Groeien

Tjonge, wat een warme week en vervolgens een bui regen niet kan betekenen voor een tuin.

Ruud waarschuwde afgelopen week al. “Als het na deze warme week gaat regenen vliegt het onkruid de grond uit en kunnen we “met de kont omhoog”. Zo noemt Ruud het gehurkt, gebukt of op de knieën te lijf gaan van het onkruid met schrepel, mes en steker.

Hè, gelukkig, ik werd al bang dat de heermoes dit jaar niet meer terug zou komen.

 

Ik weet natuurlijk wel beter; heermoes overleeft niet alleen de droogte van vorig jaar maar overleeft ons, de tuin en waarschijnlijk de hele mensheid wel 🙂

Gelukkig groeit niet alleen het onkruid heel hard, heel veel soorten die we uit vrije wil zaaiden doen dat ook. We hebben afgelopen week dan ook veel soorten uitgeplant, zowel voorgezaaide groenten als bloemen en kruiden.

Door de warmte schoten de winter- en vroege voorjaarsplanten door (zoals rucola, winterpostelein, veldsla, mosterdblad en spinazie). In mijn vorige blog liet ik de doorgeschoten rucola al zien. En van deze spinazie hebben we snel nog een keer geoogst en de planten daarna verwijderd.

 

Ondertussen hebben we de planten uit de kas gehaald, opgeruimd, gewied, nieuwe voeding gestrooid, aangeharkt, stokken gezet en nu staan alle tomaten, pepers en paprika’s voor dit jaar in de kassen in de volle grond. Sterker nog…… nog heel mini maar ik zie al wat diefjes:

 

Volgende week ga ik op een bewolkte dag de kas eens in om de tomaten voor het eerst aan hun stok te binden en gelijk die eerste diefjes te verwijderen.

In de tuin bloeien de eerste aardbeien, en tuinbonen. En de palmkool bloeit volop!

 

Het is een prachtig gezicht, een grote gele wolk midden in de tuin, en er komen ondertussen ook veel hommels en bijen op af.

Word ik oud, lijkt het maar zo, of gaat het echt allemaal zo snel? De pruimen zijn gezet, de appels bloeien nu, de peren zijn ondertussen uitgebloeid. Alles volgt elkaar in sneltreinvaart op, elke dag verandert er wel iets in de tuin, ik kan het bijna niet bijhouden (en het onkruid wieden al helemaal niet). De blauwe bessen bloeien nu ook volop:

 

De aalbessen en kruisbessen zijn ondertussen uitgebloeid en worden al piepkleine besjes. Nu alle winter- en vroege lentegroenten uit de kas zijn gehaald eten we weer even uit de diepvries, er is buiten nog niets te oogsten. En dat is ook goed, want zo kunnen we laatste wintervoorraad bietjes, doperwten, tuinbonen, etc. opmaken.

Ik heb tot slot nog wat over de website te melden. Ik ben al sinds het vroege voorjaar druk bezig met het nakijken van pagina’s, nieuwere en grotere foto’s aan het plaatsen. Een oude pagina is bijvoorbeeld deze pagina over de teelt van Rammenas. Een nieuwe pagina is bijvoorbeeld de pagina over de teelt van Bloedzuring. Als je de 2 pagina´s vergelijkt zie je wat een verschil er is tussen oude en nieuwe pagina´s!

En misschien is het ook opgevallen dat ik bij elke veranderde pagina bovenaan eerst de namen in Latijn, Engels, Duits en Frans geef. Dat komt omdat ik zelf nog wel eens een bijzonder ras zoek. En als het niet in Nederland te koop is zoek ik het in een webwinkel buiten Nederland. Maar hoe zoek je zo’n soort dan? Hoe heet snijbiet in het Frans, hoe heten pronkbonen in het Duits?

Er zijn zoveel namen. En dat geldt niet alleen voor groenten, ook bloemen hebben in verschillende talen verschillende namen. Ik ben bijvoorbeeld nu de pagina’s over afrikaantjes in de database van eenjarige bloemen aan het aanpassen, en dan blijkt Calendula (goudsbloem) in het Engels Pot Marigold te heten.

