Categorie archief: Blog 2019

Even

Wat hebben we het druk! Alles komt tegelijk.

Ruud en ik hebben allebei een heel andere manier van tuinieren. Ruud kan ’s ochtends bedenken wat hij in de tuin wil gaan doen. En dan gaat hij dat ook doen, bijna stoïcijns begint hij aan wat hij van plan was en maakt dat af.

Ik kan dat niet, ik zie teveel. Soms lijkt het alsof ik niks doe in de tuin. Ruud kan aan het einde van een tuindag altijd laten zien wat hij heeft gedaan: er zijn bijvoorbeeld 2 vakken onkruidvrij gemaakt, er is iets opgebonden en de planten in de kassen hebben water gekregen. Target gehaald, ik kan zo zijn werkbriefje aftekenen 🙂

Donderdag 11 uur:

 

Donderdag 12 uur:

 

Kijk, zo doet Ruud dat.

Ik ben er bijna jaloers op, en ik neem me heel vaak voor om dat ook zo te doen. En ik ga ook altijd naar de tuin met een plan, met in mijn hoofd een rijtje dingen die ik af wil hebben aan het einde van de dag. Maar de kans is zo ongeveer 0% dat dat ook daadwerkelijk lukt. En dat komt omdat ik nu eenmaal onderweg van alles en nog wat tegen kom. Ruud begrijpt dat niet, hij kan aan het einde van de dag zeggen: “Nou heb je al 5 dagen witlofzaden in je tas, heb je ze nou nog niet gezaaid?”

Ondertussen heb ik ze gezaaid, jawel! Maar het heeft inderdaad wel bijna een week geduurd, elke dag ging het zakje zaden mee naar de tuin, en ongeopend weer mee naar huis. En ik moet ook nog heel veel zaailingen uitplanten, overal staan tray’s en potjes:

 

Maar ondertussen begint de tuin al wel vol te worden en weet ik niet heel goed waar ik alles nog moet laten 🙂

En wat ik dan wel doe? Dat is misschien het best uit te leggen door een kleine opsomming te geven van een deel van een willekeurige tuindag in de afgelopen week:

  • De Zinnia’s in de voortuin zijn opgevreten (ik gok slakken). Dus die moet ik even opnieuw zaaien. De zaden gaan mee naar de tuin.
  • En ik moet dus potgrond met wat brekerzand mengen en een traytje vullen.
  • Als ik een lege tray in de kas wil pakken zie ik dat de 5 potjes met rode koolzaailingen kurkdroog staan. Die moet ik eerst even water geven.
  • Daarna vul ik een tray en wil ik de Zinnia’s gaan zaaien. Maar ik kom in mijn tas ook nog sojabonen tegen. Ook leuk!! Die zaai ik eerst.
  • Als ik de gezaaide sojaboontjes water wil geven en de gieter haal zie ik dat de emmer met heermoesgier wat extra water nodig heeft. Dat doe ik dan eerst even.
  • En op de terugweg zie ik dat een tak van de framboos helemaal over het pad hangt. Die moet ik even opbinden.
  • En daar zie ik ook een lieveheersbeestje, die vang ik voorzichtig en zet die in kas 2 op een peperplant met luis.
  • En in kas 2 zie ik vervolgens het glas met zoete aardappelstekken staan; ze hebben genoeg worteltjes om opgepot te worden. Ook gelijk maar even doen.
  • Daarna kan ik dan eindelijk de Zinnia’s gaan zaaien. Maar onderweg naar de tray en de tas waar de zaden nog steeds in zitten zie ik ineens dat de eerste knofloken door gaan schieten. Eerst even de bloeistengels eruit halen

 

  • En als het goed is zou het vrijdag gaan regenen. Dan strooi ik gelijk ook even wat kali bij de knofloken. En dan ook maar gelijk bij de aardappelen, bietjes en worteltjes.
  • Ik loop daarbij langs de knolvenkelzaailingen die ik gisteren in een verhoogde bak heb uitgeplant. Maar ik ben vergeten om die gelijk water te geven, alsnog even doen.
  • En dan kan ik gelijk ook even de pompoenen die erachter staan water geven.
  • En terwijl ik via het andere paadje terug loop zie ik dat 2 bladeren van de artisjok helemaal over de uien hangen. Ik haal een knipschaar om die bladeren even af te knippen.
  • En terwijl ik die bladeren naar de compostbak breng zie ik dat de framboos die daarnaast staat een uitloper maakt. Ik haal even een onkruidsteker en haal de frambozenuitloper weg
  • Daarbij zie ik dat er in de kruidentuin tussen de planten wat distels en heermoes groeien, die haal ik gelijk ook even weg

En vervolgens loop ik met mijn hand vol met onkruid naar Ruud, zodat ik het in zijn afvalemmer kan gooien. Maar Ruud’s emmer is al helemaal vol, want Ruud is ondertussen al klaar met een vak. “Heb jij ook al een vak schoon?”, vraagt hij. Nee, natuurlijk niet, ik ben, zoals zo vaak, 25 dingen op 15 plaatsen tegelijk aan het doen. En daar zie je nu eenmaal nooit gelijk resultaat van. Het klinkt zo nutteloos, maar dat is het niet hoor (ik praat mezelf wat moed in, dat lijkt me duidelijk).

