Selderij

Geen foto’s van selderij? Blijkbaar niet, daar ga ik dit jaar iets aan veranderen. Blijkbaar is ze hier zo vanzelfsprekend dat ik er gewoon nooit aan denk om er foto’s van te maken. Dat geeft wel ook gelijk aan dat we haar hier dus elk jaar zaaien/planten, ze hoort hier bij de standaard kruiden in de tuin.

Ze heeft een hartige, kruidige smaak die erg lekker is in bijvoorbeeld soepen, maar ook een handje fijngesneden blaadjes door bami of nasi doet wonderen als je die niet heel vol van smaak vindt, lekker ook in eiergerechten, etc.. Ik moet altijd een beetje denken aan Maggiplant (Lavas, Levisticum officinale), het is een andere smaak maar het zit wel duidelijk in dezelfde hartige hoek van de smaak).

Heel vaak worden selderij en peterselie door elkaar gehaald. En platte peterselie lijkt in de verte ook wel iets op selderij. Maar even van allebei een blaadje plukken, wrijven en ruiken maakt het direct onomstotelijk duidelijk; peterselie is fris en groen van geur, selderij zwaar, kruidig en hartig. Als ik aan selderij ruik moet ik altijd gelijk aan erwtensoep denken 🙂 .

De Latijnse naam van selderij is Apium graveolens, ze wordt ook wel snijselderij, bladselderij of selder genoemd, in het Engels celery, leaf cutting celery of soup celery. Ze is nauw verwant aan zowel bleekselderij en knolselderij. Snijselderij is een tweejarige plant.

 

TEELT

Selderij groeit in haar eerste jaar voortdurend aan; mits je het hart van de plant intact laat kun je er de hele zomer en herfst van blijven plukken. In de lente gezaaid levert ze hartige blaadjes tot in de winter. Indien je haar in de winter een beetje beschermt tegen de vorst, kun je ook in de winter nog wat oogsten. Om in de winter nog wat meer te oogsten, kun je in juli/augustus zaaien en de planten in de platte bak of koude kas (of in huis) laten overwinteren, voor oogst in de winter en de vroege lente.

Zelf zet ik meestal 2 planten in een jaar, en 1 van die 2 planten schep ik met flink wat grond aan de wortel in september uit de grond en kuil haar zo in in de kas. Gelijk water geven en dan groeit ze daar in de herfst verder. Omdat het in de winter in de kas toch iets minder koud is (zeker op zonnige dagen, de grond bevriest minder snel in de kas) kun je dan vaak in de winter nog verse selderij plukken (uiteraard afhankelijk van de strengheid van de winter). In april (als de nieuwe selderij buiten is geplant) haal ik de oude selderij uit de grond in de kas en gaat ze op de composthoop. Want in haar tweede jaar zal selderij al in het voorjaar gaan bloeien, en dan wordt de smaak duidelijk minder, en er zijn dan ook weinig blaadjes meer te oogsten (alle energie gaat dan naar de bloeischermen).

Snijselderij in de winter, vanuit het hart verschijnen er toch nog steeds kleine eetbare blaadjes.

 

RASSEN

De meeste zaadhandels verkopen haar alleen onder de naam bladselderij of snijselderij. Soms kom ik een rasnaam tegen, zoals ‘gewone groene’, ‘gewone snij’, en soms ‘Amsterdamse donkergroene (met blijkbaar wat fijner blad).

 

STANDPLAATS / BEMESTING

Selderij groeit op alle soorten gronden, mits die maar humusrijk en vochthoudend is. Selderij groeit goed in de zon, als de grond maar niet heel droog wordt. Maar zelf plant ik haar liever in de halfschaduw, daar blijft de grond iets langer vochtig, en daar blijven de blaadjes vaak ook wat mooier groen dan in de felle zomerzon.

Als voeding geven we haar wat algemene moestuinvoeding zoals Culterra, als je geen bezwaar hebt tegen een kunstmest zou je een klein handje 12-10-18 kunnen geven. Bedenk in ieder geval dat wat stikstof in de voeding het belangrijkst is, want stikstof zorgt voor de groei van de groene blaadjes. Houd je wel aan de hoeveelheid op de verpakking, teveel stikstof zorgt dan weer voor zwakke planten, lange dunne stengels, snel omvallen, en uiteraard minder smaak.

Ik heb ergens gelezen dat ze niet graag naast peterselie staat, maar ik zaai peterselie vaak tegelijkertijd met snijselderij, en omdat ze allebei graag in de halfschaduw staan en ook dezelfde grond/voeding willen, komen ze hier dus ook vaak bij elkaar op hetzelfde stukje grond terecht. Ik heb nooit gemerkt dat ze het niet naar hun zin hebben, al plant ik ze nooit echt direct naast elkaar, maar met een metertje ertussen zie ik hier in ieder geval geen problemen.

Omdat je aan 1 of 2 planten wel genoeg hebt voor een heel jaar verse selderij hoef je haar dus niet perse mee te nemen in de vruchtwisseling, hier staat ze (juist omdat ze ook prima tegen halfschaduw kan) vaak op een verloren hoekje in de tuin, achterin bij de sloot, naast de rabarberplant (die krijgt ook altijd wat extra stikstof), achter de kas, etc.. Wil je haar toch meenemen in de vruchtwisseling, dan past ze dus het best op het landje van de bladgewassen (want je eet de blaadjes), je teelt haar bij voorkeur niet in een jaar voor of na knolselderij of bleekselderij.