Maar afrikaantjes heten ook Marigold, maar dan allemaal weer anders:

  • Tagetes erecta (groot Afrikaantje) heet African Marigold
  • Tagetes patula (klein Afrikaantje) heet French Marigold
  • Tagetes tenuifolia (Sterafrikaantje/Citrusafrikaantje) heet Signet Marigold
  • Tagetes lucida heet Mexican Tarragon

Ik vind het zelf heel handig om te weten, ik moet nu soms flink zoeken voor ik de plant heb gevonden die ik wil (of waar ik meer over wil weten).

Tropaeolum heet in het Nederlands Oost-Indische Kers, in het Engels Nasturtium en in het Frans Capucine. Dat is niet altijd even makkelijk te onthouden, ik ben ook geen twintig meer. “En geen dertig” vult Ruud aan, “En geen veer…..”. “Jaja, nu weet ik het wel, onderbreek ik hem.

Een flink aantal websites/webwinkels hanteert toch de plaatselijke naam en niet perse de Latijnse naam (want dat zou alles veel eenvoudiger maken).

Maar zo goed ben ik nu ook weer niet in taal, het zou zomaar kunnen dat ik het eens verkeerd schrijf, of een naam in een andere taal niet goed heb begrepen, En dus heb ik bedacht dat het misschien toch handig is als er voortaan  reacties kunnen worden gegeven onderaan de teeltpagina’s. Zo kunnen mensen eventueel aanvullingen geven op wat ik heb geschreven. Zelf kijk ik op websites met informatie (of bijvoorbeeld recepten) toch ook heel vaak nog even naar de reacties, of daar nog een handige tip tussen staat, of iets wat bij andere mensen op die manier mislukt, etc.. Andere meningen, aanvullingen, vragen, antwoorden maken een website wat interactiever en vooral completer, denk ik. Poehee, ik word nog heel modern, ook al ben ik geen twintig of dertig of veertig meer 🙂 .

Ik heb de bijgewerkte pagina’s van Tagetes in de database van eenjarigen alvast open gezet voor reacties, en ben van plan om dat wat vaker te doen (als het me handig lijkt). Vragen kunnen dan wellicht ook iets gerichter worden gesteld op de juiste pagina in plaats van dat ze nu vaak niet meer terug te vinden zijn en daardoor ‘verloren gaan’ tussen de opmerkingen op blogs. Als de vraag over zomerworteltjes wordt gesteld onderaan de pagina van de worteltjes blijft het antwoord (van wie dan ook) altijd vindbaar. Dat betekent ook dat ik er wel wat streng op ben, zo af en toe ga ik de reacties nakijken en verwijderen wat naar mijn mening geen nut heeft voor die pagina of eigenlijk op een andere pagina zou horen..

Afijn, ik heb het nog best druk met de website dus 🙂

Tot slot nog een melding, dat is niet zo mijn ding maar het hoort erbij: ik ben door iemand van het NRC geïnterviewd voor een stukje in de bijlage van (hoogstwaarschijnlijk) volgende week zaterdag (4 mei). Ik begreep dat er nog een aantal bloggers zijn geïnterviewd, dus ik ben zelf erg benieuwd!

En dan nog 1 laatste foto, van het enige wat we nu even uit de volle grond in de tuin kunnen oogsten: radijsjes. Van het ras Diana (en die koos ik niet voor de naam maar voor de prachtige paars-met-witte kleur 🙂 ).

Warm

Zeven dagen geleden schreef ik mijn vorige blog, met de titel ‘Kou’. Die kou is één week later volledig uit de lucht. Mijn vader noemde het vroeger ‘Gek of erg’, vorige week nog 7 graden en nachtvorst, en nu 22 graden.