Afijn, na nog enkele uren heen en weer lopen met zaden, gieters, zaailingen, knipschaar, stekjes, onkruid, bakjes en noem maar op, zijn uiteindelijk toch de Zinnia’s en witlof gezaaid. Maar aan wieden ben ik niet meer toegekomen, die taak schuift weer een dag op. Ruud heeft zijn target (natuurlijk) wel gehaald.

Samen planten we voor we naar huis gaan nog even de stokbonenplanten uit:

 

En geven we de kassen en de potten nog even water. En we ruimen nog even op. kijken nog even wat we hebben gedaan. En wat er nog moet gebeuren. En zien toch ineens een grote distel die we hebben gemist bij het wieden, die moet er nog even uit. En de schrepel blijkt nog in de tuin te liggen en moet nog even in de kist worden gelegd.

En dat gaat zo ook elke dag: als we om 15 uur zeggen dat we gaan stoppen weten we al dat we pas ruim een uur later ook echt op de fiets stappen.

Ik heb geen idee hoe vaak het woord ‘even’ in dit blog voorkomt, maar met heel veel ‘evens’ kan ik een hele tuindag vullen 🙂

Tot slot nog even wat mededelingen:

Ik heb op de website van Pokon ook een blog geschreven: over het hoe, wat en waarom van IJsheiligen

En ik heb nog wat pagina’s bijgewerkt:

En dan wil ik voor de laatste keer melden dat Laura dit weekend met onze zaaiagenda op het tuinevenement Gardenista staat:

 

Ze staat in de plattegrond op nummer 4C, een klein stukje voorbij het terras. Als je er naartoe gaat hoor ik heel graag hoe het is geweest. En breng dan vooral Laura ook even een bezoek! En dit weekend is de beursprijs van de agenda ook geldig in de webwinkel van Laura.

En dan nog iets: aanstaande zondag begint in Engeland de Chelsea Flower show weer! Van zondag tot en met volgende week vrijdag kun je elke dag op BBC1 en BBC2 zien wat daar gebeurt, je kunt er vaak showtuinen zien, impressies van het tuinevenement, interviews met kwekers, etc..

Tot slot dan nog 1 foto, van de Lavandula stoechas die tot mijn verbazing de afgelopen winter in de volle grond gewoon overleefde en nu volop bloeit:

 

Voor- en tegenspoed

Ik denk niet dat ik me een jaar kan herinneren dat werkelijk alles in de tuin het fantastisch deed. Er gaat altijd wel iets fout. Kunnen we veel bonen oogsten, dan doen de kolen het minder goed. Hebben we veel appels, dan hebben de peren een beurtjaar. Kiemen alle bonenzaden goed, dan valt het kiempercentage van de maïs tegen omdat de grond net iets te nat was. Het is altijd wat…..

En dit jaar is wat dat betreft niet anders. Sterker nog, we hebben wat extra tegenvallers. Het is altijd leuk om over de successen te schrijven (en die te laten zien). Maar het is misschien toch ook eens handig om de mislukkingen eens te laten zien; voor het geval dat mensen denken dat wij een ideale tuin hebben 🙂 . Het tegendeel is waar. En zoals ik al zo vaak heb gezegd, tuinieren is geen wetenschap. We moeten het doen met de omstandigheden zoals we ze voorgeschoteld krijgen. En soms vallen die wat tegen. En soms hebben we zelf door omstandigheden even wat minder tijd, of zin.

Een voorbeeld van die tegenvallende omstandigheden is (zoals ze wel vaker de hoofdschuldige is) het weer. Het blijft maar koud. Het onkruid heeft er geen enkel probleem mee maar de andere planten zijn er duidelijk minder van gecharmeerd. Tuinbonen en doperwten groeien prima, maar knolvenkel, bleekselderij, en zelfs de goudsbloemen staan stil en wachten op warmere tijden. En ook voor dit weekend worden nog koude nachttemperaturen verwacht, we wachten dus nog maar even met het uitplanten van bonen, maïs, courgettes, etc..

