Tomaten en kruisbestuiving

Nou ja zeg, nu heb ik toch al 25 jaar een moestuin met kas, met tomaten, en nu lees ik afgelopen week dat een tomaat niet kruist omdat ze een ‘gesloten bloem’ heeft.

Lekker vlot, nog nooit over nagedacht. En geloof ik het dan zomaar, door een stukje tekst van 1 persoon? Nou, natuurlijk ook niet gelijk, dus nog wel gegoogeld en in andere boeken gekeken, en eens naar de bloempjes in de kas gekeken.

Voor wie het allemaal nog abacadabra is, eerst even een foto van een peperbloem:

 

Paprika’s en pepers (behorend tot dezelfde plant Capsicum) hebben duidelijk een open bloem. Je ziet de meeldraden en de stamper. Het stuifmeel hoeft slechts een paar millimeter te reizen om op de stamper te landen en dan is de bloem bevrucht en kan het vruchtbeginsel uitgroeien tot een paprika of peper. Zo heb ik het tenminste altijd gelezen/begrepen/ervaren. Door een tikje tegen de plant, of wat wind is die korte afstand al overbrugd. Maar een hommel of bij of andere bestuiver kan er ook wel heel goed bij en kan dus het stuifmeel verplaatsen en deze bloem, of een andere (kruisbestuiving) bevruchten.

Op internet vond ik dit tekeningetje dat dat duidelijk maakt:

Ja, dat klopt zo wel in mijn ervaring.

Maar dan de tomaat, die blijkt dus een gesloten bloem te hebben, zegt men. Een bestuiver kan niet bij het stuifmeel en dus niet (kruis)bestuiven. En op dezelfde webpagina vond ik dit tekeningetje van de tomatenbloem:

 

Oftewel, de stamper zit binnenin de tomatenbloem, en het stuifmeel ook, opgesloten en bijna tegen elkaar aan.

En dat herken ik inderdaad ook wel een beetje:

 

En ik heb ook in de afgelopen jaren wel eens gedacht dat een tomatenbloem een bijzondere bloem is en dat een hommel er lastig bij kan. En ik dacht dan ook dat dat de reden is dat insecten niet graag tomatenbloemen bezoeken. En dat er weinig lekkers in een tomatenbloem voor ze zit. Zoiets.

Pepers en paprika’s kruisen door hun open bloem veel makkelijker/sneller dan tomaten, dat weet ik. Maar is een tomatenbloem echt altijd helemaal gesloten, kan er geen bij of hommel bij?

Nog een foto uit mijn eigen archiefje van zelfgemaakte foto’s:

 

Ja, wel echt bijna gedraaid en daar kan toch geen insect of penseel bij om te bevruchten, dat moet ze echt zelf en van binnen regelen (door wind of een tikje tegen de plant wordt in de bloem de millimeter afstand afgelegd van stuifmeel naar stamper. Maar als je goed op de foto kijkt zie je links ook nog een tomatenbloempje en dat lijkt wel open te staan. Nog een foto gevonden:

Een echte landingsplaats voor insecten zou ik het niet willen noemen maar dit is een tomatenbloem die toch zeker niet helemaal gesloten is.

En als de meneer of mevrouw van de tekst gelijk heeft zou je geen foto’s van insecten bij/in een tomatenbloem kunnen vinden. Maar het stikt op internet van de foto’s van hommels en bijen en andere insecten die in/aan/op een tomatenbloem zitten of hangen. Deze foto plus onderschrift vond ik op internet:

A bumblebee collects pollen from a blooming tomato plant in a greenhouse of the Fontana Gartenbau GmbH gardening and horticultural company in Manschnow, eastern Germany, on February 20, 2017.
The company works with colonies of bumblebees to pollinate its plants. / AFP PHOTO / dpa / Patrick Pleul / Germany OUT

 

Conclusie? Misschien ligt de waarheid in het midden. Ik denk dat sommige tomatenbloemen zo gesloten zijn dat een bestuiver er niet bij kan, maar ik denk dat elke tros of bijna elke tros wel 1 of meer bloempjes bevat die net genoeg open staan voor een bestuiver om erbij te kunnen.

Het zou in ieder geval verklaren waarom tomaten maar ‘zelden kruisen’, maar dus niet ‘nooit kruisen’. En als bedrijven in kassen hommels uitzetten om voor de bevruchting te zorgen, dan zullen die dat ongetwijfeld hebben onderzocht en daar het nut van inzien.

