Baby’s!!

En ook gelijk best veel baby’s. Ik heb vorige week donderdag gezaaid, en nu, 1 week later, kiemen de zaden met bosjes (wellicht iets overdreven).

Ik ben woensdag al begonnen met de voorbereidingen; potjes uitzoeken, mee naar huis nemen en schoonmaken. Potjes gevuld. Labels geschreven. Onderbak van zolder gehaald en op het beste plekje in het huis gezet (en hier is dat een slaapkamer, met een raamkozijn op het zuidwesten). Onverwarmd maar de schoorsteen van onze houtkachel loopt door die kamer en dus is het ´s avonds toch iets warmer, en overdag hopen we dat de zon schijnt die het kamertje opwarmt. En de deur dicht houden natuurlijk; om de warmte binnen te houden. En misschien nog wel belangrijker; poes Lotje buiten te houden. Want katten en jonge zaailingen zijn geen goede combinatie.

Het eerste teken van leven, het vermiculiet komt omhoog, en als je heel goed kijkt zie je al wat groens dat op zoek is naar het licht.

 

En zo kiemt ze, als een lusjes wurmt ze zich uit de grond.

 

… en uiteindelijk richt de zaailing zich op.

 

Ik ben altijd weer blij als de eerste zaden kiemen, het blijft heel bijzonder! En dan volgt nu stap 2. Want in de propagator is het te warm en te donker (ondanks de doorzichtige kap), de combinatie van 27 tot 28 graden en een plaats onder de kap zorgt voor dit:

 

Uiteindelijk zou de zaailing steeds langer en dunner worden, op zoek naar meer licht. En nu ze is gekiemd moet ze ook gaan groeien; dus uit het vermiculiet en in grond waar voeding in zit, uit de bak en in het licht, uit de 27 graden en naar zo’n 18 graden.

Het leuke van vermiculiet is dat het zo los is dat je een zaailing gewoon (maar natuurlijk wel langzaam en voorzichtig) aan de 2 blaadjes uit het vermiculiet kunt trekken. En dit is dan wat het is:

 

Wat een kleine, blote, tere zaailing. Nooit aan het worteltje vastpakken, liever ook niet aan het steeltje, alleen aan de blaadjes, die zijn het sterkst.

Ondertussen……. had ik op dezelfde dag ook via de deno-methode gezaaid, in dezelfde bak dus bij dezelfde temperatuur:

 

In kiemduur is er dus geen verschil tussen zaaien in vermiculiet en zaaien via de deno-methode.

De volgende stap is het overplanten van de blote baby’s naar potjes met grond. Sommige mensen gebruiken graag zaai- en stekgrond, ik meng altijd graag mijn eigen grond; 5 delen potgrond, 1 deel grof brekerzand en een handje vermiculiet. De potjes vul ik met het grondmengsel, en dan maak ik het goed nat, met lauwwarm water (want niets zo erg voor net geboren peperbaby’s dan om bij 27 graden geboren te worden en dan in kletsnatte grond van 6 graden geplant te worden). Nog even voelen of de grond nu een prettige temperatuur heeft, en dan maak ik gelijk 3 wijsvinger-diepe gaten per potje. Want wat dat betreft verandert er niets, ik plant nog steeds 3 zaailingen (en later planten) bij elkaar. Ik heb daar een paar jaar geleden al eens een blog over geschreven: Peperzaailingen per 3 (en dat geldt dus ook voor paprika’s en voor aubergines).

 

Sorry voor de slechte foto, blijft lastig om met links een zaailing te planten en tegelijkertijd met rechts een fototoestel vast te houden en ook nog op een knopje te drukken, en dan nog kijken of ze goed scherp stelt, ik kan best multitasken maar dit is toch één task teveel 🙂 ). Maar het is denk ik wel duidelijk; je houdt de zaailing vast bij de blaadjes en laat het voorzichtig in het aanwezige plantgaatje zakken. En dan vooral niet aan alle kanten aandrukken, want het dunne enkele worteltje kneust of knakt heel gemakkelijk. Ik laat de zaailing zakken, duw voorzichtig de grond rond de blaadjes iets aan, en geef nog een keer ruim lauw water langs de zaailingen zodat de grond onder het bovenlaagje vanzelf om de worteltjes ‘spoelt’.