Ik heb in het vroege voorjaar voor het eerst Komatsuna (mosterdspinazie) gezaaid. Het is het ras Comred F1. Ze kiemde en groeide als de snelste en beste. Maar ze schiet nu al door, slechts 20 centimeter in doorsnede.

 

We gaan ze morgen maar oogsten en eten ze dan zondag met bloeistengel en al op. Dat zal ze leren.

De planten in kas 1 en 3 doen het prima, maar in kas 2 staat alles er wat knullig bij. Toen ik gekrulde blaadjes bij een peperzaailing zag besefte ik het: luis!! Een paar dagen later hebben de eerste 2 jonge tomatenplanten het al begeven. En dus loop ik nu al 2 dagen elke ochtend eerst een half uur lieveheersbeestjes te zoeken, om ze vervolgens voorzichtig in de kas bij de betreffende planten te zetten – in de hoop dat ze honger hebben. Ik hoop dat als het warmer wordt we ook wat larven van lieveheersbeestjes vinden (want die eten nog veel meer luizen).

Ik had in maart van die leuke langwerpige Hinona Kabu raapjes gezaaid. Vorig jaar zagen ze er op 17 mei zo uit, toen konden we ze al oogsten:

 

Dat wilden we weer! Maar nu, op 10 mei:

 

Allemaal  doorgeschoten. Ik heb ze er vandaag maar uitgetrokken, de raapjes zelf nog geen 5 centimeter lang en amper dikker dan een lucifer. Ze liggen nu op de composthoop. Maar niet getreurd, de ruimte is direct weer gebruikt, ik heb op die plaats nu wat voorgezaaide knolvenkel uitgeplant. We geven niet op.

Ik zal het verder maar niet over onze koolplanten hebben……..:

 

En wie vreet er gaten in onze, normaal gesproken zo prachtige wollige Salvia argentea?

 

Nog wat mislukkingen:

De kruisbessen worden massaal opgevreten. En we weten wel wie dat doen: eenden. Vandaag hebben we er een net over gespannen, maar 2/3e van de nog gifgroene en keiharde kruisbessen zijn binnen een dag al opgevreten.

En morgen ga ik voor de vierde keer knolselderij zaaien, al drie keer gezaaid en nog steeds niet gekiemd. Maar de aanhouder wint (hoop ik). Ook de stengelsla wilde de eerste ronde niet kiemen, evenals de eenjarige Lupinen. En de bietjes kiemden wel maar willen vervolgens maar niet groeien.

En dit jaar krijgen we alles bij elkaar nog niet eens één emmer appels. 1 boom heeft een beurtjaar en de 2 nieuwe jonge boompjes gaven vorig jaar al wel wat appels maar slaan dit jaar ook over.

En dan stop ik nu met klagen hoor. Want het blijft leuker om te melden wat er wel lukt. We krijgen weinig of geen appels, maar wel heel veel peren, en ook pruimen. En de frambozen bloeien volop. En de in februari gezaaide prei doet het prima:

 

Als ze zo dik als een potlood zijn kunnen we ze uit gaan planten.

En we eten al sla uit de volle grond, de snijbiet groeit prima, we hebben al 3 keer rabarber geoogst, de Dahliaknollen lopen uit, bijna alle aardappelen staan boven de grond, etc.. En de knoflookstengels beginnen al wat dikker te worden (en hoe dikker de steel, des te groter wordt de bol, is onze ervaring). Er gaat dus zeker ook meer dan genoeg goed hoor.

En niet te vergeten, de viooltjes die we in oktober plantten bloeien volop:

 

Dat geeft de burger moed 🙂

Tot slot heb ik nog wat mededelingen. Ik heb weer een aantal pagina’s bijgewerkt, teksten aangepast, nieuwe en grotere foto’s toegevoegd en de mogelijkheid tot reageren toegevoegd:

En ik heb nog 2 erg leuke en lekkere rabarberrecepten uitgeprobeerd en de recepten op de website geplaatst:

 

En dan wil ik nog een keer melden dat aanstaande woensdag 15 tot en met zondag 19 mei het door de KMTP georganiseerde tuinevenement Gardenista plaatsvindt. Voor meer informatie, zie Gardenista

En misschien ook leuk om te melden: op de facebookpagina van Gardenista wordt onder de volgers een Zaaiagenda voor de moestuin verloot: Facebookpagina Gardenista

En zoals ik al eerder schreef: Laura staat op zaterdag en zondag 18 en 19 mei met de zaaiagenda op dit evenement. In de stand van Laura geldt er op die zaterdag en zondag een korting van 2 euro op de agenda. En omdat we dat wel zo eerlijk vinden geldt die  korting op 18 en 19 mei ook wanneer de zaaiagenda in de webshop van Laura wordt gekocht. Mocht je dus interesse hebben in de zaaiagenda, wacht dan vooral even tot volgend weekend!

