Categorie archief: Blog 2019

Bodembedekking in de moestuin

Allereerst iets over de mails met de melding van een blog:

Sinds begin maart heb ik wat meldingen gekregen van mensen die de mail met de link naar een nieuw blog niet meer krijgen. Augus heeft het eerst geprobeerd te repareren, maar uiteindelijk bleek het probleem te liggen bij het feit dat er ondertussen zoveel mensen zijn aangemeld voor de mails dat het mailprogramma die grote hoeveelheid mails versturen niet meer aankon. Augus heeft nu een nieuw mailaccount verbonden met de mails die automatisch vanuit de website worden verzonden. Ingewikkeld, voor mij ook, maar het betekent dat, als alles goed gaat, vanaf nu iedereen de mail weer krijgt.

Er is wel één aandachtspunt; de mails worden vanaf nu dus verstuurd vanuit een ander mailadres en dat betekent dat er wellicht een aantal mensen zijn bij wie de mail in de spambox terecht komt (want het zijn nu eenmaal veel mails die automatisch worden verzonden).

Ik hoop dus van harte dat iedereen aan het begin van de nacht de mail ontvangt! Als dat niet zo is: controleer dan even je spambox, wellicht is de mail daarin terecht gekomen. Je kunt dan heel makkelijk aangeven dat je mails van die afzender = mij voortaan vertrouwt. Voor wie niet weet hoe je dat kunt doen, kijk dan even hier, in de alinea’s onder de eerste 6 punten: Kahlo uitleg 

En als er dan nog iets mis gaat, laat het dan vooral weten. Voor de mensen die de laatste berichten en vernieuwde pagina’s niet hebben gezien, in mijn vorige blog heb ik de directe links naar de laatste blogs en de laatst aangepaste pagina’s vermeld: Tuin en website.

Nou, en dan ga ik alvast duimen voor vanavond en vannacht 🙂 . En dan kan ik nu wat gaan vertellen over de bodembedekking in onze tuin:

Geen plant is hetzelfde in de moestuin. Sinds we de grond in de moestuin bedekken komen we er telkens achter dat sommige soorten bedekking bij sommige soorten planten niet of juist heel goed werkt.

Er zijn een paar grote voordelen van het bedekken van de grond, en tegelijkertijd ook wat nadelen. Bodembedekking onderdrukt  bijvoorbeeld onkruidgroei (niet helemaal hoor, onder de bedekking zoeken planten naar een plekje met wat licht en lucht om daar boven te komen, maar het helpt zeker wel voor een flink deel). Daarnaast houdt het de grond vochtig.

Een nadeel is dat een natuurlijke bedekking uiteindelijk composteert, en dat is in principe heel positief. Maar om te composteren is stikstof nodig, en dat wordt uit de grond gebruikt en zorgt ervoor dat zaailingen en jonge planten minder goed groeien (is onze ervaring). Volwassen planten hebben in principe wortels die groot genoeg zijn om voeding uit diepere lagen van de grond te halen.

Bodembedekking zorgt dat de grond in het voorjaar minder snel opwarmt. En dat is jammer. Maar het zorgt er dus ook voor dat de grond in de herfst minder snel afkoelt. Alles heeft voor- en nadelen.

We hebben een paar jaar bedekken met stro geprobeerd. Dat was op sommige plaatsen een succes maar zeker niet altijd. Tussen de aardbeien ging het prima (vochtige grond, minder onkruid, droge vruchten). Maar de jonge pootuien wilden niet groeien in de lang koud blijvende grond die te weinig voedingsstoffen bevatte onder het stro.

In de afgelopen paar jaar hebben we geleerd om na te denken over welke planten welke bedekking willen, en ervaren wat handig is en wat niet.

Op de foto hieronder zie je een rijtjes knoflook (en erachter gezaaide worteltjes, plantuitjes, etc.). We hebben hier gekozen voor repen zwart worteldoek (of is het antiworteldoek, die 2 namen lijken ongeveer even vaak gebruikt te worden). Omdat het vroege soorten zijn, en jonge zaailingen en plantjes. Het zwarte doek helpt de grond juist al vroeg op te warmen, houdt onkruid tegen, houdt vocht in de bodem. En er wordt geen stikstof verbruikt uit de grond, want het is geen natuurlijk materiaal. Jammer dat het snel wegwaait, daarom leggen we er stenen op (zeker met de windkracht 8 van vorige week).