En daar staan ze dan:

 

De eerste 11 potjes met 3 zaailingen zijn klaar, nog een stuk of 30 potjes te gaan. Elke dag kiemen er nu weer zaden, en elke dag kan ik dus weer wat zaailingen in potjes planten.

Voor alle duidelijkheid; bedenk dat dit geen wet is, dit is zoals ik het doe en zeker niet de enige juiste manier, als je aan 5 mensen vraagt hoe en wanneer ze pepers, paprika’s en aubergines zaaien, hebben ze alle 5 een verschillende favoriete manier.

Tot slot nog even 2 opmerkingen:

Ik heb op de website van Pokon ook weer een blog geschreven, dit keer met wat informatie over een verhoogde moestuinbak en welke soorten daar minder of juist zeer geschikt voor zijn: Een minimoestuin in een bak 

En op verzoek heb ik mijn planning terug op de website gezet (en ook nog ingevuld 🙂 ).

En dan dit weekend weer verder in de moestuin, want daar is nog van alles te doen, in een volgend blog hoop ik wat vorderingen daarvan te laten zien.

Deno en vermiculiet

En zo geschiedde……

Terwijl de palm in de achtertuin het duidelijk zwaar had in de storm:

 

…… en een grote tak van een boom op de parkeerplaats afbrak en een flinke deuk in het dak van onze Onslow-auto (en daarmee bedoel ik dat wij geen spiksplinternieuwe Tesla hebben 🙂 ) veroorzaakte, zat ik lekker binnen te zaaien.

Ik heb pauze genomen toen de wind in de middag ging liggen. Na een bliksembezoek aan de volkstuin waren we gerustgesteld; geen schade in/aan tuin en kassen. Phew, daar waren we blij mee!! Ik hoop dat de schade bij iedereen die dit leest is meegevallen!

Dus snel terug naar huis en verder zaaien. Pepers, paprika’s en aubergines. En niks anders. Nee, niet stiekem ook een paar tomaten, of krootjes en al helemaal geen komkommer. Alleen maar paprika’s, pepers en aubergines (ik val in herhalingen maar ik kan niet vaak genoeg zeggen dat het echt nog te vroeg is voor heel veel andere soorten).

En dit jaar zaai ik niet alleen via de deno-methode, maar ook in vermiculiet. Omdat het kan, omdat de propagator groot genoeg is, en ik het gewoon wel eens wil vergelijken, deno en vermiculiet. Dus ik heb van 5 soorten zowel via de denomethode als in vermiculiet gezaaid, en de rest alleen in vermiculiet.

De voorbereidingen:

 

De propagator van zolder gehaald, potje met vochtig potgrond voor de voeler, 2 tot 3 centimeter kletsnat zilverzand op de bodem (voor de geleiding en een hoge luchtvochtigheid, schrijft de handleiding). Stekker in het stopcontact, dimmer ertussen en thermometer aan. Kap erop en lekker opwarmen. Ik wil graag een constante temperatuur van 27 tot 28 graden.

Even tussendoor: soms krijg ik de vraag of een elektrische propagator echt noodzakelijk is: nee. Maar ik heb die jaren geleden gekocht en ik ben er erg blij mee. Maar ik zaai dan ook best veel verschillende soorten. Maar je kunt zeker ook gewoon zaaien, via de denomethode op een modem, gewoon in potjes bij de verwarming, of in een propagator zonder verwarming, zaai vooral zoals je zelf wilt!

Het voordeel van een elektrische propagator: je kunt er tot ruim 30 graden warm in zaaien en vooral de constante temperatuur is handig. Het nadeel: de prijs/aanschaf. Voor wie het wil weten; ik heb de propagator 64/50. Ik had een thermotimer maar die ging al na een jaar of 2 kapot en sindsdien gebruik ik een dimmer van 5 euro een aquarium-thermometer van 6 euro en dat gaat ook prima.

Ondertussen……..

 

……. staat alles klaar. Niets of niemand houdt mij meer tegen 🙂

Benodigdheden voor de denomethode: plastic gripzakjes (of andere plastic zakjes), koffiefilters, en een plantenspuit met lauw water.

Benodigdheden voor het zaaien in vermiculiet: water, een zeef, een tray, en vermiculiet.