Voor wie die zaaiagenda nog niet kent: op deze pagina vind je er meer informatie over. En voor wie de agenda al heeft: deze week heb ik een deel van de agenda weer schema voor schema en icoon voor icoon nagekeken, en ik heb nog 3 kleine foutjes gevonden. Op de pagina van de zaaiagenda vind je de foutjes en hun verbeteringen (2 x een plantafstand en ik vond in één schema van kervel een wortelgewasicoon waar natuurlijk een bladgewasicoon hoort te staan).

Ik hoop komende week weer verder te gaan met de controle. Maar morgen gaat de agenda mee naar de tuin, want aan de hand van de agenda ga ik zaaien wat er nog mogelijk is. Nu er wat soorten niet kiemen (of doorschieten zoals de komatsuna) komen er een paar plekjes in de planning en tuin leeg. Dus ik ga toch nog maar wat Nieuw-Zeelandse spinazie zaaien, en wat nieuwe goudsbloemen. En de zaden van de palmkool en boerenkoolspruitjes gaan mee. En nog een basilicumras, en de stokpronkbonen, en ik ga nog een poging wagen met het dragonafrikaantje (Tagetes lucida). Eigenlijk een zak vol. Morgen een zaaidag!

Verticaal

“Waar ga je dat allemaal laten?”, vraagt Ruud, terwijl ik weer een bakje vol met zakjes zaden heb verzameld om mee te nemen naar de tuin.

“We hebben niet zo’n grote tuin meer hè”, zegt hij er nog achteraan. En dat klopt. Ik moet nog steeds wennen aan 300 vierkante meter in plaats van 450 vierkante meter. Ook al is het ondertussen ruim een jaar geleden dat we een stuk tuin hebben afgestoten, mijn hersenen hebben zich nog steeds niet aangepast, mijn planning klopt niet helemaal. En niet op de laatste plaats: ik wil gewoon heel graag heel veel soorten zaaien, planten, zien, ruiken, voelen en proeven.

Ruud zegt: “Je wilt teveel”. Ik antwoord: “De tuin is te klein”.

Wie er gelijk heeft doet er eigenlijk niet zo toe. Want dit is de situatie: ik heb heel veel zaden, sommige daarvan verlopen ook na dit jaar. En dus heb ik heel veel gezaaid (en er komt ook nog wel wat bij). De oplossing: we gaan de hoogte in!

Wij hebben altijd al vrij veel hekken en klimrekken; denk aan de klimrozen, rijskapucijners, stokbonen en Lathyrussen. Maar daar komt dit jaar wat nieuws bij: een klimrek voor pompoenen.

Ik kwam op het idee door Gardener’s World waarin Monty Don een soort wigwam voor een pompoen maakte. “Dat kan dus ook voor meerdere pompoenen”, meldde ik Ruud. En hij was het met me eens (mede omdat hij zag hoeveel pompoenzaden ik aan het zaaien was).

Ruud ging aan de slag met ons plan. Dat viel niet mee, want dit rek komt achterin de tuin, en daar loopt het schuin. En hoe stevig moet een rek zijn om pompoenplanten te houden? STEVIG, lijkt mij. Want pompoenplanten zijn lang, groot en zwaar (en dan heb ik het nog niet over de pompoenen zelf).

De eerste aanzet:

 

Het is wellicht niet heel goed te zien maar de stokken verspringen. Bij stokbonen zetten we die recht tegenover elkaar maar nu staan ze in een zigzag-vorm – dat leek ons beter, zo lijkt elke pompoenplant iets meer ruimte te krijgen.

Maar als we een willekeurige stok vastpakken en daaraan trekken beweegt die makkelijk heen en weer. Teveel speling. We weten dat pompoenen pas in oktober worden geoogst en bedenken wat een herfststorm met dit bouwwerk met stokken/planten/bladmassa zou kunnen doen. En dus heeft Ruud bedacht om ook nog wat schoren te zetten, dat zijn schuin geplaatste stokken die de constructie moeten verstevigen.

En dan ziet het er uiteindelijk zo uit:

 

De schoren zijn in de grond gestoken en bevestigd aan het bovenwerk. En Ruud bedacht dat wat oude horizontale tonkinstokken niet alleen extra stevigheid bieden maar de planten ook wellicht nog wat kunnen helpen te klimmen. Want pompoenen zijn eigenlijk slingerplanten die liever aan een gaaswerk klimmen dan aan stokken. Ik zal dus wellicht (zeker in het begin) ook nog wel wat moeten helpen om de planten te laten klimmen.