 

Blauwe bessen houden van vochtige en zure grond. Om die reden hebben we daar gekozen voor een bodembedekking van takjes coniferen. Zo blijft de grond vochtig, het houdt wat onkruidgroei tegen en de struiken zijn groot genoeg om voeding uit de diepere lagen van de grond te halen.

 

Dit jaar proberen we voor het eerst ook een bodembedekking van karton. Ook dat waait snel weg dus ook daar leggen we de eerste weken/maanden stenen op. We hebben trouwens ook tentharingen, metalen beugels, etc. geprobeerd maar stenen werken in onze tuin het best. Het karton (we gebruiken alleen bruin karton met zo min mogelijk opdruk/inkt) zal in de loop van dit jaar langzaam composteren. Tussen de repen karton zijn raapjes gezaaid, en radijsjes en bietjes:

 

En dan zijn we er nog niet. Onder de fruitbomen hebben we dit jaar een bedekking van dunne takjes. We kregen dat van de gemeente, het werd op het tuinbouwcomplex gestort. Niemand wilde het, want het zijn te kleine en dunne takjes om als looppad te dienen. En er zitten ook wat stekelige rozentakjes tussen dus ook niet echt geschikt voor de composthoop. Maar tussen de fruitbomen houdt het onkruid tegen, het vocht vast in de bodem. Het stimuleert het bodemleven en het mag in een jaar of 2 langzaam composteren, de voeding die we hebben gegeven kan door de volwassen bomen (en struiken) uit de diepere lagen van de grond worden gehaald.

 

En dan gaan we dit jaar ook nog groenafval uit de tuin (zoals het blad van bieten en worteltjes, munt, bonen, dille, tuinbonen, maar ook heermoes, etc.) als mulchlaag gebruiken, bijvoorbeeld op het karton, maar ook op de dan nog kale grond. Daar heb ik nog geen foto van, er is simpelweg nu nog geen afval. En ik wil er verder ook nog niet zoveel over vertellen want Ruud vindt het vreselijk (“Al die rotzooi die lukraak en schots en scheef tussen planten ligt”). Ik ben dus nog druk bezig om hem heel langzaam maar gestaag aan het idee te laten wennen  🙂

En tot slot is er dan nog mest. De 2 achterste vakken in de tuin zijn bestemd voor courgettes, pompoenen en maïs. En die planten we in een gat met potgrond in een vak waar we paardenmest over de grond hebben verdeeld:

 

Ik hoop komende zomer nog eens te laten zien welke planten onder welke bodembedekking goed groeien en bloeien. Want ook voor ons is het elk jaar weer leren van het jaar daarvoor (en dat is het leuke van tuinieren, geen jaar hetzelfde en altijd wat te leren en nieuwe dingen te ervaren).

Tot slot nog even de link naar een blog dat ik op de website van Pokon schreef, daar beschrijf ik en laat ik zien hoe wij aardappelen poten (inclusief bodembedekking van worteldoek): Aardappelen poten

En ik heb nog wat soorten in de database van eenjarigen bijgewerkt (informatie aangepast en uitgebreid en nieuwe/grotere foto’s geplaatst:

Tot slot dan nog 1 foto, natuurlijk van iets van fruit. Want de pruimenbomen bloeien. En de knopjes verschijnen in de perenboom. En ik kijk elke dag of ik al iets zie verschijnen in de appel (hier altijd de laatste van de drie).

Afgelopen najaar kochten we een bosperzik (platte perzik). In haar eerste jaar in onze tuin is ze nog heel klein. En toch bloeit ze! Ik weet het, ze moet eerst groeien. Vruchten dragen kost energie, ze moet gewoon eerst groot en sterk worden. Maar wat zou ik het leuk vinden als ze dit jaar 1 klein perzikje zou geven. Eentje maar. Om te proeven, en om er een foto van te maken. Maar ook als dat niet het geval is ben ik nu al blij met de prachtige roze bloesem:

 

Tuin en Website

Hèhè, eindelijk. Tuinieren is toch zoveel leuker zonder windkracht 8, slagregen en hagel.