Ik moet nog wel even aan wennen aan die warmere temperaturen, en dan moeten planten dat natuurlijk ook. Alles begint te groeien maar nog niet heel snel. Dat komt omdat de grond nog wel koud is (al zal die binnenkort wel steeds meer opwarmen als dit weer lang aanhoudt). Het komt ook door de droogte. Elke 2 of 3 dagen moeten we een rondje in de tuin maken om alle zaaisels, zaailingen en zelfs planten water te geven. Alleen de struiken en bomen redden zich nog prima. De pruimen zijn uitgebloeid, de appel zit in knop. En de peer bloeit nu:

 

Het is nu enorm druk in de tuin, alles lijkt tegelijk te komen: zaaien, verspenen, planten, water geven, beschermen, opbinden en natuurlijk ook wieden. Door de droogte valt het nu nog mee, maar er liggen nog een miljoen zaden in de grond te wachten op één enkele regenbui; en als die gaat vallen volgt er een ware groei-explosie 🙂 .

Aangezien we weten dat die regenbui vroeg of laat gaat vallen  willen we nu alvast zoveel mogelijk in orde hebben in de tuin. We hebben alle bescherming verwijderd rond de erwten, tuinbonen, kapucijners, sugar snaps en lathyrus. Dat is altijd spannend want duiven zijn nogal onvoorspelbaar als het gaat om de tijd dat ze trek hebben in deze jonge planten. Maar ze zijn eraf gebleven, blijkbaar zijn er ergens anders lekkerdere hapjes.

En ondertussen bloeien de eerste tuinbonen:

 

Op de achtergrond zie je nog het blauwe net dat erover gedrapeerd is, na de foto hebben we het weggehaald. En je ziet rechts dat de bladrandkever de tuinbonen hebben gevonden. Gelukkig valt de aantasting mee en groeien de planten er wel doorheen. Nog niet alle tuinbonen bloeien trouwens, deze ‘De Monica’ bloeit nu, maar Stereo en Crimson Flowered zeker nog niet (zelfs nog geen knopje te zien).

In de kas schieten de planten door, we hebben de laatste spinazie geoogst en gegeten, en we eten nog volop sla. Maar ook de rucola schiet door:

 

En dat geldt ook voor de winterpostelein en het mosterdblad in de kas. De planten worden volgende week gerooid want ze moeten ook plaats gaan maken voor de tomaten. Eén kas is al klaar:

In de andere kas is het een ravage, niet alleen met doorgeschoten planten maar ook heel veel zaaisels en zaailingen die tussen zakken potgrond, potjes, gieters, stokken, emmers, etc. staan. Nu de kou voorbij is gaan we dus eerst uitplanten; zoveel mogelijk zaailingen een plekje in de tuin geven.

Ik vrees dat ik nogal doorsla in mijn nieuwe manier van tuinieren waarbij ik nog maar weinig in rijen zaai en vooral zoveel mogelijk groenten, kruiden en bloemen door elkaar plant. Ik vroeg Ruud vanmiddag of hij het wel mooi vindt worden. Ruud haalde zijn schouders op en antwoordde: “Sinds jij hier de scepter zwaait is er al zoveel veranderd dat dit er ook nog wel bij kan”. Nou ja, alsof ik de baas ben in de tuin, voorlopig staan er al 2 dubbele rijen voor de stokbonen en kan ik daardoor minder uien zetten. Gelukkig krijg ik verder niet heel veel tegenstand. En dus staan er koolplanten tussen papavers, peterselie naast Amaranthus, en snijbiet naast Phlox. Ik hoop dat het niet alleen mooi en lekker wordt, maar dat de verscheidenheid en afwisseling zorgen voor minder ziekten en plagen en meer bestuivers.

Voor dit weekend staat het zaaien van alle warmteminnende soorten op het programma; bonen, maïs, courgettes, pompoenen, komkommers, meloenen. En als de temperatuur niet te hoog oploopt willen we nog een kas leeg maken en tomaten, pepers en paprika’s uitplanten.

