Bieslook

 

Bieslook is misschien wel één van de meest bekende (en gebruikte) kruiden in de Nederlandse keuken.

De Latijnse naam is Allium schoenoprasum, en ze is nauw verwant aan andere Allium-soorten in de moestuin zoals uien, knoflook, prei en de iets minder bekende knoflookbieslook (die groeit zoals bieslook maar met wat grovere blaadjes die ook meer knoflookachtig smaken). Bieslook smaakt heel fris en uiachtig, de ‘sprieten’ zijn lekker in zowel warme als koude gerechten, voeg de fijngesneden sprietjes vooral pas op het laatste moment toe zodat de smaak het best tot haar recht komt.

 

PLANT

Bieslook is een prima winterharde vaste plant, ze is niet wintergroen. Dat betekent dat de planten in de herfst afsterven en in het vroege voorjaar (meestal rond maart) weer uitlopen. Zodra de planten in het voorjaar weer genoeg sprieten hebben kun je die oogsten, de plant maakt tot en met september/oktober constant weer nieuwe sprieten.

Aan het einde van de lente gaat bieslook bloeien, met mooie lilapaarse bloemen (hoewel er ook een ras met witte bloempjes bestaat). Die bloemen zijn trouwens ook eetbaar en hebben een zachte uiachtige smaak. En de bloemen trekken veel bestuivers, van solitaire bijtjes tot hommels.

Rijkbloeiende bieslookplanten

 

De plant wordt zo’n 35 centimeter hoog, in bloei iets hoger omdat de bloemen op wat stevigere steeltjes (die ook wat stugger en daardoor minder lekker zijn) boven het blad uitsteken.

Verwijder na de bloei de uitgebloeide bloemen (en bij voorkeur knip je die dan inclusief de wat stevigere steeltjes zo diep mogelijk in de plant weg). Doe dat op tijd, voor de uitgebloeide bloemen zaden hebben gemaakt. Zo voorkom je dat de plant energie ‘verspilt’ aan het maken van zaden in plaats van aan nieuwe sprieten voor de oogst. En tegelijkertijd voorkom je dat de zaden in je tuin belanden, kiemen en nieuwe plantjes maken (tenzij je nieuwe planten wilt – maar dan nog kan ik je adviseren om liever wat zaden te oogsten en in potjes te zaaien dan ze rijkelijk te laten vallen; zaailingen van bieslook wortelen behoorlijk diep en zijn daardoor wat lastig te verwijderen of te verplanten.

Ook tijdens de bloei kun je bieslooksprieten oogsten, er is weinig of geen verschil in smaak. Na de bloei in de late lente zie je vaak dat, afhankelijk van standplaats, vocht, voeding, etc. de planten ook in de zomer en/of nazomer nog een kleine nabloei geven.

Bieslook houdt van een plekje in de zon of in de halfschaduw.

 

BODEM / BEMESTING

De bodem mag wel wat humus bevatten zodat een teveel aan water afgevoerd kan worden, maar ze houdt ook niet van droge grond; bij voorkeur dus luchtig en vochtig. Spit wat compost of verteerde stalmest onder voor je haar gaat planten. Hier krijgt ze daarna elk jaar wat samengestelde organische meststoffen. Dat geef ik in februari, vlak voor de planten weer uit gaan lopen. En ik geef, na flink wat geoogst te hebben, rond juni/juli nog een klein beetje voeding, zodat ik ook genoeg bieslook kan oogsten in de tweede helft van het jaar. Zelf gebruik ik een meststof zoals de groene Culterra, maar elke andere meststof die een kleine hoeveelheid stikstof bevat (voor de groei van het blad) is prima.

Een bieslookplant loopt na de winter weer uit, begin maart

 

OPKWEEK

Bijna alle Alliumzaden zijn slechts kort kiemkrachtig (dus ook prei, uien, etc.!). Bovendien vinden ze een koudeperiode vaak prettig bij het kiemen (maar dat hoeft niet perse).

Zaai de zaden binnen 1 tot hooguit 2 jaar na het oogsten. Zaai, omdat je uiteindelijk een mooie volle plant wilt, wat meerdere zaden wat dichter bij elkaar, op een afstand van 1 of 2 centimeter. Zaai de zaden in het vroege voorjaar in potjes of een tray bij slaapkamertemperatuur voor (rond de 12 tot 15 graden). De zaden kiemen dan binnen 3 weken. Als dat niet geval is, zet de potjes met zaden dan 4 weken lang buiten –  wat beschut tegen al te veel regen en wind, maar een nachtvorst zal haar niet deren (eerder aansporen om uit de kiemrust te komen). Na de 4 weken kun je de potjes dan weer naar binnen halen voor de kieming.