Selderij in pot? natuurlijk, ook heel handig en leuk! Om op een balkon te houden, of een tuintafel of in ieder geval dichtbij de keuken. Bedenk dat je wel een wat grotere maat pot wilt gebruiken, zoals gezegd houdt selderij niet van droge grond, en met een kleine maat pot is er meer kans op uitdrogen van de grond – als dat gebeurt verkleuren de blaadjes direct, ze worden geel, bruin en verdorren. Dus een wat grotere pot en goede potgrond en regelmatig water geven zijn belangrijk. Ook belangrijk; zorg voldoende voeding, 8 weken na het oppotten van de zaailingen is de voeding in potgrond uitgewerkt en zul je bij moeten gaan voeden. Dat kan met een voeding die je elke week moet oplossen in water en dan moet geven, of met korrels van al dan niet biologische moestuinmest of met bijvoorbeeld een langwerkende meststof. Wat je ook gebruikt; houd je aan de aanwijzingen op de verpakking, en geef een voeding waar in ieder geval wat stikstof in zit (de N in NPK op de achterkant van de verpakking).

 

ZAAITABEL, PLANTEN, OOGSTEN EN PLANTAFSTAND

 

OPKWEEK

Selderij kiemt al bij lagere temperaturen (rond de 10 graden), al duurt de kieming dan natuurlijk wel langer dan wanneer je haar bij kamertemperatuur zaait. Zelf zaai ik al jaren selderij rond begin februari in de koude kas. Dat gaat prima maar het kiemen duurt dan inderdaad zeker wel 4 tot 6 weken. In die periode staat ons huis echter al helemaal vol  met peperzaailingen, paprika’s, etc. dus alles wat kan kiemen in de kas moet daar maar staan. Maar als ik meer plaats had in huis (of minder paprika’s 🙂 ) zou ik haar in huis zaaien, de zaden kiemen daar vaak binnen ongeveer 3 weken (wat dus nog altijd een vrij lange tijd is).

Als je haar binnenshuis wilt voorzaaien moet je er wel rekening mee houden dat je de zaailingen moet afharden voor je ze kunt planten (de overgang van een warm huis naar de nog erg koude grond eind februari/begin maart is groot – zet de zaailingen eerst een week of 2 overdag buiten en in de nacht binnen, of zet ze een week of 2 in de platte bak of koude kas om af te harden).

 

TEELTZORGEN

Er zijn geen bijzondere teeltzorgen. Geef vooral de jonge planten regelmatig en voldoende vocht want selderij houdt van een vochtige standplaats. Knip lelijke, dorre bladeren regelmatig weg want dat kost de plant energie en je gaat ze toch niet eten. In een warme, droge, zonnige zomer kan selderij soms toch doorschieten (al doet ze dat normaal gesproken pas in haar tweede jaar). Het bloeien kost de plant veel energie, knip daarom in een vroeg stadium de bloeistengel al zo diep mogelijk in de plant weg.

 

OOGST / BEWAREN

Pluk stengels en blad wanneer je wilt, zo kort mogelijk voor je haar gaat gebruiken in de keuken. Laat het hart van de plant intact voor constante hergroei. Bewaar geoogste bladeren met stengels in een stukje (keuken)papier in de koelkast.

Zelf vries ik selderij ook in; fijngesneden in kleine zakjes. De structuur gaat dan wel verloren maar zeker om mee te laten trekken in soepen en sauzen gaat nog prima. Het is ook handig om selderij fijn te snijden, met wat water te mengen, en dat dan in een ijsblokjesvorm in te vriezen; als je bijvoorbeeld soep maakt kun je dan een ‘ijsblokje selderij’ toevoegen.

Drogen is natuurlijk ook een goede optie, alle aromatische kruiden droog je bij voorkeur op lage temperatuur (30 tot 40 graden), in een dehydrator (= droogapparaat) of heteluchtoven met de deur op een kier. Reken wel op ongeveer 4 tot 6 uur voor de blaadjes droog genoeg zijn om te kunnen bewaren.

En vergeet niet, zoals eerder gezegd, selderij kan best wat kou verdragen; je kunt er tot ver in de herfst blaadjes van oogsten, en als je haar kunt beschermen tegen winterse kou (hetzij door tijdig uit te graven en in een kas te planten, hetzij door bijvoorbeeld een glazen stolp of perspex of glazen bouwseltje), dan kun je er zelfs tot ver in de winter van oogsten. En vers blijft altijd het lekkerst.

 

ZAADTEELT

Selderij is tweejarig (hoewel ze, zoals eerder genoemd, dus in een droge warme zomer ook wel eens in het eerste jaar al kan doorschieten). Pluk de hele zomer en herfst gewoon het blad van de planten maar zorg ook dat ze wel goed kan groeien, dus pluk niet teveel. Bescherm haar in de winter wat tegen vorst (met bijvoorbeeld stro, vliesdoek, etc.).

In het voorjaar zal de plant weer uit gaan lopen en uiteindelijk gaan bloeien met groenwitte schermbloemen. Je kunt de zaden dan in de nazomer oogsten, als ze donkergroen-bruinachtig en droog zijn. Het zelf zaden oogsten van selderij gaat op zich prima, maar het is dus wel een langdurige kwestie (en dat terwijl een zakje zaden nog geen euro kost en je daar zeker 3 tot 4 jaar lang planten uit kunt opkweken).

Bedenk ook dat snijselderij (Apium graveolens secalinum) heel gemakkelijk kan kruisen met bleekselderij (Apium graveolens dulce) en met knolselderij (Apium graveolens rapaceum).

Snijselderij in bloei