En we gaan nog meer zaailingen uitplanten

Ik zet altijd eerst alle potjes neer voor ik ga uitplanten. Soms verander ik van gedachten en wissel wat zaailingen om. Of ik schuif een plantje toch nog wat op voor wat meer ruimte. Pas als alles naar mijn zin staat haal ik een pootschepje en gieter ga de zaailingen uitplanten (en geef die uiteraard direct daarna water).

Tot slot wil ik nog even melden dat ik ook op de website van Pokon een blog heb geschreven. Naar aanleiding van wat ik eerder vertelde en liet zien van een nieuwe poging met zoete aardappelen (en het stekken op verschillende manieren) kreeg ik veel reacties, maar ook tips (waarvoor mijn hartelijke dank!), vragen, etc.. En daarover heb ik een blog geschreven: Zoete aardappelen deel 1: Stekken.

Nog even en dan kunnen de stekken worden uitgeplant. Ik houd me weer aanbevolen voor ervaringen, tips, etc., en dan ga ik bedenken hoe en waar ik de zoete aardappelen ga zetten. Het plan voor nu is om in ieder geval één speciekuip te vullen met stekken en één speciekuip met een zoete aardappel met stekken eraan. En ik ga ook een paar stekken in een verhoogde bak planten. En dan dit jaar ervaren wat het beste groeit en wat de beste opbrengst geeft. Ik ben zelf ook erg benieuwd!

En welke foto wil ik dan als laatste plaatsen in dit blog? Nou vooruit dan, niet schrikken, dit is één kant in één kas:

 

Zaaisels en zaailingen, in allerlei soorten en formaten. Als een groot deel hiervan is uitgeplant komt er wellicht wat orde in de kas en tuin (en ook in mijn hoofd).

 

Kou

We moeten nog heel even volhouden. Na een aantal mooie en warme lentedagen die we vorige en deze maand kregen vallen deze temperaturen tegen. We kunnen heel veel uitplanten in de tuin, van kool tot eenjarige bloemen en van andijvie tot peterselie en selderij. Maar het is een kleine moeite om even te wachten tot letterlijk de kou uit de lucht is. Hoewel, we zijn wel ongeduldig.

Te ongeduldig misschien. Ik durf het bijna niet te zeggen maar ik had de Brugmansia´s al buiten gezet. Terwijl ik natuurlijk ook wel weet dat ijsheiligen pas rond 12 mei is. Maar zoals elk voorjaar heb ik het idee dat het ´wel los zal lopen´. En dat na toch 28 jaar tuinervaring, ik leer het blijkbaar nooit 🙂 . Ik heb de planten in pot, met veel inspanning en zweet vorige week van zolder naar buiten gesjouwd. En nu weer versjouwd, maar dan om weer in huis te zetten. Niet meer naar zolder, voor die paar dagen staan ze nu middenin de huiskamer, direct achter ons bankstel, 7 grote potten met kuipplanten, Ruud scheldt op ze als hij er langs moet om de achtertuin in te gaan. ‘Ssshhht, zeg ik, nog 2 nachtjes en ze mogen weer naar buiten’. Dan versjouw ik ze voor de derde keer, eigen schuld.

Zelfs het onkruid groeit nog niet hard (“Wacht maar tot het volgende week warmer wordt en er daarna een bui valt”, zegt Ruud). Dit is een soort stilte voor de storm. We vervelen ons zeker niet, zetten stokken, ruimen de kassen leeg, hebben de Dahlia’s voor dit jaar al geplant, verspenen zaailingen, maar het zijn allemaal vervangende klusjes voor wat we eigenlijk willen. We willen eindelijk eens wat leven in de tuinbrouwerij.

In huis groeien de pepers, paprika’s en aubergines langzaam maar gestaag:

 

Ik heb de zaailingen vorige week wat voeding gegeven, omdat ze ondertussen al ruim 7 weken in hun potje met potgrond staan. Het blad begon wat gelig te worden en de zaailingen groeiden niet goed meer. Met de voeding die we gaven werd het blad binnen enkele dagen weer mooi groen en kwamen de planten ook weer aan de groei. Mits de temperatuur na het weekend oploopt gaan we vanaf dinsdag regelmatig wat zaailingen mee naar de tuin (kas) nemen.