En voor een rek als dit is het handig om niet al te grote/zware pompoenen te kiezen. Ik vind kleinere pompoenen tegenwoordig sowieso handiger (makkelijker op te tillen en op de fiets mee naar huis te nemen, makkelijker open te snijden, en wat veiliger ook omdat ik een kleiner mes kan gebruiken. En kleine pompoenen zijn precies groot genoeg voor een maaltijd voor ons samen. En pompoenen met kleinere vruchten geven vaak planten met net iets minder groeikracht en wat kleiner blad (al zijn er uiteraard uitzonderingen), en zo kan ik hopelijk het bouwwerk ook nog wat ontlasten. Dit jaar dus geen Galeux d’Eysines, Muscat de Provence of Blue Hubbard, we hebben gekozen voor kleinere rassen als Butternut, Blue Kuri, Shishigatani, Hooligan, Potimaron, en ook nog wat sierpompoentjes (want die vind ik zo leuk, vooral die met wratten) en zelfs een klimcourgette.

Dit bouwsel heeft 22 stokken en dus in principe 22 pompoenplanten huisvesten. Of ik dat durf weet ik nog niet, bij het uitplanten zie ik wel wat ik denk dat het bouwsel zou kunnen houden. We zijn in ieder geval benieuwd hoe de pompoenteelt op deze manier gaat verlopen. Ik gok dat er ook een aantal zijscheuten over de grond zullen kruipen (en dat is ook prima, dat houdt wellicht onkruid tegen en ik hoef er pas in oktober goed bij en tussen te kunnen lopen (behalve bij de klimcourgettes en dus plant ik die op de hoeken).

Het bouwwerk is klaar, morgen het onkruid nog even weghalen en de mest wat beter rond en langs de stokken verdelen. En dan kunnen de planten erin:

 

Maar daar wacht ik nog even mee tot volgende week. Want voor dit weekend wordt er 9 graden verwacht, en nachtvorst, windkracht 6, natte sneeuwbuien en korrelhagel 🙄

Ik heb eens ergens gelezen dat 12 mei IJsheiligen niet zo zeer de datum is dat er onofficieel geen vorst meer komt, maar dat kort voor die datum er juist meer kans is op een koudeperiode. Dat is niet elk jaar zo, maar eigenlijk best vaak. Tot volgende week houden we de zaailingen die uitgeplant kunnen worden nog maar even in pot in de kas, en niet alleen de pompoenen:

 

Dit zijn zaailingen van onder andere Coreopsis, Nicotiana en Salvia die staan te wachten op beter weer om uitgeplant te worden. En zo staan er nog flink wat zaailingen in de kas te wachten. Gelukkig geldt Ruud’s favoriete weerspreuk altijd: “Elk weer heeft z’n tegenweer”. Dus er komt ook weer een tijd van zon en warmte. Jammer dat de spreuk niet aangeeft wanneer.

Ik heb op de website van Pokon ook weer een blog heb geschreven, over waarom en hoe we munt in potten telen: Munt in pot

En ik heb nog flink wat pagina’s op mijn website bijgewerkt (tekst waar nodig aangepast, nieuwe/grotere foto’s geplaatst, en de mogelijkheid tot het plaatsen van een reactie toegevoegd):

En ik wil graag even reclame maken voor een groot tuinevenement dat dit jaar voor het eerst wordt georganiseerd (door Groei & Bloei): Gardenista. Het vindt plaats op het landgoed bij Kasteel Ophemert, van 15 tot en met 19 mei. En heel spannend: Laura zal er op zaterdag 18 en zondag 19 mei met onze Zaaiagenda voor de moestuin staan. En daar zijn we echt heel blij mee en trots op!

Mocht iemand er naartoe gaan, breng dan vooral ook even een bezoekje aan Laura, ze zit op de plattegrond bij nummer 4C (vrij dichtbij de keuken en het terras)!

Voor meer informatie over het evenement, online tickets, route, vroegboekkorting, activiteiten, showtuinen, deelnemers, programma, workshops, etc., etc.: Gardenista

Tot slot dan nog 3 foto’s in roze tinten die ik deze week maakte, om deze koude dagen wat op te fleuren:

We hebben dit jaar 3 tuinbonenrassen staan en ze bloeien nu alle drie. We hebben Stereo (de lekkerste) met witte bloemen, De Monica (met de meeste opbrengst) met witte bloemen met een zwarte vlek. En de mooiste is deze ‘Crimson Flowered’:

 

Ook roze, en nieuw voor ons dit jaar: iedereen kent wel de vrolijke kleurtjes snijbiet in geel, wit, oranje, rood en roze. Maar dit is een vrij nieuw ras, ze heet Peppermint. Ze is nog jong maar nu zijn de roze met wit gemarmerde stelen al goed te zien. Ik had deze foto ook al op Instagram en Facebook geplaatst maar wil die hier ook nog even laten zien:

 

En de laatste foto is een vleugje roze, van Dianthus barbatus Kaleidoscope mix (Nederlandse naam Duizendschoon, de planten van vorig jaar hebben de winter prima overleefd). Ze gaat al weer bloeien, ondanks de kou:

 

Ik heb alvast een vaasje klaar gezet!

 

Groeien

Tjonge, wat een warme week en vervolgens een bui regen niet kan betekenen voor een tuin.

Ruud waarschuwde afgelopen week al. “Als het na deze warme week gaat regenen vliegt het onkruid de grond uit en kunnen we “met de kont omhoog”. Zo noemt Ruud het gehurkt, gebukt of op de knieën te lijf gaan van het onkruid met schrepel, mes en steker.

Hè, gelukkig, ik werd al bang dat de heermoes dit jaar niet meer terug zou komen.

 

Ik weet natuurlijk wel beter; heermoes overleeft niet alleen de droogte van vorig jaar maar overleeft ons, de tuin en waarschijnlijk de hele mensheid wel 🙂

Gelukkig groeit niet alleen het onkruid heel hard, heel veel soorten die we uit vrije wil zaaiden doen dat ook. We hebben afgelopen week dan ook veel soorten uitgeplant, zowel voorgezaaide groenten als bloemen en kruiden.

Door de warmte schoten de winter- en vroege voorjaarsplanten door (zoals rucola, winterpostelein, veldsla, mosterdblad en spinazie). In mijn vorige blog liet ik de doorgeschoten rucola al zien. En van deze spinazie hebben we snel nog een keer geoogst en de planten daarna verwijderd.

 

Ondertussen hebben we de planten uit de kas gehaald, opgeruimd, gewied, nieuwe voeding gestrooid, aangeharkt, stokken gezet en nu staan alle tomaten, pepers en paprika’s voor dit jaar in de kassen in de volle grond. Sterker nog…… nog heel mini maar ik zie al wat diefjes:

 

Volgende week ga ik op een bewolkte dag de kas eens in om de tomaten voor het eerst aan hun stok te binden en gelijk die eerste diefjes te verwijderen.

In de tuin bloeien de eerste aardbeien, en tuinbonen. En de palmkool bloeit volop!

 

Het is een prachtig gezicht, een grote gele wolk midden in de tuin, en er komen ondertussen ook veel hommels en bijen op af.

Word ik oud, lijkt het maar zo, of gaat het echt allemaal zo snel? De pruimen zijn gezet, de appels bloeien nu, de peren zijn ondertussen uitgebloeid. Alles volgt elkaar in sneltreinvaart op, elke dag verandert er wel iets in de tuin, ik kan het bijna niet bijhouden (en het onkruid wieden al helemaal niet). De blauwe bessen bloeien nu ook volop:

 

De aalbessen en kruisbessen zijn ondertussen uitgebloeid en worden al piepkleine besjes. Nu alle winter- en vroege lentegroenten uit de kas zijn gehaald eten we weer even uit de diepvries, er is buiten nog niets te oogsten. En dat is ook goed, want zo kunnen we laatste wintervoorraad bietjes, doperwten, tuinbonen, etc. opmaken.

Ik heb tot slot nog wat over de website te melden. Ik ben al sinds het vroege voorjaar druk bezig met het nakijken van pagina’s, nieuwere en grotere foto’s aan het plaatsen. Een oude pagina is bijvoorbeeld deze pagina over de teelt van Rammenas. Een nieuwe pagina is bijvoorbeeld de pagina over de teelt van Bloedzuring. Als je de 2 pagina´s vergelijkt zie je wat een verschil er is tussen oude en nieuwe pagina´s!

En misschien is het ook opgevallen dat ik bij elke veranderde pagina bovenaan eerst de namen in Latijn, Engels, Duits en Frans geef. Dat komt omdat ik zelf nog wel eens een bijzonder ras zoek. En als het niet in Nederland te koop is zoek ik het in een webwinkel buiten Nederland. Maar hoe zoek je zo’n soort dan? Hoe heet snijbiet in het Frans, hoe heten pronkbonen in het Duits?

Er zijn zoveel namen. En dat geldt niet alleen voor groenten, ook bloemen hebben in verschillende talen verschillende namen. Ik ben bijvoorbeeld nu de pagina’s over afrikaantjes in de database van eenjarige bloemen aan het aanpassen, en dan blijkt Calendula (goudsbloem) in het Engels Pot Marigold te heten.