De denomethode:

 

De zaden worden op de 2 keer dubbelgevouwen en goed nat gemaakte koffiefilters gelegd, daarna nog een keer dubbelgevouwen zodat de zaden tussen 8 laagjes nat filterpapier liggen.

 

Onderste puntje terug vouwen zodat de zaden er niet uit kunnen vallen, in een plastic zakje, labeltje erbij, en rechtop zetten (want liggend zouden de gekiemde zaden proberen naar boven = door het papier heen te groeien en je wilt dat ze langs het papier kiemen en groeien).

Dus de zakjes met zaaisels gaan rechtop in een bakje, en dan de propagator in (of op een modem of ander apparaat dat 24 uur per dag lekker warm is). Ik ga de zaaisels natuurlijk goed in de gaten houden, elke 2 of 3 dagen kijken of het papier nog vochtig genoeg is en eventueel nat sproeien, en natuurlijk kijken of en wanneer er iets wil kiemen.

Via de deno-methode zaaien gaat heel makkelijk en snel. Het ‘moeilijkste deel’ moet nog komen: als na het kiemen de zaailingen overgeplant moeten worden naar potjes met potgrondmengsel. Ik verheug me er al op 🙂 .

De andere methode: in vermiculiet zaaien. Daarvoor doe ik wat vermiculiet in een kom, giet er water op, giet in een zeef en laat even uitlekken.

 

Het natte vermiculiet verdeel ik over een tray.

 

En belangrijk is dat het vermiculiet niet al te veel wordt aangedrukt in de tray (zoals je dat vaak wel met potgrond doet). Wel een beetje  met een duim in het vakje van de tray duwen maar niet echt aandrukken; het is bedoeling dat de zaden in het zo luchtig mogelijke mengsel kiemen.

En dan is het verder heel makkelijk:  de zaden in de vakjes zaaien, labelen, bedekken met wat droog vermiculiet en dat nog even nat sproeien. En dan mag het de propagator in (of een ander doorzichtig maar afgesloten bakje).

 

Waar bij de denomethode de zaden niet uit kunnen drogen doordat het koffiefilter in een half gesloten plastic zakje zit, zo kunnen de zaden in vermiculiet niet uitdrogen doordat dit vochtig in een afgesloten bak staat. Ook hierbij is het belangrijk om elke 2 of 3 dagen te kijken of het vermiculiet nog vochtig is, eventueel nat sproeien, en wachten op de eerste kiempjes.

Want bij beide manieren zaai je eigenlijk te donker. Dat is niet erg, maar zodra de zaailingen kiemen moeten ze het licht in, en ook wat koeler staan. Want te donker + te warm = strekken en lang en dun worden. Dus licht + koel + een goede bodem van potgrond vermengd met 1/5e deel brekerzand wordt hier het volgende stadium.

Voor wie meer wil weten over deze beide manieren van zaaien, op deze 2 pagina’s kun je meer informatie en stap-voor-stap foto’s vinden:

En zo zijn hier op een stormachtige donderdagmiddag binnen 2 uurtjes alle paprika’s en pepers en aubergines gezaaid. Het was heerlijk 🙂 ! Om te zaaien, maar ook om de zakjes en de zaden weer even in mijn handen te hebben, te zien en te bedenken wat voor moois het op zou kunnen leveren komende zomer.

En zo staan de zaaisels er nu dus bij (het bakje met zakjes deno-methode valt net buiten beeld):

 

En na de foto gelijk de kap er weer op. In de propagator met een constante temperatuur van rond de 27 tot 28 graden. Ik hoop volgende week in een blog te laten zien of de eerste zaden kiemen. Plus iets over het overplanten naar potjes met potgrond.

Tot slot nog even: er wordt (niet door mij, ik heb er echt geen verstand van) achter de schermen geprobeerd de problemen rond het verzenden van de mails met het bericht dat ik een blog heb geschreven op te lossen. Dat is erg lastig en ik weet nog niet of dat gaat lukken. Maar dat zal de toekomst uitwijzen, ik wil in ieder geval even melden dat het door die werkzaamheden kan gebeuren dat er iets niet helemaal klopt; vooralsnog staat er een vreemdsoortige code bovenaan deze pagina, en heb ik zelf geen melding gekregen van een nieuw blog, dus ik neem aan at dat voor iedereen geldt. Ik hoop dat je om die reden de komende weken zelf wat vaker even op de website kijkt want ik weet niet hoe lang het gaat duren voor het (hopelijk) kan worden opgelost. En laat het vooral in reactie op dit blog weten wanneer je iets vreemds ondervindt op de website, dan kan ik het doorgeven. Zelf kan ik er weinig aan doen, maar ik hoop dat het uiteindelijk leidt naar een verbeterde website, waarbij mensen geen mailadressen van andere mensen meer zien, en nieuwsbrief-mails niet meer bijna 3 dagen onderweg zijn.