En we hebben de eerste stek van de zoete aardappel kunnen oppotten. En de andere stekken groeien goed, moeten alleen nog wat worteltjes krijgen, voor ook die kunnen worden overgezet:

 

Het klinkt alsof er alleen in huis iets gebeurt. Dat is nou ook weer niet zo hoor, er zijn gelukkig genoeg soorten die best wat kou kunnen verdragen. De doperwten groeien, de tuinbonen gaan al bloeien (te vroeg), de pruimenbomen zijn uitgebloeid, de peren gaan nu bloeien en de appels komen in knop. Ook de palmkool bloeit:

 

Helaas is het nu even koud, er komen nog niet veel hommels en bijen op af, maar het is een vrolijk gezicht, en de bloempjes smaken (bij gebrek aan andere oogst) best lekker. Ik heb zelfs 2 bloeistengels die doorbogen afgeknipt en in een vaasje gezet, en die staan en bloeien daarin al een week lang.

In de komende 2 weken gaan we de laatste groenten uit de kas oogsten. We hebben al 4 keer spinazie gegeten en komende week oogsten voor de laatste keer:

 

En dan vriezen we gelijk in wat we niet eten. Want niet alleen moet de kas leeg voor de komst van de tomaten, paprika’s en pepers, maar de planten gaan ook doorschieten. En dat geldt ook voor de winterpostelein:

En ook het mosterdblad begint al wat omhoog te komen:

 

Buiten de kas is er nog niet veel te oogsten. Maar vanmorgen tilde ik het deksel op van mijn DIY bleekpot. En die hebben we gemaakt door met een decoupeerzaag de bodem uit een oude zwarte plastic pot te halen en die ondersteboven over de plant te zetten. En vervolgens hebben we daar een tweede plastic pot ondersteboven bovenop gezet. Bij het weghalen van de bovenste pot was dit het resultaat:

En bij het weghalen van de onderste pot konden we zien wat een mooie rozerode stengels we konden oogsten:

 

Het blad is wat verfomfaaid, omdat het wat klem tegen de zijkant van de pot heeft gezeten. Maar dit is onze eerste rabarberoogst! Daarmee zijn we zeker niet de eerste moestuinders die rabarber oogsten hoor, onze plant staat achterin de tuin, bij de sloot, in de halfschaduw, en komt daardoor altijd wat later op gang.

Ik heb een salade van rauwe rabarbersliertjes gemaakt, met verschillende blaadjes sla, rucola, paars mosterdblad en winterpostelein uit de kas, met pistachenootjes en gedroogde cranberry’s (zie foto). En als dessert een erg lekkere crème brûlée met rabarber, het recept zal ik dit weekend op de website zetten.

Wat ik nog over had heb ik met wat vers sinaasappelsap en een schepje vanillesuiker tot moes gekookt voor in de kwark de komende dagen. Het is voorjaar op het bord (ondanks de bijna winterse temperaturen buiten).

Zaaien, verspenen en planten

Wat is dit toch altijd een drukke tijd! Vanaf volgende maand komen er allerlei klusjes bij, zoals wieden, water geven, opbinden, etc.. En ook dan is er nog heel veel te zaaien en uit te planten (denk aan bonen, komkommers, courgettes, maïs, etc.). Maar juist omdat er straks ook nog zoveel andere dingen in de tuin te doen zijn probeer ik nu te zaaien wat al gezaaid kan worden, en te verspenen en uit te planten wat groot genoeg is.

Ik heb als voorbeeld de Papaver rhoeas. Misschien een slecht voorbeeld omdat ze lastig te verplanten is (ze heeft een penwortel, daar ben ik na 28 jaar tuinieren deze maand achtergekomen 🙂 ).

Maar misschien is het juist een goed voorbeeld, want op deze manier zaai ik papavers al jaren, en dat gaat hier altijd goed, penwortel of niet.