Maar afrikaantjes heten ook Marigold, maar dan allemaal weer anders:

  • Tagetes erecta (groot Afrikaantje) heet African Marigold
  • Tagetes patula (klein Afrikaantje) heet French Marigold
  • Tagetes tenuifolia (Sterafrikaantje/Citrusafrikaantje) heet Signet Marigold
  • Tagetes lucida heet Mexican Tarragon

Ik vind het zelf heel handig om te weten, ik moet nu soms flink zoeken voor ik de plant heb gevonden die ik wil (of waar ik meer over wil weten).

Tropaeolum heet in het Nederlands Oost-Indische Kers, in het Engels Nasturtium en in het Frans Capucine. Dat is niet altijd even makkelijk te onthouden, ik ben ook geen twintig meer. “En geen dertig” vult Ruud aan, “En geen veer…..”. “Jaja, nu weet ik het wel, onderbreek ik hem.

Een flink aantal websites/webwinkels hanteert toch de plaatselijke naam en niet perse de Latijnse naam (want dat zou alles veel eenvoudiger maken).

Maar zo goed ben ik nu ook weer niet in taal, het zou zomaar kunnen dat ik het eens verkeerd schrijf, of een naam in een andere taal niet goed heb begrepen, En dus heb ik bedacht dat het misschien toch handig is als er voortaan  reacties kunnen worden gegeven onderaan de teeltpagina’s. Zo kunnen mensen eventueel aanvullingen geven op wat ik heb geschreven. Zelf kijk ik op websites met informatie (of bijvoorbeeld recepten) toch ook heel vaak nog even naar de reacties, of daar nog een handige tip tussen staat, of iets wat bij andere mensen op die manier mislukt, etc.. Andere meningen, aanvullingen, vragen, antwoorden maken een website wat interactiever en vooral completer, denk ik. Poehee, ik word nog heel modern, ook al ben ik geen twintig of dertig of veertig meer 🙂 .

Ik heb de bijgewerkte pagina’s van Tagetes in de database van eenjarigen alvast open gezet voor reacties, en ben van plan om dat wat vaker te doen (als het me handig lijkt). Vragen kunnen dan wellicht ook iets gerichter worden gesteld op de juiste pagina in plaats van dat ze nu vaak niet meer terug te vinden zijn en daardoor ‘verloren gaan’ tussen de opmerkingen op blogs. Als de vraag over zomerworteltjes wordt gesteld onderaan de pagina van de worteltjes blijft het antwoord (van wie dan ook) altijd vindbaar. Dat betekent ook dat ik er wel wat streng op ben, zo af en toe ga ik de reacties nakijken en verwijderen wat naar mijn mening geen nut heeft voor die pagina of eigenlijk op een andere pagina zou horen..

Afijn, ik heb het nog best druk met de website dus 🙂

Tot slot nog een melding, dat is niet zo mijn ding maar het hoort erbij: ik ben door iemand van het NRC geïnterviewd voor een stukje in de bijlage van (hoogstwaarschijnlijk) volgende week zaterdag (4 mei). Ik begreep dat er nog een aantal bloggers zijn geïnterviewd, dus ik ben zelf erg benieuwd!

En dan nog 1 laatste foto, van het enige wat we nu even uit de volle grond in de tuin kunnen oogsten: radijsjes. Van het ras Diana (en die koos ik niet voor de naam maar voor de prachtige paars-met-witte kleur 🙂 ).

Warm

Zeven dagen geleden schreef ik mijn vorige blog, met de titel ‘Kou’. Die kou is één week later volledig uit de lucht. Mijn vader noemde het vroeger ‘Gek of erg’, vorige week nog 7 graden en nachtvorst, en nu 22 graden.

Ik moet nog wel even aan wennen aan die warmere temperaturen, en dan moeten planten dat natuurlijk ook. Alles begint te groeien maar nog niet heel snel. Dat komt omdat de grond nog wel koud is (al zal die binnenkort wel steeds meer opwarmen als dit weer lang aanhoudt). Het komt ook door de droogte. Elke 2 of 3 dagen moeten we een rondje in de tuin maken om alle zaaisels, zaailingen en zelfs planten water te geven. Alleen de struiken en bomen redden zich nog prima. De pruimen zijn uitgebloeid, de appel zit in knop. En de peer bloeit nu:

 

Het is nu enorm druk in de tuin, alles lijkt tegelijk te komen: zaaien, verspenen, planten, water geven, beschermen, opbinden en natuurlijk ook wieden. Door de droogte valt het nu nog mee, maar er liggen nog een miljoen zaden in de grond te wachten op één enkele regenbui; en als die gaat vallen volgt er een ware groei-explosie 🙂 .