Tot slot nog 1 foto: voor wie de denomethode niet kent en nog niet heeft gekeken op de pagina met meer informatie daarover; dit is dus wat ik over een kleine week hoop te zien:

 

Kleine, tere, blote gekiemde zaden. Wachtend op licht, grond, en wat afkoeling. En dat ga ik ze dan direct bieden!

 

Mijn schuld is het niet

Eerst even iets waar we heel trots op zijn:

Langs de rechterkant van onze tuin ligt een strook grond. Het is een ondergeschoven kind. Er staat een braam, een aalbes en een rabarber en verder kijken we er niet zo veel naar om, meestal plant ik er wat Dahlia’s en groeit er wat onkruid in de zomer. Maar nu onze tuin drastisch is verkleind (maar mijn planning niet) wordt elke meter belangrijk.

En dus heb ik met Ruud afgesproken dat de ‘verloren strook’ er voortaan echt bij gaat horen. En dus moet die ook voorbereid worden op een nieuw tuinjaar. En afgelopen zondag troffen we het; het was echt lekker weer; geen wind, lekker zonnetje. Tuinweer!

De strook:

 

Het lijkt niet zo veel. Maar we hadden toch een hele middag nodig om het schoon te maken. Dit is het resultaat:

 

Voor alle duidelijkheid; je ziet nu de braam en daarachter de aalbes wat duidelijker. De strook is 12 meter lang en ongeveer een meter breed. En het is echt vaste, vette klei, ook al gooien we elk jaar mest en compost op de strook (kun je nagaan dat het vroeger nog veel erger moest zijn geweest).

Dezelfde strook vanaf de andere kant. Voor:

 

En na:

 

Wel echt goed gedaan van ons, vind ik. Voor alle duidelijk, vanaf de strook is rechts onze tuin, het paadje links langs de strook (plus die tuin) is van de buurman.

We hebben na gedane arbeid met onze modderlaarzen en smerige jassen aan nog even op ons terras zitten kijken naar de strook. En bedachten wat we er mee gaan doen (er komt in ieder geval een hekwerk voor eenjarige klimmers en een appelboom). Een beetje geluk en tevredenheid in een nog kale tuin op een koude maar zonnige zondagmiddag 🙂

Maar toen……

Toen werd het slecht weer. En niet een beetje slecht weer, maar storm, regen, natte sneeuw, nog meer regen, hagel zelfs, en nachtvorst. En dat duurt nog een paar dagen. Na zo’n heerlijke zondagmiddag werden we gelijk weer met beide benen op de grond gezet. Maar nu zit de lente in mijn hoofd, ik heb het gevoeld, en nu raak ik het niet meer kwijt.

Maar buiten valt niks te tuinieren. Dan maar binnen. Mijn schuld is het dus niet. Misschien de schuld van het weer. En ik heb ook nog wat berichten en reacties gelezen van mensen die al paprika’s en pepers gingen gezaaid. Het is ook hun schuld, want daarmee hebben ze mijn aanstaande lente ook nog eens extra aangewakkerd.

En dus zeg ik tegen Ruud: “Ik kan misschien wel alvast de paprika’s en pepers en aubergines gaan zaaien”. Ruud zegt: “Dat is te vroeg, je hebt jezelf beloofd te wachten tot eind januari”. Ik zeg: “Nou ja, het is toch de 2e helft van januari, over 10 dagen is het eind januari dus eigenlijk heb ik me best al heel goed beheerst”. Ruud zwijgt (hij weet dat alles wat hij nu nog zegt het alleen maar erger maakt).

En dus schrijf ik nu nog dit blog. Maar ga ik zo direct de propagator van zolder halen. En de zaden en labels pakken. En de propagator vullen met zilverzand. Misschien ook al aanzetten, duurt altijd nog wel 24 uur voor alles is opgewarmd en de temperatuur goed en stabiel is (rond de 27 graden). Nou ja, en dan is het morgen toch 18 januari. 18 januari is toch best in de buurt van eind januari? 18 januari is in ieder geval zeker geen begin januari, begin januari ligt echt al ver achter ons.

Morgen dus zaaien. Zucht. Ik kan er echt niks aan doen. Sommige mensen krijgen zin om te zaaien als het mooi weer is, ik krijg het bij storm, hagel en regen, alsof ik de natuur richting de lente wil duwen of zo, geen idee, er is geen psycholoog die er wat mee kan (nou ja, die noemt het waarschijnlijk gewoon ongeduld en een matige zelfbeheersing).

Tot slot van dit blog nog 2 vragen / opmerkingen:

Zijn er nog mensen die in woord en beeld willen zien hoe ik ga zaaien? Want ik heb het al een paar keer eerder verteld in een blog, het is een jaarlijks terugkerend ritueel; paprika’s, pepers en aubergines zaaien eind in januari . Ik kan me voorstellen dat iedereen het nu wel heeft gezien. Omdat ik een propagator heb ga ik trouwens dit jaar eens ook in vermiculiet zaaien (wellicht voor een deel denomethode en voor een deel vermiculiet, zou er verschil zijn in opkomst en kiemduur?).

En ik wil ik nog even iets zeggen over de vragen die mensen in reactie op een blog stellen en de reacties die daar in het vorige blog op kwamen van mensen die zich daar soms aan storen:

Ik heb nu nog wel tijd om wat vragen te beantwoorden, maar richting de lente wordt dat wel duidelijk minder (meer tijd voor de tuin). Ik heb geen bezwaar tegen het beantwoorden van vragen, soms vind ik zelfs ook leuk omdat ik het idee heb er iemand mee te hebben geholpen die iets niet goed begreep of iets miste (soms brengt het me ook wel eens op het idee dat ik op een teeltpagina van een bepaalde groente iets bij moet aanvullen of tekst aan moet passen).

Soms ben ik ook wel eens minder blij met vragen, als het vragen zijn waarvan het antwoord o zo gemakkelijk op mijn website of elders te vinden is, of open vragen waar ik zo ongeveer een opstel over moet schrijven in plaats van een gericht en redelijk kort antwoord kan geven (toch al niet mijn sterkste eigenschap).

Oftewel; vragen, helemaal niet erg, mits het duidelijke vragen zijn. En er komt ook een tijd (lente en zomer) dat ik veel minder tijd heb om te antwoorden. Bij deze iedereen die wel eens een vraag beantwoordt heel hartelijk daarvoor! En de mensen die in reacties op mijn vorige blog en de vragen daarin aangaven zuinig op me te willen zijn, dat vind ik heel lief van jullie, dankjewel!

p.s.: iemand noemde daarin nog de combinatie van Diana en geduld, Ruud verslikte zich prompt toen ik het voorlas 🙂 .

Nog één foto; zondag ook nog even de perenboom gesnoeid:

 

Nog zo veel te doen

Tuinjaar 2018 is nu echt begonnen, de eerste soorten zijn gezaaid. Best veel ook eigenlijk:

 

Een kas vol! Een heerlijk idee, zelfs als niet alles kiemt (want er zitten ook wat oudere zaden tussen). Ik heb op de website van Pokon een blog geschreven, met hoe we de kas hebben voorbereid voor het zaaien, en wat we allemaal hebben gezaaid en op welke manier (rijtjes, in traytjes voorgezaaid, etc.): De kas in een nieuw tuinjaar

En dus is daar de meeste aandacht naartoe gegaan in de afgelopen dagen. Het kan wel 2 tot 4 weken duren voor de zaden gaan kiemen (afhankelijk van het weer, we hopen op zonnige dagen, ongeacht de temperatuur, want dan warmt de kas zo lekker op). En dus verleggen we onze aandacht nu naar de ‘buitentuin’. Want dat is hard nodig. Zucht.

Want er is nog wel wat te doen. Onkruid langs randen weghalen, modder weg scheppen en straatjes en paden aanvegen. En ‘zwerfafval’ in de vorm van een omgewaaide ton, elektriciteitsbuisjes, stenen, stokjes, repen gronddoek, etc. verwijderen cq. opruimen (gelukkig zo gefotografeerd dat het niet heel erg opvalt of net buiten beeld valt 🙂 ).

 

En dit is dan de tuin die we nog over hebben. In een nieuw jaar ziet ze er anders uit dan vorig jaar. Wat is ze klein!! Waar moet ik in vredesnaam alles laten wat ik al in mijn planning heb; van groenten en kruiden tot eenjarigen, bollen en knollen – dat gaat allemaal niet passen in deze tuin!!

Ik heb Ruud alvast een klein beetje voorbereid: “Ruud, het zou kunnen dat we dit jaar ietsiepietsie minder groenten kunnen oogsten dan vorig jaar”. Ruud zegt: “Ik zou niet weten waarom, we hebben toch nog steeds genoeg tuin met 325 vierkante meter?”. Ik: “Uh, ja natuurlijk, je hebt helemaal gelijk! Maar ik ga wel ook nog wat Cosmos zaaien, en die worden best groot hè. En ik heb zaden van een mooi afrikaantje, een prachtige bijna donker perzikkleurige, echt heel bijzonder!”. En ik ratel nog even door: “Ik heb eerlijk gezegd ook nog 5 Dahliaknollen besteld.  En alle drie de Asarina’s gaan waarschijnlijk de winter overleven. En de 4 Fuchiastekken ook. En ik ga na een aantal jaren weer eens ouderwetse duizendschonen zaaien”. Bla, bla, bla…… ik som nog wat meer soorten op die in mijn planning staan. Ruud lijkt het niet eens meer te horen. Is het  vertrouwen, of toch berusting?

Afijn, het kan maar alvast heel voorzichtig en langzaam duidelijk worden gemaakt. Nog even een foto, de andere kant van dezelfde tuin, want hier moeten we het mee gaan doen:

 

Ja, er is nog veel te doen. 5 rozen die ik maar even in pot heb gezet tot ik er een plekje voor heb gevonden. En dat valt niet mee in een moestuin; we willen ons ook niet nodeloos prikken aan de scherpe doornen, dus het moet een plekje langs de rand van de tuin worden. Maar daar staan ook al bramen, 4 fruitbomen, een rabarber, een rode aalbes. Passen en meten, puzzelen en plannen, inschikken en schuiven; dat gaat tuinjaar 2018 worden, dat is duidelijk.

Eerst maar orde scheppen in deze chaos, opruimen, schoonmaken, weggooien, snoeien, bakken vullen, potten vullen, boom eruit, nieuwe boom erin, dode blauwe bes eruit, nieuwe blauwe bes erin, kas opruimen, compost erin, omwoelen, grelinetteren, compostbak repareren, tuinieren bestaat eigenlijk uit een heleboel werkwoorden bij elkaar 🙂

Tot slot nog even, heel bijzonder:

 

De Matthiola in de verhoogde bak in de voortuin bloeit nog steeds. Weliswaar op een heel klein pitje, maar de planten maken nog steeds kleine toefjes appelbloesemroze bloempjes met een lentegroen hartje. Misschien toch ook maar weer zaaien dit jaar, als ik er nog een plekje voor kan vinden. Terwijl ik dit schrijf schiet ik in de lach……. kunnen we misschien nog ergens een stukje tuin huren?

 

Eindelijk

Ik was nog zo van plan om vorige week zaterdag te gaan zaaien. Maar het weer gooide roet in het eten; kwam de regen hier niet met bakken tegelijk uit de lucht, dan waaiden we wel zo ongeveer uit onze verschoning.

En dus de hele week niet naar de tuin geweest, en niet gezaaid. Zucht. En wat doet een mens als er niet kan worden gezaaid?

Geen idee wat de gemiddelde mens doet. Maar ik bak eens een taart:

 

Een erg lekkere trouwens, met blauwe bessen uit de vriezer, dus toch een beetje van eigen tuin. Dit weekend zal ik het recept posten.

En ik zorg een beetje voor de overwinteraars, de Brugmansia’s, Cassia staan nu wat lichter, dichter bij het raam. Ik ben eindelijk eens begonnen met het opruimen van de 23.000 (ja, met 3 nullen!) foto’s die ik in en van de tuin heb gemaakt). Ik heb de Dahliaknollen eens wat herschikt. En de jonge Canna’s in pot wat water gegeven. En een foto gemaakt van de Colocasia-stekken:

 

Maar wat zag ik daar?!?!

 

Luis!! Iiiieeeeks!!!! Nog iets dichterbij:

 

Ja hoor. Getsiederrie, en die wil ik echt absoluut niet in de kamer waar vanaf eind deze maand de zaailingen van pepers, paprika’s en aubergines komen te staan. Dus dag Colocasia, ik heb haar verhuisd naar de douche, daar kan ik de komende week het blad schoon spoelen tot ik geen luis meer zie. Al weet ik ook wel dat ik er voorlopig niet meer vanaf kom, als er eenmaal luis is…… En dus maak ik haar zo schoon mogelijk en dan mag ze daarna naar zolder. Verbannen, ja, zo zou je het ook kunnen noemen.

Hier ben ik wel echt heel blij mee: ik oogstte deze wortel van de Asarina wislizensis begin oktober:

 

Ik heb haar toen gelijk opgepot en nu staat ze thuis, in een koele kamer. En zo ziet ze er nu uit:

 

Ze loopt al uit, met fris groen blad (vooralsnog zonder luis). Zoals gezegd, ik ben er erg blij mee!! En om even duidelijk te maken hoe blij, en waarom, een oude foto van deze Asarina in de zomer:

 

En dus ben ik toch blij, ondanks het weer, en ondanks de luizen.

Oh ja, over dat weer; dat kletsnatte, gure, stormachtige weer….. Maar het gaat nu kouder worden, en droger, zonniger ook. Ideaal!! Dan kan het eens een beetje opdrogen in de tuin.

En dus gaan we komende week elk vrij moment naar de tuin. Om te zaaien, om compost in de kassen te storten en onder te werken, om de verhoogde bakken op te vullen, om het hekwerk te plaatsen. Nou ja, om heel veel dingen te doen.

Maar eerst zaaien!

 

En wat er gezaaid gaat worden? Van alles en nog wat, in de kas (want die hebben we tenslotte niet voor niks). Een lijstje van wat er nu in de tuintas zit om te gaan zaaien:

  • Tuinbonen, voorzaaien in potjes, wel oppassen voor muizen, dus een perspex plaatje over de zaaisels heen
  • radijs, een paar rijtjes (in de kas uiteraard)
  • snijbiet, idem dito
  • spinazie (scherp zaad), idem dito
  • zomerprei voorzaaien (uien kan ook maar die zijn besteld maar heb ik nog niet in huis)
  • een rijtje rucola, lekker!
  • een rijtje mosterdblad (ook lekker pittig en gaat heel goed onder glas in de late winter)
  • wat Pak Choi en Baby Choi voorzaaien (en de zaailingen plant ik later ook uit in de kas)
  • wintersla
  • met andijvie wacht ik nog even tot eind deze maand
  • en ik heb ook nog wat spitskool om net als de 2 Choien voor te zaaien voor de teelt onder glas
  • en ik heb nog wat veldsla-zaden over die bijna verlopen, lukt misschien ook nog wel in de kas
  • en, last-but-not-least de koudekiemers; Polygonum oriëntale en Consolida ajacis.
  • Oh ja, en peterselie, misschien wat vroeg, maar peterselie kan heel goed tegen kou, het duurt alleen heel lang voor de zaden kiemen.

Prei en uien en koudekiemers kun je trouwens nu ook al buiten (voor)zaaien, met de andere soorten zou ik voor de buitenteelt nog een week of 4 wachten.

En dat is het wel zo ongeveer. Lijkt mij genoeg. Eerst hard werken, want de zaaisels komen in kas 2 en die is wel schoon, maar voor ik rijtjes radijs, etc. kan gaan zaaien gaan we eerst compost in de kas storten en onderwerken. Mooi karwei voor koude dagen, met wat zon kan het in de kas al wel een graad of 15 tot 18 worden. En dan voelt het bijna als lente!! Tot we weer naar buiten stappen trouwens 🙂 .

Tot slot nog even een oude foto van de koudekiemer Polygonum zoals ze er in de zomer uit ziet:

 

Ik kan me nu al op haar verheugen!!