We hebben het idee dat we anderhalve week hebben stilgestaan (en dat is ook wel een beetje zo). En dus zijn we blij dat we nu volop aan de slag kunnen. We hebben aardappelen gepoot en tuinbonen uitgeplant, we hebben nog wat doperwten gezaaid en kapucijnerzaailingen uitgeplant, we hebben de laatste plantuitjes geplant en radijsjes en raapjes gezaaid. We hebben het er best druk mee.

De voorgezaaide bietjes zijn gekiemd, en dat geldt ook voor spitskool, snijbiet, sla en de eerste bloemen zoals Calendula en Papaver.

 

De kassen staan nog vol, met rommel, opslag van emmers, netten en stokken. En de planten in potten die in de kas hebben overwinterd staan daar ondertussen ook wel wat in de weg. We gaan ze deze week terugsnoeien/afknippen, voeden en buiten zetten.

De Asarina procumbens is zo’n matig winterharde soort. Maar in een pot in de kas heeft ze deze winter makkelijk overleefd, en ze begint zelfs al te bloeien! Met het mooie, donzig blauwgroene blad en kleine crèmewit-met-gele leeuwebekachtige bloempjes, ik ben blij dat ik haar afgelopen herfst niet heb weggegooid (meestal zaai ik haar als eenjarige want dat kan ook heel goed).

 

Als de kassen leeg zijn is de tuin in opbouw al bijna vol. Want de stokken willen we gelijk al in de grond zetten voor de bonen. En de netten worden gebruikt voor het afdekken van tuinbonen, kapucijners, Lathyrus en peulen.

Dan kunnen we wellicht de ruiten van de kassen nog even schoonmaken, en gaan we vervolgens de grond in de kassen  omwoelen en voeden voor het tuinjaar.

In kas 2 groeien de rijtjes met vroege saladegroenten prima, we hebben al twee keer geoogst van spinazie, sla, rucola en mosterdblad.

Het is lang geleden dat ik dit ras teelde, het wordt snijsla genoemd (het lijkt op pluksla maar dan met wat minder grote blaadjes). Ze heet ‘Witte Dunsel’ en staat erom bekend dat ze goed tegen kou kan. En we vinden de blaadjes erg lekker, ik ga haar zeker vaker telen!

 

Eigenlijk schrijf ik dit blog als test: ik heb flink wat berichten gekregen van mensen die één of meerdere mails met berichten van een nieuw blog niet hebben ontvangen. Zelf heb ik ook één keer mijn eigen melding niet gekregen, en ik heb een aantal reacties gemist (daar krijg ik normaal gesproken ook altijd een mailtje van).

Augus heeft de website verhuisd naar een nieuwe en grotere server. Omdat de website te groot werd voor de kleine server waar ze blijkbaar nu nog op stond (door alle toegevoegde foto’s, pagina’s, blogberichten, etc.). En daar is blijkbaar iets mis gegaan. Ik begreep van Augus dat het probleem nu opgelost moet zijn, ik hoop dat iedereen vannacht vanaf 00.00 uur een mail met de plaatsing van dit blog ontvangt! Als dat niet het geval is hoor ik het heel graag.

Voor de mensen die de afgelopen 2 weken geen mails hebben gehad met de melding dat ik een blog heb geplaatst, bij deze voor alle zekerheid en duidelijkheid nog even de directe links naar de blogs die ik in maart heb geschreven:

En dan kan ik gelijk ook nog even melden dat de database van paprika’s ondertussen klaar is. Met grotere foto’s en ook daar (net als bij de tomatendatabase) de mogelijkheid tot het plaatsen van eigen ervaringen met de betreffende rassen.

En ik heb afgelopen weekend erg lekkere en makkelijk te maken muffins met de allerlaatste diepvriesframbozen uit eigen tuin  gemaakt. Het recept heb ik ondertussen ook op de website geplaatst: Muffins met frambozen en witte chocolade

 

En nu? Nu ben ik begonnen met het bijwerken van de database van eenjarigen. En dat is veel meer werk dan de andere databases, omdat ik gelijk ook teksten aanpas. En ik heb in de afgelopen jaren heel veel foto’s gemaakt en bewaard, die moet ik uitzoeken en de mooiste of duidelijkste foto’s kan ik dan in groot formaat plaatsen. Voor wie er interesse in heeft, de pagina’s van Calendula en Lavatera zijn ondertussen klaar.