Toch leuk om te weten en erover na te denken, vind ik zelf. Voor de mensen die dit allemaal geen snars interesseert (want dat kan ik me ook heel goed voorstellen, zeker als je geen tomaten en/of paprika’s en pepers hebt) heb ik op de pagina van Pokon ook nog een blog geschreven, met iets over mijn favoriete eenjarigen van dit jaar, lekker veel foto’s van mooie bloempjes, al dan niet zelfbestuivend, en al dan niet met open of gesloten bloemen 🙂 . Mijn favoriete eenjarigen van 2017.

Tot slot: foto’s van insecten op een tomatenbloem heb ik niet, ik heb wel eens een hommel bij een tomatenbloem gezien maar dat is wel sporadisch. Als ze mogen kiezen (en ze kunnen in onze kas kiezen), dan gaan ze voor de komkommerbloemen, meloenbloemen, peperbloemen, paprikabloemen, basilicumbloemen (ja, die vinden ze misschien nog wel het allerlekkerst), auberginebloemen. Een hommel op een peperbloem:

 

Mocht je dus zaden willen oogsten van je zelfgeteelde tomaten; de kans op kruisbestuiving door insecten bij tomaten lijkt mij echt heel klein, maar dus toch zeker niet onmogelijk.

 

Het Kwaad

Zo noemt mijn vader phytophthora. “Zit Het Kwaad al in je aardappelen?”, vraagt hij dan. Het klinkt duidelijk onheilspellender dan het woord phytophthora met al die ph’s en th’s. En dat is het ook, phytophthora lijkt wel een beetje op een sluipmoordenaar die toeslaat wanneer je even niet oplet, en dat kan op verschillende plaatsen en manieren zijn.

Phytophthora in aardappelen en tomaten zijn berucht. Denk aan de Ierse aardappelhongersnood rond 1845-1850, waarbij direct en indirect meer dan 2 miljoen (arme en van aardappeloogst afhankelijke) mensen omkwamen door misoogsten, door phytophthora. Akelig verhaal waar ik verder ook niet het fijne van weet, google vooral op Ierse aardappelhongersnood als je er meer van wilt weten.

En dan is het nu meer dan anderhalve eeuw later, en nog steeds eten we aardappelen, en nog steeds is er phytophthora. Al is er nu wel een medicijn voor, voor zover ik weet moet daarvoor tijdens de gehele teelt elke 8 dagen het aardappelveld worden bespoten (maar corrigeer me vooral als ik het mis heb). Dat willen we niet en dus nemen we de gok, zoeken we resistente rassen, poten vooral vroege rassen. En we zuchten berustend als Het Kwaad ons weer eens voor was.

Gisteren gespot bij onze eerstejaars tuinbuurman (nee, vandaag geen vrolijke plaatjes):

 

En hij was zo trots op zijn rijpe buitentomaten. Ik heb nog wel voorzichtig geprobeerd te vertellen dat de kans heel erg groot was dat de tomaten niet eetbaar zouden zijn, en iets uitgelegd over phytophthora (vooral dat het ruimen van de planten en een goede vruchtwisseling nu heel belangrijk zijn). Maar hij zag niet zo veel kwaad in deze plekjes. Mijn vader zou zeggen; “Maar dit is Het Kwaad!” 🙂 . Voor alle duidelijkheid, zijn aardappelen zien er zo mogelijk nog erger uit, ik heb er geen foto van gemaakt maar denk een beetje aan dit:

 

En zo zien de aardappelen zelf er dan uit, net als bij de tomaten zijn het beurse en zachte plekken, rot en de geur is zo ongeveer onvergetelijk (en dat bedoel ik niet positief).

 

Voor alle duidelijkheid nog heel even kort wat phytophthora is en wat het doet (voor zover ik dat dan weet, ik weet het ook alleen maar van mijn vader, tuincollega’s en uit een boek, ik ben geen bioloog hè):

  • Phytophthora is een pseudoschimmel (kan je nagaan, niet eens een echte).
  • Ze kan optreden bij vochtig en warm weer (en dat was het in de afgelopen 6 weken ook wel).
  • Ze verspreidt zich razendsnel en over vele kilometers door de wind (dus als je buurman phytophthora in zijn aardappelen heeft is de kans zeer groot dat je eigen planten ook getroffen zijn of worden).
  • Ze kan funest zijn voor tomaten en aardappelen (en nog wel meer planten maar dit zijn de 2 meest belangrijke en eetbare planten in de moestuin)
  • Ze kan enige jaren in de grond overleven, zonder enige hinder van vorst of andere weersomstandigheden, en dus volgend jaar, of het jaar erop, of het jaar daarop weer toeslaan wanneer er in die grond weer aardappelen of tomaten worden geplant/gepoot en er weer vochtige en warme omstandigheden komen.
  • er bestaan wel resistente rassen maar dat is altijd in cijfers of percentages uitgedrukt, voor zover ik weet bestaan er geen rassen die volledig resistent zijn.

Zo, en dan over onze aardappelen en tomaten. Onze vroege aardappelen (Tiamo) hebben we gerooid voor phytophthtora kon toeslaan en daar hebben we een prima oogst van in de schuur liggen. Onze middellate aardappelen (het biologische en deels resistente ras Solist) hebben we 2 weken geleden gerooid. Met zo’n 50 kilo aardappelen als opbrengst.

 

Na het rooien hebben we ze gelijk gewassen en gecontroleerd, en alles wat beschadigd of ziek leek gelijk weggegooid, dat was een kwart emmertje. We hebben de ‘goede aardappelen’ laten drogen en vervolgens in kratten mee naar huis genomen.

Maar dan nu het geniepige van Het Kwaad; soms houdt ze zich schuil onder een mooie en schone aardappelschil maar komt haar ware aard tevoorschijn wanneer ze samen met haar broertjes en zusjes aardappelen in een krat in de schuur staat. En dus controleer je altijd nog minstens 1 of 2 keer je aardappeloogst na de opslag. En zo ook Ruud, 1 week na de oogst is hij de schuur in gegaan om de krat met Solist-aardappelen te controleren, en van de 50 kilo kon hij er zo’n 5 kilo aan aardappelen tussenuit vissen die ondertussen ook waren gaan ‘phyophthorotten’.

En gisteren nogmaals de aardappelen die vorige week nog normaal leken gecontroleerd en weer zo’n 5 kilo “kwaaie aardappelen” er tussenuit gevist. Het lijkt een beetje op het kinderverhaaltje van de 10 kleine kuikentjes of aapjes of visjes of wat dan ook (….. en toen waren er nog maar 9… en toen waren er nog 8…). Volgend weekend weer controleren, en pas als we helemaal geen rotte aardappel meer tegenkomen en dat dan nog 2 keer/weken hebben gecontroleerd, dan gaan we er vanuit dat het restant aan aardappelen gezond is en mee de winter in kan.

De moraal van dit verhaal? Juich nooit te vroeg.

Dat doen wij trouwens al jaren niet meer hoor, door schade en schande wijs geworden als het om aardappelen en tomaten en phytophthora gaat. We zijn heel blij met onze vroege oogst van gezonde Tiamo-aardappelen, en wat er van deze latere oogst nog overblijft zullen we wel zien. En de tomaten in de kas doen het ook nog prima (in de kas waait geen ‘kwade’ wind). En nog wat tips om phytophthora te voorkomen:

  • houd een vruchtwisseling van minsten 1 op 4 jaar aan en liever nog 1 op 6 jaar voor tomaten en aardappelen
  • poot en plant gezonde pootaardappel- en tomatenrassen
  • met vroege aardappelen ben je vaak (afhankelijk van de weersomstandigheden) de phytophthora- rush net voor, hoe later het aardappelras, des te langer ze in de grond zit, des te groter is de kans op warm en vochtig weer en des te meer kans op phytophthora
  • zorg dat planten goed op kunnen drogen na regen (door bijvoorbeeld de plantafstand ruim te houden en de planten in de wind te planten). Verwijder zo nodig wat blad bij tomatenplanten.
  • controleer je planten en tuin goed en rooi de aardappelen en tomatenplanten zodra je phytophthora hebt geconstateerd bij eigen planten of bij tuinburen.
  • open deur: gooi geen resten van zieke planten op je composthoop
  • controleer je aardappeloogst nog een paar keer, ook al leek het bij de oogst zelf allemaal prima
  • en vooral; smeek de weergoden om een lekker warme en droge zomer (voor aardappelen, voor tomaten maar wij zelf varen er ook wel bij 🙂 )

Genoeg over phytophthora en de nare foto’s. Om wel een beetje vrolijk en positief te eindigen nog wat foto’s van bloempjes, bijtjes, een zonnetje, en gezonde oogst:

De bramen!! Als het nu eens een week droog blijft kunnen we er daar veel van oogsten;

 

En van een paar bramen (en blauwe bessen en frambozen) deze lekkere taart gebakken:

 

Crème Brûléetaart, het recept beloof ik ergens vandaag nog op de website te plaatsen: Gelukt, hier: Crème Brûléetaart

De Brachyscome iberidifolia bloeit nog even rijk als in juni:

En tot slot nog wat tomaten. Met vooraan mijn liefste Liguria’s, daarachter de overvloed van Oranje van Goeijenbier-cherrytomaten, rechts de heerlijke Great White’s en links de kaneel-groene Malakhitovaya Shkatulka’s: