vervolgens staan we dan ’s avonds ook nog in de keuken. En toch noemen we het een leuke hobby, beetje masochistisch is het wel.

Zoek de 7 verschillen:

Kas 1, linkerkant op 7 juli:

 

Ja fijn, tomaten oogsten!! 2 emmers vol hadden we (want naast deze linkerkant kas 1 is er nog een rechterkant, en nog een kas 2 en een kas 3).

Dezelfde kas 1, linkerkant, op 11 juli (slechts 4 dagen later dus):

 

Ja, we kunnen alweer oogsten. 3 emmers vol dit keer (dat zie je hier misschien niet aan af maar dat komt omdat de wat latere vleestomaten in kas 3 nu massaal gaan rijpen).

Van de 3 emmers tomaten hebben we tomaten gegeten, 2 keer soep gegeten, en 12 potten tomatensaus van 650 cc ingemaakt.

 

En dus hadden we nu wel even rust, dachten we……

Maar vanmorgen, op 14 juli, 3 dagen na de vorige tomatenoogst deden we de deur van kas 1 open:

 

Zucht. “Ruud? Hebben we nog emmers staan? Ik denk dat ik weer tomaten kan plukken”. Ruud komt kijken, zegt een nogal lelijk woord en zoekt naar lege emmers voor weer een nieuwe oogst tomaten. We hebben ze niet, ze staan allemaal thuis. Is het vreemd om bijna opgelucht te zijn dat de tomaten een dag moeten wachten? Zoals gezegd, dit is maar 1 kant van 3 kassen, het worden weer 2 emmers, of 3. En ze verdwijnen niet vanzelf in de vriezer. Op zaterdag gaan we weer plukken (en dat is het minste werk).

En dat komt dan goed uit, want eerst moet deze oogst naar huis:

 

Dit is niet alles hoor, in totaal zijn het 18 van deze bossen met per bos 8 (dit jaar grote!) uien. Dat zijn 144 uien!?! En dan hebben we in de tuin ook nog witte uien staan, en rode uien, zomerprei, winterprei, sjalotten en lenteui. Wat moet een mens eigenlijk met zo belachelijk veel ui en uiachtigen? Ja, ze kunnen goed bewaard blijven tot volgend voorjaar. En dat is geweldig, jaarrond uien van eigen tuin eten. Maar het betekent wel dat deze bossen nu eerst naar huis moeten. Daar gaan we ze opbinden en ophangen in het houthok om te drogen. Na ongeveer 4 weken  is het loof bruin, kunnen we het afknippen, en de wortels ook, beetje schoon poetsen en dan in kratten de schuur in.

Dit gaat teveel op klagen lijken en dat wil ik niet en bedoel ik niet. Want terwijl ik zucht denk ik aan vorig jaar, in plaats van aan het oogsten waren we toen voor de vijfde keer (tevergeefs) worteltjes aan het zaaien 🙂 . Maar soms zou ik één dag de tuin en alles wat er in groeit willen vergeten. Gewoon 1 dagje even niks te oogsten of te koken, 1 dag schone handen 🙂 .

Tot slot van dit korte tuindagboek (ja, sorry hoor, ik moet nog even de blauwe bessen die we vandaag hebben geoogst invriezen, 4 courgettes raspen en invriezen, en een emmer bonen ‘afhalen’) nog 2 foto’s die ik even wil laten zien:

Een Ipomoea purpurea, maar dan een nieuwe vorm; dubbelbloemig! Als je er meer over wilt weten, google dan op Japanese Hige Feathered Morning Glory. Ze staat hier in een speciekuip en bloeit nu volop.

 

En de andere foto is die van een paprika die ik eens had, de paprika Lilac, maar op een gegeven moment ben ik haar verloren (de zaden kiemden niet meer), ik ben erg blij dat ik haar terug heb!

 

Uiteindelijk rijpt ze naar donkerrood met een wat paarsachtige waas. Maar tot die tijd genieten we van deze bijzondere kleur!

En tot slot; ik heb op de website van Pokon ook nog een blog geschreven, dit keer over de wat meer bijzondere tomatenrassen die er bestaan, zoals blauwe tomaten, buideltomaten, bicolors, etc. : Tomaten – bijzondere vormen

 

Allemaal foto’s

Misschien een rommeltje dit keer, maar ik heb gewoon nogal wat verschillende dingen te melden. Dus ik maak er maar een opsomming van:

Punt 1: in reactie op mijn vorige blog zag ik 2 berichtjes waarin werd gevraagd of en hoe slecht het is wanneer een tros tomaten dubbel knakt. Ik heb ook wel eens meegemaakt dat een tros van de plant scheurde maar dat is slechts 2 of 3 keer in mijn tomatencarrière geweest. Als ik het echt niet meer vertrouw, dan kan ik altijd nog een omgekeerde emmer als krukje gebruiken en de tros daarop laten rusten. Maar in principe – als een tomatenplant gezond en stevig is – is de stam waar de tros tomaten aan hangt dik en sterk genoeg om de tros tomaten te dragen.