Heel veel links cq leesvoer, ik weet het 🙂 . Ik hoop dat de mail nu goed aankomt, ik wacht het maar even af. En ik vrees dat ik er zelf toch niet zoveel aan kan doen behalve het melden aan Augus wanneer er nog steeds problemen zijn.

Tot slot nog 1 foto. Ondanks de stevige en koude wind was het een heerlijke dag in de tuin. De pruimenbomen gaan bloeien:

 

En we zien wat heel kleine knopjes in de perenboom. En het eerste bloempje van ons nieuwe perzikenboompje bloeit. En de druif gaat voorzichtig uitlopen. De dat geldt ook voor de blauwe bessen, aalbes en kruisbes. Dan lijkt de lente gelijk al heel dichtbij!

 

Een ‘geheimpje’

Ik ga niks over het weer zeggen. Behalve dan dat we hier zo ongeveer zijn weggewaaid en weggespoeld. Maar het einde daarvan lijkt in zicht, nog 3 dagen zuidwester, lieslaarzen en stormparaplu en dan belooft de KNMI beterschap. Ik mag het hopen.

We zijn door het slechte weer amper op de volkstuin geweest. En ik heb op zolder de pootaardappelen nog wat koeler gelegd (want poten in een bak met modder was geen optie). We hopen ze volgende week te kunnen poten.

Maar genoeg over het weer, ik wil iets opbiechten. We zijn maandag wel op de volkstuin geweest. Want ik hou geen tomaten meer in huis. Het is in ons huis gewoon te donker, te warm of juist te klam. De tomaten met slechts 2 kiemblaadjes staan dus al in de koude kas. Ja, inderdaad, in maart.

Zo, dat heb ik toch eindelijk maar eens opgebiecht. Ik heb daar nog nooit eerder over geschreven (terwijl ik dat wel al een jaar of 6 zo  doe). Dat komt omdat ik het iedereen af kan raden, het is niet de ideale manier om tomaten op te kweken. Eigenlijk is het nog veel te koud. Maar ik heb geen goede plaats in huis. Het is dus een noodoplossing.

Hoe kwam ik eigenlijk op dit idee?

Ik heb eens wat zaailingen aan een tuinbuurman gegeven, begin maart, en hij liet ze gewoon in de koude kas staan. En die zaailingen overleefden. En het jaar erop zag ik tomatenzaailingen eind maart bij een tuinbuurvrouw in potjes in de kas staan. Die overleefden het ook. En ondertussen zag ik elk jaar wel wat tomatenzaailingen in maart en april in onze eigen kas kiemen (uit zaden van een gevallen tomaat van vorig jaar, die hadden blijkbaar de winter overleefd).

Dus toen heb ik het maar eens geprobeerd. Met angst en beven. Maar het lukte. Niet dat het altijd even makkelijk was hoor. Want ik wil wel alles doen om de kans op overleven zo groot mogelijk te maken. En er waren jaren….. met kou, zelfs nachtvorst, etc.. Ook nu is het allemaal niet ideaal. Maar dit is wat het is, en ik zal het nu maar eens laten zien.

Ik heb de tomatenzaailingen in huis bij kamertemperatuur laten kiemen. In vermiculiet (dat heb ik beschreven in mijn blog op de website Pokon: Tomaten zaaien). Na het kiemen hebben we de tray met zaailingen meegenomen naar de volkstuin. Daar had ik vorige week al 2 zakken potgrond in de kas gezet (in de hoop op wat opwarming).

En daar heb ik dus de tomaten in verspeend:

 

Klein hè! En dat bij een graad of 10, veel warmer was het niet in de kas. Overdag, Joost mag weten hoe koud het in de nacht in de kas was en wordt.