Papavers kunnen heel goed tegen kou. En dus zaaide ik deze Papaver rhoeas Falling in Love eind januari al. Niet dat dat nou zo nodig is hoor; ik zaaide tegelijkertijd ook een Papaver somniferum maar dat waren oude zaden en die kiemden niet meer. En dus zaaide ik vorige week nieuwe Papaverzaden van een ander ras, en die kiemden binnen een week. Over een maand is de kans groot dat het verschil tussen de vroeg gezaaide en laat gezaaide papavers amper nog te zien is,: hoe hoger de temperatuur; des te sneller kiemen de zaden en des te sneller groeien de zaailingen.

Maar zo gaat dat, ik wil in het vroege voorjaar gewoon heel graag zaaien, en dat kan met papavers 🙂

 

Op de foto zie je links de zaailingen op 16 februari. Ik had ze gezaaid in een tray met grote vakjes van 4 x 4 centimeter. De zaden zijn heel klein en ik probeer maximaal 5 tot 10 zaden per vakje te zaaien (want meestal kiemen niet alle zaden). Ik verspeen graag zaailingen wanneer ze nog jong/klein zijn. Door het hele plugje met grond en zaailing(en) met miniworteltjes over te zetten naar een 9-centimeterpotje is er voor de zaailingen de minste kans op beschadigingen.

Bij de meeste bloemen verspeen ik niet per zaailing. Ik vind dat teveel gedoe, daarmee beschadig ik juist zaailingen/worteltjes. De zaailingen binnen zo’n plugje mogen zelf uitvechten wie de sterkste is. Uitzonderingen op die regel zijn bijvoorbeeld Lathyrus en Oost-Indische kers, maar dat zijn dan ook vrij grote zaden en die zaai ik gewoon 1 zaadje per vakje of potje.

Hetzelfde geldt eigenlijk voor groenten en kruiden. Bij soorten waarvan ik losse blaadjes eet zaai ik ook wat meer zaden per vakje, zoals rucola, mosterdblad, peterselie. Soorten waarvan er maar 1 plant op ruime afstand van andere planten mag staan zaai ik 1 zaadje per vakje (denk aan tomaten, koolsoorten, maïs en courgette).

Rechts op de foto zie je hoe die verspeende zaailingen er vandaag bij staan: groot genoeg om uit te planten. De meeste zaailingen in het plugje hebben het overleefd en het is nu een mooi vol bosje zaailingen dat we in één plantgat uitplanten. Ik kijk ook altijd nog even naar de onderkant van de potjes; als uit de afwateringsgaten worteltjes groeien zijn de zaailingen goed geworteld. En dat is minstens zo belangrijk als wat je boven de grond ziet.

De foto hieronder laat zien hoe het vervolgens is gegaan. De grond is fijngemaakt, luchtig, gevoed en aangeharkt. En dan is het een kwestie van een plantgat graven, de zaailing voorzichtig uit het potje halen en het kluitje met zaailingen planten.

Op de foto zie je  links de inhoud van het potje papaverzaailingen. Gezond, en een goed dooraderd wortelgestel. En rechts op de foto zie je dan hoe ze in de grond is geplant, diep genoeg en de grond wat aangeduwd. Direct water geven en ‘Klaar is Kees’.

 

Over 2 tot 3 weken hopen we de tomatenzaailingen in de kas uit te kunnen planten (maar dan moeten ze wel eerst nog even groeien). In ieder geval gaat het best goed met ze, ondanks de toch af en toe behoorlijk koude nachten.

 

Tomaten moeten op een vrij grote afstand van elkaar staan en om die reden zaai ik één zaadje per vakje en verspeen ik de plugjes naar ook één plantje per pot.

En zo staan er meerdere van dit soort bakken in de kassen, allemaal met potjes verspeende zaailingen. Van peterselie en kool, goudsbloemen en selderij tot lavendel en komkommerkruid. Soms alleen, soms met meer in een potje, afhankelijk van de soort.