 

Op deze foto van de tomaat Liguria zie je hoe door de zwaarte van de tomaten de steel van de tros dubbel knakt. Ik vertrouw er maar op dat er niets scheurt. En uiteindelijk gaan de tomaten nu rijpen, en bij elke tomaat die wordt geplukt wordt de tros minder zwaar en is er minder kans op scheuren.

Punt 2: ik liet op facebook al een foto zien van de eerste oogst van de tomaten, hier natuurlijk ook een foto, vanuit een andere hoek (en misschien wel een mooiere foto, vind ik zelf):

 

Veel cherrytomaatjes, maar dat zijn vaak ook de vroegste tomaatjes (uitzonderingen daargelaten). Andere vroege tomaten op de foto: de knalgele Dulcia links bovenin, de vroege donkere vleestomaat Black & red Boar links, de vroege groene vleestomaat-met-moeilijke-naam rechts is het ras Malakhitovaya Shkatulka. En de overheerlijke abrikooskleurige Blush rechts onderin natuurlijk.

Punt 3: ook geoogst; de knofloken:

 

Waren ze echt helemaal klaar met groeien? Nou, bijna wel. Hadden ze nog even kunnen blijven staan? Ja, dat ook. Maar er was ruimtegebrek. Ik had de knolvenkels wellicht beter een weekje later kunnen zaaien, want die Moesten (met hoofdletter) nu wel uitgeplant worden. Dus, hop, knofloken eruit, grond weer glad harken, knolvenkelzaailingen erin, water geven.  En groei! Zo staan er nog wel meer zaailingen te wachten tot er plaats is in de tuin.

Op deze foto zie je de knofloken hangen, onder het afdak van het houthok. Daar hangen ze lekker droog, uit de zon en toch in de wind.

 

Over een kleine maand zijn ze droog genoeg, dan knippen we wortels en verdorde bladeren weg en kunnen de bollen knoflook naar de schuur voor bewaring.

Punt 4: ik heb mezelf een cadeautje gegeven, een app waarmee ik heel snel en makkelijk foto-collages kan maken. Ik heb er bijvoorbeeld al één op de pagina van de inmaak geplaatst:

 

Fotocollage van de aardbeien-aalbessengelei die ik maakte. Ik ga er vast vaker gebruik van maken, want ik vind het een soort vrolijke foto-samenvattingen.

Punt 5: Voor wie het wat interesseert; wij hadden gisteren een heerlijke avond met vrienden, gezellig de hele avond buiten zitten tafelen. Terwijl het langzaam donker werd kregen we plotseling op 2 meter afstand bezoek:

 

De zaadjes lagen er nog voor de tortelduifjes die tegenwoordig samen met een jong zo ongeveer in onze tuin wonen. En als er tortelduiven in onze tuin mogen wonen, waarom zou een muisje dat dan niet mogen? Trouwens, ‘Zij die een houthok hebben krijgen er gratis muizen bij’. Later zagen we nog één, die kwam vanaf de andere kant aangerend en kruiste de vluchtroute van de eerste muis. Ze zijn allebei welkom, maar we hoeven er niet nog heel veel meer. We hopen dan ook dat dit de enige 2 muizen zijn en blijven (en dat het dus 2 vrouwtjes of 2 mannetjes zijn 🙂 ).

Maar waar wij graag gedogen hebben we nog een huisgenoot die er helemaal niet van gediend is:

 

Hoezo, hevig geïrriteerd?

Punt 6: ik ga me langzaam terugtrekken voor de zadenlijst. Ik ben al begonnen met de eerste beschrijvingen en de eerste zaden staan al te fermenteren. Maar nu de grote oogst van o.a. tomaten gaat beginnen krijg ik het te druk voor 2 blogs per week. En dit hoop ik dan allemaal te oogsten:

 

En voor alle duidelijkheid; ja, wij lusten ook smeerkaas, maar onze katten hebben er in de afgelopen jaren veruit het meeste van op (handig ook om een pilletje in te verstoppen). Uiteindelijk houd je er handige doosjes aan over met een redelijk stevige sluiting.

En tot slot: nog een fotosamenvatting, van het eten gisteravond. Naast goed gezelschap, goed weer en goede wijn is ook goed eten een voorwaarde voor een mooie avond. Ik weet niet of onze oud-tuinbuurvrouw Ans nog wel eens meeleest maar Ans zegt altijd: “Je kunt beter herinneringen sparen dan centen”. En dat is zo.

 

De recepten van het bijzondere Bloody Mary ijs (met olijfjes en serranoham), de focaccia/pizzaccia en de pavlova met limoenkwark, sinaasappel en blauwe bessen (maar toen was het al laat en dus donker) staan op de website.