Ondertussen heeft Ruud een deel van de kas opgeruimd en een geraamte voor een tentje gezet:

 

Oh ja, even tussendoor: zie je rechts achterin onder de laatste buis dat groene plantje in de grond? Dat is een uitloper van de framboos die buiten voor de kas staat. Voor wie nog niet weet dat frambozen kunnen woekeren: dit is een uitloper in de kas, op ruim een meter afstand van de moederplant die buiten staat, één jaar na het uitplanten van die moederplant (als stek). Zo snel kan het dus gaan 🙂

Terug naar de tomatenzaailingen. De drie bakken met zaailingen (er komt nog een vierde bij maar die zaden moet ik in een tweede ronde nog zaaien) staan ondertussen in de onderbakken op hun plaats:

 

Vervolgens heb ik 4 volle emmers en gieters met water tegen de onderbakken aan gezet. In de hoop op zon = opwarming van het water (en daardoor een temperatuur die net 1 of 2 graden hoger ligt). En vervolgens hebben we het vliesdoek eroverheen gedrapeerd:

 

Zoals gezegd, ik kan het iedereen afraden. Want nu begint het wachten. En hopen op zon, zodat het onder het vliesdoek opwarmt. En duimen voor niet te koude nachten. En dan valt het niet mee dat het nu al een hele week koud en nat is. Ik word nog net niet ’s nachts wakker, badend in het zweet, uit een nachtmerrie waarin tomatenzaailingen me de slechtste moeder ooit noemen. Maar ik kijk wel 23 keer per dag naar de weerberichten. En ik heb de neiging om elke dag even naar de tuin te gaan, om te kijken hoe het met ze is.

Nee, dit is verre van ideaal. Maar in huis te slappe, dunne, lange, iele en zwakke zaailingen opkweken die ik met satéprikkers als ministokjes en touwtjes op moet binden en overeind moet houden is ook niks.

Ik liet vorige week een foto van de pepers, paprika’s en aubergines zien, die hebben het allerbeste plekje in huis, in de zon op een licht verwarmde slaapkamer. Alle andere plaatsen zijn mindere plaatsen. Zoals je hier kunt zien:

 

Op de foto zie je zaailingen van Melothria en Emilia: nu al lang en dun aan het worden. Nog niet te erg, ik ga ze vandaag nog verspenen (en pot ze dan iets dieper op), en dan gaan ze naar een onverwarmde slaapkamer in het raamkozijn.

Maar een goede plaats voor 85 tomatenzaailingen heb ik dus echt niet.

Ik heb een jaar of 3 geleden nog wel een keer een foto gemaakt van het blad van een tomatenzaailing die het koud had:

 

Een zaailing kan dan geen voeding opnemen (door de kou) en de zaailing krijgt aan de bovenkant geelgroen blad, en de nerven en de onderkant van het blad worden juist paarsachtig.

En ik vond nog een foto, van 5 jaar geleden op 28 maart:

 

Ook onder een tentje. En voor alle duidelijkheid: zo’n tent neemt licht weg, dus het is relatief donker in zo’n vliesdoektent. Maar tegelijkertijd is het koud. En dat zorgt ervoor dat de zaailingen niet lang en dun worden. Maar hoe warmer het wordt, des te vaker zal het vliesdoek eraf moeten (zoals op deze foto). Zodat de zaailingen voldoende licht en lucht krijgen.

Ik word in ieder geval een beetje gerustgesteld als ik naar deze foto kijk; toen ging het blijkbaar goed, dus ik heb hoop dat het dit jaar ook weer goed komt met de zaailingen. Dat neemt niet weg dat ik wel onrustig ben, met het idee van de tomatenzaailingen in de koude kas. Oftewel; doe dit thuis niet. En als het wel moet, omdat je net als ik geen goede plaats in huis hebt voor de tomatenzaailingen; wees dan alert, maak een tentje of zorg op een andere manier voor wat extra warmte. En hoop op mooi weer.

Tot slot nog even wat meldingen:

Ik heb de tomatendatabase klaar! Hoera!! Wat een saai werk was dat. En veel werk ook, en vaak en lang wachten op het uploaden van een paar honderd groot formaat foto’s. Maar ze is klaar! Ze is nu nog verdeeld over 2 pagina’s (daar heb ik ooit voor gekozen omdat het zoveel is voor 1 pagina), op de nieuwe website worden ze samengevoegd in één database met zoekfunctie. Alle tomaten die ik zelf heb heb geteeld vind je in die database: Tomatendatabase. En daar kunnen nu dus ook eigen ervaringen met een bepaald ras in reactie worden geplaatst. De mensen die al wat reacties hebben geplaatst: hartelijk dank!