Zelf zaai ik haar graag in februari in de onverwarmde kas, dan kiemt ze vaak binnen een week of 4. Maar ik heb de zaden ook wel eens binnenshuis bij kamertemperatuur gezaaid en daar kiemden de zaden toen ook gewoon prima, en al binnen 2 weken. En je kunt de zaden bijna jaarrond zaaien, maar de voorkeur ligt natuurlijk bij het vroege voorjaar omdat de planten dan een heel tuinjaar hebben om te groeien, je zelfs al wat kunt oogsten en de planten sterk hun eerste winter in gaan.

Nog veel makkelijker is het om niet te zaaien maar een plant te kopen. Dat kun je in een tuincentrum doen maar je ziet ook vaak in supermarkten aanbiedingen van kruiden in een potje, vaak voor niet veel meer dan 1 euro. De bieslook in zo’n potje kun je gebruiken in de keuken, maar na het afknippen van de sprieten ook prima uitplanten in de tuin, of in een wat grotere pot buiten zetten, want de plant zal in wat verse, voedzame weer prima uitlopen. Je kunt er sneller van oogsten dan van zelfgezaaide planten. Aan de andere kant zijn de kruidenplanten in pot vaak niet biologisch.

 

PLANTEN

Aangezien de planten winterhard zijn mogen de zaailingen ook al ruim voor mei buiten worden uitgeplant. Uiteraard moeten de zaailingen wel groot genoeg zijn. En als je ze bij kamertemperatuur in huis hebt voorgezaaid moet je de zaailingen wel afharden voor je ze uitplant (een week of 2 lang overdag al buiten zetten en in de nacht weer binnen halen voor je ze definitief buiten laat).

Plant de zaailingen, mits groot genoeg, op een zonnig of beschaduwd plekje uit, het liefst in 1 mooie volle pol. Omdat de blaadjes telkens opnieuw verschijnen hoef je er geen rij voor te zaaien, 1 of 2 flinke planten geven de hele zomer meer dan voldoende opbrengst.

 

TEELTZORGEN

Er zijn eigenlijk weinig teeltzorgen bij de bieslook; eenmaal een mooie plant blijft ze jarenlang staan. Ze kan goed tegen kou, tegen natte perioden maar ook tegen warme perioden. Geef in droge perioden (en bijvoorbeeld bij de teelt in een pot of in een verhoogde bak) uiteraard regelmatig water, en zorg voor een goede afwatering zodat de planten niet heel lang kletsnat blijven staan.

Je kunt regelmatig een deel van de sprieten plukken. Maar als je heel veel nodig hebt kun je eventueel ook alle sprieten afknippen en dus de hele plant een paar centimeter boven de grond afknippen; binnen een paar weken heeft ze weer evenveel nieuw blad gemaakt en kun je gewoon weer verder oogsten.

 

OOGST / BEWAREN

De sprieten blijven helaas niet heel lang goed, hooguit 2 of 3 dagen (in een licht vochtig keukenpapiertje gerold in de koelkast). Maar oogst vooral verse bieslook zo kort mogelijk voor je haar in de keuken gaat gebruiken.

Drogen vind ik bij bieslook niet erg goed gaan; het duurt lang voor de sprieten droog genoeg zijn om te bewaren ( omdat ze veel vocht bevat), en van de smaak blijft na het drogen niet veel meer over.

Ik vries bieslook wel in en dat heeft hier in ieder geval meer succes; Ik knip ze in kleine stukjes en doe ze dan goed gedroogd in plastic zakjes die ik zo luchtdicht mogelijk dichtknoop – zo is ze nog prima geschikt voor soep en saus. Ik vries niet heel veel in want uiteindelijk kan ik alleen in november, december en januari helemaal niets oogsten, op een beschutte standplaats lopen de planten hier vaak half februari al weer uit.

 

ZAADTEELT

Bieslook kruist niet met knoflookbieslook of met andere Alliums, maar uiteraard kruisen de lilapaarsbloeiende en de witbloeiende vorm wel met elkaar.

Laat na de bloei in de late lente 1 of 2 uitgebloeide bloemen aan de plant. Op het moment dat de hoesjes grijsbruin zijn en geheel open liggen en je de gitzwarte zaden ziet zitten zijn ze rijp en kun je de zaden oogsten (wrijf met duim en wijsvinger of de uitgebloeide bloem en dan vallen de rijpe zaden in je handen). Laat ze nog een paar dagen goed drogen.

Zoals eerder gezegd zijn Alliumzaden niet lang kiemkrachtig: bewaar ze koel en donker en zelfs dan zijn ze maximaal 2 jaar kiemkrachtig.

Bieslookbloem met hommel