Aangezien we weten dat die regenbui vroeg of laat gaat vallen  willen we nu alvast zoveel mogelijk in orde hebben in de tuin. We hebben alle bescherming verwijderd rond de erwten, tuinbonen, kapucijners, sugar snaps en lathyrus. Dat is altijd spannend want duiven zijn nogal onvoorspelbaar als het gaat om de tijd dat ze trek hebben in deze jonge planten. Maar ze zijn eraf gebleven, blijkbaar zijn er ergens anders lekkerdere hapjes.

En ondertussen bloeien de eerste tuinbonen:

 

Op de achtergrond zie je nog het blauwe net dat erover gedrapeerd is, na de foto hebben we het weggehaald. En je ziet rechts dat de bladrandkever de tuinbonen hebben gevonden. Gelukkig valt de aantasting mee en groeien de planten er wel doorheen. Nog niet alle tuinbonen bloeien trouwens, deze ‘De Monica’ bloeit nu, maar Stereo en Crimson Flowered zeker nog niet (zelfs nog geen knopje te zien).

In de kas schieten de planten door, we hebben de laatste spinazie geoogst en gegeten, en we eten nog volop sla. Maar ook de rucola schiet door:

 

En dat geldt ook voor de winterpostelein en het mosterdblad in de kas. De planten worden volgende week gerooid want ze moeten ook plaats gaan maken voor de tomaten. Eén kas is al klaar:

In de andere kas is het een ravage, niet alleen met doorgeschoten planten maar ook heel veel zaaisels en zaailingen die tussen zakken potgrond, potjes, gieters, stokken, emmers, etc. staan. Nu de kou voorbij is gaan we dus eerst uitplanten; zoveel mogelijk zaailingen een plekje in de tuin geven.

Ik vrees dat ik nogal doorsla in mijn nieuwe manier van tuinieren waarbij ik nog maar weinig in rijen zaai en vooral zoveel mogelijk groenten, kruiden en bloemen door elkaar plant. Ik vroeg Ruud vanmiddag of hij het wel mooi vindt worden. Ruud haalde zijn schouders op en antwoordde: “Sinds jij hier de scepter zwaait is er al zoveel veranderd dat dit er ook nog wel bij kan”. Nou ja, alsof ik de baas ben in de tuin, voorlopig staan er al 2 dubbele rijen voor de stokbonen en kan ik daardoor minder uien zetten. Gelukkig krijg ik verder niet heel veel tegenstand. En dus staan er koolplanten tussen papavers, peterselie naast Amaranthus, en snijbiet naast Phlox. Ik hoop dat het niet alleen mooi en lekker wordt, maar dat de verscheidenheid en afwisseling zorgen voor minder ziekten en plagen en meer bestuivers.

Voor dit weekend staat het zaaien van alle warmteminnende soorten op het programma; bonen, maïs, courgettes, pompoenen, komkommers, meloenen. En als de temperatuur niet te hoog oploopt willen we nog een kas leeg maken en tomaten, pepers en paprika’s uitplanten.

En we gaan nog meer zaailingen uitplanten

Ik zet altijd eerst alle potjes neer voor ik ga uitplanten. Soms verander ik van gedachten en wissel wat zaailingen om. Of ik schuif een plantje toch nog wat op voor wat meer ruimte. Pas als alles naar mijn zin staat haal ik een pootschepje en gieter ga de zaailingen uitplanten (en geef die uiteraard direct daarna water).

Tot slot wil ik nog even melden dat ik ook op de website van Pokon een blog heb geschreven. Naar aanleiding van wat ik eerder vertelde en liet zien van een nieuwe poging met zoete aardappelen (en het stekken op verschillende manieren) kreeg ik veel reacties, maar ook tips (waarvoor mijn hartelijke dank!), vragen, etc.. En daarover heb ik een blog geschreven: Zoete aardappelen deel 1: Stekken.

Nog even en dan kunnen de stekken worden uitgeplant. Ik houd me weer aanbevolen voor ervaringen, tips, etc., en dan ga ik bedenken hoe en waar ik de zoete aardappelen ga zetten. Het plan voor nu is om in ieder geval één speciekuip te vullen met stekken en één speciekuip met een zoete aardappel met stekken eraan. En ik ga ook een paar stekken in een verhoogde bak planten. En dan dit jaar ervaren wat het beste groeit en wat de beste opbrengst geeft. Ik ben zelf ook erg benieuwd!

En welke foto wil ik dan als laatste plaatsen in dit blog? Nou vooruit dan, niet schrikken, dit is één kant in één kas:

 

Zaaisels en zaailingen, in allerlei soorten en formaten. Als een groot deel hiervan is uitgeplant komt er wellicht wat orde in de kas en tuin (en ook in mijn hoofd).