En dan nu? Ik ben begonnen met het aanpassen van de paprikadatabase (poeh, op dezelfde manier, gelukkig zijn dat er wel wat minder).

En ik heb de pagina met informatie over de teelt van uien nagekeken, aangepast en nieuwere en grotere foto’s geplaatst: Uien 

En tot slot wil ik nog iets over de Zaaiagenda melden. Ik heb daar een paar weken niets over geschreven; met zo’n opvallend grote gele banner bovenaan de pagina hoef ik er geen bijna reclame voor te maken 🙂 . Voor wie geen idee heeft waar ik het over heb; ik heb samen met Laura een Zaaiagenda voor de moestuin gemaakt. Je kunt hier meer lezen over de totstandkoming van de agenda. En de agenda is dus via de banner bovenaan deze pagina op de website van Laura te bestellen (en op haar website vind je ook een inkijkexemplaar).

Ik ben zelf met de agenda aan het werk, en ben ook begonnen met het controleren van elk icoon in elk schema van elke soort op elke pagina. En ik heb een paar foutjes gevonden. Dat was ook wel te verwachten; het is bijna onmogelijk om in zoveel zaaischema’s met zoveel iconen geen enkel foutje te maken.

Ik heb bedacht dat het misschien handig is om de foutjes die ik vind op deze pagina te vermelden: Zaaiagenda. Je ziet op die pagina (onder het verhaal over de agenda) een lijstje met de foutjes die ik heb gevonden. Wie het handig vindt kan de foutjes dus in de eigen zaaiagenda verbeteren.

 

Ik maak dus ondertussen zelf ook aantekeningen in de agenda. Wel met potlood, want ook ik vind het nog steeds erg zonde om er met pen in te schrijven 🙂 .

 

Feuilleton in 3 delen: buiten

In dit driedelige verhaal over de drie plaatsen waar we op dit moment al druk aan het tuinieren zijn heb ik al eerder Binnen en In de kas geschreven. En dan nu tot slot iets over Buiten.

Buiten is het hier nog vrij leeg, maar tegelijkertijd al stampvol gepland. Er zijn wel al wat soorten gezaaid en geplant: sjalotten en uien zijn gepoot, worteltjes zijn gezaaid, evenals lenteui en raapjes. En de knofloken beginnen weer te groeien:

 

Maar de meeste soorten zaai ik voor, die zaaisels staan in tray’s en potjes in de koude kas. Omdat ik dat nu eenmaal prettig vind, het is iets meer gecontroleerd. Ik heb bijvoorbeeld niet voor niets veel geld en forse verzendkosten betaald voor slechts weinig zaden van de snijbiet Peppermint uit Engeland, teveel om die buiten in regen en storm te zaaien, ik zaai dat soort kostbare soorten liever voor en plant de zaailingen later gelijk op de juiste plaats en afstand uit.

Omdat de tuin nog grotendeels leeg is kunnen Ruud en ik nog volop discussiëren over wat waar komt (en in welke hoeveelheden). En dat doen we dan ook.

We overleggen waar de doperwten en tuinbonen komen. Nou ja, overleggen….. Ruud weet al een mooi vak. Ik zeg nog dat het vak dat hij kiest wel wat meer schaduw krijgt dan wat doperwten fijn vinden. Maar Ruud is al onderweg, met een flink rek onder zijn arm.

Op deze foto zie je de 2 doperwtenrekken in 2018. Afgrijselijk schuin (in Ruud’s ogen), simpelweg omdat ze recht niet in het vak pasten. Ik vond het juist heel vrolijk, eens iets anders dan een rechte lijn:

 

“Kijk”, zegt Ruud terwijl hij het eerste rek al richting het betreffende vak sjouwt (en met ook zoveel enthousiasme en vaart), “De 2 rekken kunnen hier gewoon naast elkaar staan”.

Aha! Dat was het dus. En hij had het blijkbaar van tevoren (al dan niet stiekem) opgemeten. Ik grinnik heimelijk terwijl ik met rek 2 achter hem sjouw, en zeg “Maar het was vorig jaar toch heel leuk, zo schuin? Als we willen kunnen we de 2 rekken hier ook in een soort V-vorm zetten”. Ruud kijkt naar me alsof ik letterlijk een klap van welke molen dan ook heb gehad. “Ik dacht het niet” is het korte antwoord met een duidelijke punt erachter.