 

En dan zijn er nog de zaden die je eigenlijk beter ter plaatse kunt zaaien, omdat ze niet van verspenen/verplanten houden of omdat ze vrij dicht op elkaar groeien. Voorbeelden daarvan zijn worteltjes, schorseneren, pastinaken, dille, raapjes, radijs, postelein, spinazie, rammenas en witlof. En lenteui, op de foto hieronder zie je dat de eerste zaailingen in een rijtje kiemen (3 weken geleden gezaaid).

 

Tot slot is er dan nog een groep planten die je nooit meer hoeft te zaaien, omdat ze zich rijkelijk uitzaaien. Polygonum orientale is daar een voorbeeld van. Sinds afgelopen weekend komen ze massaal op in de tuin:

 

Makkelijk te herkennen! Ik heb al wat plukjes met zaailingen zo links en rechts in de tuin uitgeplant. de rest zal worden ondergeschoffeld (ja, wel een beetje zonde maar ik heb nu eenmaal geen plaats voor 10.000 Polygonumplanten 🙂 ).

Verschillende soorten kiemen en groeien dus op verschillende manieren en kunnen op meerdere manieren worden gezaaid, verspeend (of niet) en uitgeplant. Je eigen voorkeur en ervaring is daarbij zeker ook belangrijk.

Ik ben blij wanneer het gros van deze zaailingen over 1 tot 3 weken is uitgeplant: dan komt er ruimte in de kas en klaart het in mijn hoofd ook weer wat op, want ik kan bijna niet meer bijhouden wat is gezaaid, wat is gekiemd, wat is verspeend en wat is uitgeplant (en waar).

En dan nog even over de zaaiagenda die Laura en ik hebben gemaakt. Zonder arrogant te willen klinken durf ik te zeggen dat ik mijn voorjaarsplanning altijd wel redelijk op orde heb en niets vergeet te zaaien. Maar ik heb de agenda wel altijd bij me, standaard in mijn tuintas. Ik kijk er even in om bijvoorbeeld een plantafstand te controleren, of om even lekker in te bladeren, of om er zelf wat aantekeningen in te maken.

Maar nu wordt ze voor mij persoonlijk pas echt leuk en handig en belangrijk. Want nu begint het; ik heb nog wat plekjes vrij in de tuin. En wat kan ik daar dan nog zaaien of planten?

 

Met de agenda naast me bedenk ik dat ik nog wel wat Oost-Indische kers kan zaaien. En waterkers: leuk en wat is het eigenlijk lang geleden dat ik die zaaide! En ik was toch bijna dille vergeten te zaaien. Ik weet dat ik de agenda juist vanaf nu tot in de herfst vaak open zal slaan, om te kijken wat ik kan zaaien op open plekjes maar ook op plaatsen die de komende maanden na het oogsten leeg komen. Oftewel; wat kan ik wanneer en waar nog zaaien.

Voor wie de agenda nog niet kent, ik heb er hier meer over geschreven, en ze kan via de webwinkel van Laura besteld (= ook via de gele banner bovenaan dit blog).

En Laura staat aanstaande zondag met onze zaaiagenda op de Lentefair in de tuin van het Duurzaamheidscentrum De Papaver in Delft. Ik ben voor de organisatoren, bezoekers en Laura blij dat het een mooie lentedag belooft te worden! De toegang is gratis . Voor meer informatie: Duurzame Lentefair

Dan kan ik nog even melden welke pagina’s ik heb bijgewerkt binnen de database van eenjarigen, met meer informatie, en meer en grotere foto’s:

En de pagina over de teelt van Kweeperen is ondertussen ook klaar.

Tot slot dan nog even een foto van de Papaver rhoeas Falling in Love waarover ik in het eerste deel van dit blog schreef. Deze foto is van 2014 en de zaden bleken dus na 5 jaar nog prima kiemkrachtig te zijn. Ik hoop dat ze dit jaar net zo mooi en rijk bloeit als 5 jaar geleden!