 

Lekker recht hoor. 1-0 voor Ruud.

De volgende discussie gaat natuurlijk over de bonen. Ik zag Ruud al een paar keer schijnbaar doelloos door de tuin lopen. Maar ik weet wel dat hij uiteindelijk gewoon een plekje zocht voor ‘zijn’ bonen. “Dan maar geen kool”, zegt Ruud, terwijl hij bij het vak staat waar die juist die kolen zouden komen. “Maar ik heb al spitskool en rode kool en zo gezaaid”, zeg ik nog. “En er ligt flink wat half verteerde mest in dit vak, dat vinden kolen lekker maar bonen niet”. En daarmee is de discussie over dit vak al snel beëindigd want Ruud is het (zowaar) met me eens.

En vooruit, ik ben de rotste niet: ik opper dat ik het aantal kolen dat we zetten wel een beetje kan beperken en dan wat meer kolen in juli zaai. Dan zouden de preien bij de kolen kunnen. En dan komt er in het vak voor bladgewassen een stukje vrij. Daar zouden dan de paarse aardappelen kunnen komen. En zo maak ik met 4 tussenstappen uiteindelijk plaats voor wat extra stokbonen.

Het is een heel gepuzzel maar er valt zichtbaar een last van Ruud’s schouders. En ach, die hele vruchtwisseling waren we toch al aan het loslaten. Ik maak Ruud’s hele dag goed door te zeggen dat in mijn vak voor de mooie moestuin wel een rijtje paarse boontjes kunnen staan.

En dat is dan altijd ook het juiste moment om mijn eigen wensen te opperen. Zoals een oud rek dat ik nog graag blauw wil verven en Ruud zonder morren tevoorschijn haalt. En de palmkool die ik wil redden. Het is één plant die ik vorige maand ook al liet zien, opgevreten door de duiven, en de kop eruit gevreten.

 

Maar deze palmkool geeft niet op. En dan kan ik dat dus ook niet. Ze krijgt allemaal zijscheutjes waaraan wellicht volgende maand de eerste gele bloempjes al kunnen verschijnen. Extra leuk want koolbloemen lokken heel veel bijen en hommels naar de tuin. En tegen die tijd is de tuin al veel voller en bloeien wellicht ook de fruitbomen en – struiken. Dat zou mooi zijn (letterlijk en figuurlijk).

 

Ruud ziet er het nut niet van in, en  zegt “Zet er dan een nieuwe koolplant, daar heb je tenminste wat aan”. Maar verder vindt hij het prima, nog niet vergeten dat in dit vak ook wat bonen van hem mogen komen.

Voor wat hoort wat. Samen tuinieren is nooit saai.

Ik ga vandaag in de kas bloemen voorzaaien. En morgen blijf ik thuis,  om binnen tomaten te verspenen. En daarna kunnen we weer naar de kas, om de eerste minder winterharde planten in pot naar buiten te sjouwen. En daarna weer naar binnen, om de gestekte Brugmansia’s te verpotten en wat lichter te zetten. En daarna weer naar buiten, want de Salvia microphylla’s kunnen teruggesnoeid worden:

 

En zo hebben we het de komende weken op 3 fronten ongeveer even druk.

Ik wil nog even melden dat ik deze week op de website van Pokon ook een blog heb geschreven: Tomaten zaaien

En dan tot slot nog een foto van wat oude slazaden die ik had, ik had niet verwacht dat ze nog allemaal zouden kiemen en heb ze maar gemengd gezaaid. Maar dat deden ze wel, en ik heb nu dus een bak vol sla in geelgroen, groen, rood en gespikkeld en gevlekt in de kas staan. Nog een dag of 10 en dan kunnen we ze buiten uit gaan planten.

 

Feuilleton in 3 delen: de kas

Mijn vorige blog was deel 1 in dit feuilleton in 3 delen, toen schreef ik iets over wat er binnen allemaal al gebeurt op tuingebied.

Nu wil wat over de kas schrijven, en dat wordt het kortste blog van deze trilogie. Niet dat er niet veel in de kas staat, gebeurt of groeit hoor. Maar op dit moment is de kas vooral het tussenstation, tussen binnen en buiten. We zaaien er de soorten voor die best wat kou kunnen verdragen maar die ik graag koel voorzaai (bijvoorbeeld omdat ze anders door muizen of vogels worden opgevreten, of simpelweg omdat ik maar weinig zaden heb en die liever gecontroleerd in de kas voorzaai dan buiten ter plaatse in rijtjes zaai).

Tussen de soorten die ik heb gezaaid en al kiemen zitten bijvoorbeeld wat bietjes, spitskool, snijbiet, rodekool, sla en andijvie, maar ook bloemen als Papaver en Lathyrus. In de komende dagen en weken kunnen die soorten worden verspeend (dat doe ik bijvoorbeeld graag met kool; eerst nog even flink laten groeien). Andere soorten kunnen gelijk al buiten worden uitgeplant (zoals de sla en bietjes maar die zijn daarvoor nu nog iets te klein).

Ik heb al vaker verteld dat we drie kassen hebben. Ik durf de eerste kas nog niet te laten zien, want daar is het letterlijk nog een ravage. Maar vooruit, met een vleugje schaamte laat ik kas 3 zien. Tegelijkertijd, waarom eigenlijk schaamte, dit is in de winter onze opslagplaats, en we zijn er nu aan het opruimen:

 

Netten, tuinslangen, knielkrukjes, overwinterde matige winterharde planten in pot, emmers, schepjes, bindmateriaal dat ik nog kan hergebruiken, etc., etc. Maar rechts zie je ook de voorgezaaide erwten, kapucijners en Lathyrussen. Die kunnen we al uitplanten. Als we tijd zouden hebben. Want tjongejonge, we hebben het toch zo druk, er is overal werk aan de winkel.

In kas 2 heb ik in januari wat voorjaarsgroenten in rijtjes gezaaid. Die eerste weken gaat het tergend langzaam, het kiemen en dan vervolgens het eerste echte blaadje.

Maar nu kunnen we gaan oogsten. Dit weekend staat er een salade van spinazie, pluksla en rucola op het menu. We verheugen ons er nu al op!

De spinazie:

 

En de snijsla:

 

En tot slot de rucola:

 

Zie je het al voor je? In een lage witte schaal, al dat frisse lentegroen. En dan met niks anders dan wat goede olijfolie, even goede balsamicozijn en wat flinters Parmezaanse kaas. Tjonge, wat zijn we daar aan toe 🙂 .

Het is trouwens allemaal nog wel klein hoor – maar groot genoeg om er blaadjes vanaf te knippen. En we gaan gewoon beginnen met oogsten. Want nu de blaadjes eenmaal goed groeien en de plantjes dus groot genoeg zijn kunnen we er vanaf volgende week twee keer per week de grootste blaadjes van oogsten. En er staan ook nog wat rijtjes veldsla, mosterdblad en winterpostelein; die zijn nog net iets kleiner voor nu maar daar kunnen we vanaf volgend weekend van beginnen te oogsten. We moeten dus nog dooreten 🙂

Morgen staat er een tuindag gepland, en dan ga ik zaaien en verspenen. En dat doe ik in maart altijd in de kas. Ik hoop op wat zon, en doe voor alle zekerheid een vest aan zodat ik dat uit kan trekken wanneer het in de kas ruim boven de 20 graden wordt. Ik ga bloemen zaaien als Calendula (goudsbloem), Tropaeolum (Oost-Indische kers) en Eschscholzia (slaapmutsje), en groenten als bleekselderij, knolselderij, koolrabi en broccoli.

Ondertussen is Ruud morgen buiten bezig, want hij gaat hekwerken zetten voor erwten en sugarsnaps, en die zaailingen ook uitplanten.

Ik hoop morgenavond tijd te hebben om iets over het buitengebeuren te schrijven.

Ik heb in dit korte blog geen nieuwe mededelingen, maar wil nog even de link naar de pagina over het stekken van rozen vermelden (omdat ik die in het vorige blog was vergeten en pas later heb vermeld).

Tot slot alvast een klein voorproefje voor het blog over wat er buiten gebeurt. Niet uit eigen tuin want onze pruimenbomen staan achterin de tuin, en die krijgen daarom pas in de middag zon (en het zijn wat latere rassen zoals Avalon en Reine Victoria)). Maar de vroege pruim van onze tuinbuurman staat al wel in bloei: