Quinoa

De Latijnse naam van deze plant is Chenopodium quinoa, de Nederlandse naam is gierstmelde of soms ook wel rijstmelde (al is de naam quinoa ondertussen zo bekend dat dat de naam is waaronder je veel meer informatie en bijvoorbeeld ook zaden kunt vinden). Er zijn wel 100 soorten met de naam Chenopodium (= Ganzenvoet), ze behoren allemaal tot de Amarantenfamilie. Ze heeft in de moestuin een aantal nauwe familieleden:

  • Chenopodium album (melganzevoet)
  • Chenopodium bonus-henricus (brave Hendrik)
  • Chenopodium capitatum (aardbeispinazie)
  • Chenopodium giganteum (boomspinazie)

Iets verder bij haar vandaan maar ook nog steeds familie zijn spinazie, melde en amarant. Het zijn allemaal planten waar je de bladeren van kunt eten. Quinoa teel je voornamelijk voor de eetbare zaden (ze is dus geen graan), maar ook van quinoa kun je het blad eten (vandaar dan ook de indeling bij de bladgewassen). De allerjongste blaadjes kun je rauw eten, de wat grotere/oudere blaadjes kun je stoven (zoals spinazie) of in een curry of iets dergelijks gebruiken. De jonge topjes zijn vaak mooi en opvallend zilverwit, lila of roze gekleurd, de kleinste blaadjes daarin hebben vaak een wat frisse en hartige smaak en ze zijn een lekkere en mooie aanvulling op een salade (pas wel op dat je de top zelf er niet uithaalt want uiteindelijk komt daar de bloei en dus ook de vorming van zaden).

Quinoa wordt vooral in Zuid-Amerika (Bolivia, Peru) veel geteeld en gegeten, in Nederland zijn de eetbare zaden ondertussen makkelijk verkrijgbaar (en populair als vervanging van granen, quinoa-zaden zijn glutenvrij). Maar ze wordt hier (nog) niet vaak geteeld. En dat is jammer want die teelt lukt toch best redelijk goed, al is dat wel afhankelijk van het ras (dat tegen een wat koeler klimaat bestand moet zijn) en een mooie zomer. Daarnaast kun je er dus ook de blaadjes van oogsten. En tot slot is ze een mooie imposante plant in de moestuin, ze kan wel 150 tot 200 centimeter hoog worden en er zijn rassen waarbij de bloeiaar bijvoorbeeld tinten van oranje, wit, roze of paars in zich dragen. En tot slot krijgt het blad van de meeste rassen een mooie herfstkleur.

Het is wel nog even belangrijk om te melden dat quinoazaden saponinen bevatten (zie voor meer uitleg op Wikipedia). De saponinen zit aan de buitenklant van de zaden en zorgen voor een bittere smaak (maar is in principe niet giftig). Daarom moet uit eigen tuin geoogste quinoa altijd worden gewassen voordat je het kookt (zie daarover meer onderaan deze pagina bij Oogst en Bewaren).

Quinoa Faro

PLANT

De plant is eenjarig en doet het goed in ons koele klimaat, maar voor de oogst van eetbare zaden moet je wel rassen kiezen waarvan de zaden in Nederland nog op tijd (voor het te koud wordt) rijpen. Ik heb wel eens zaden gezaaid van zwarte quinoa die ik in de winkel kocht (dus gewoon uit een zakje consumptie-quinoa :-), omdat ik die met die zwarte kleur altijd zo mooi vind). Het ging prima, de zaden kiemden, de zaailingen groeiden, en de planten werden uiteindelijk zo’n 150 centimeter hoog. Maar de bloei begon pas in augustus en daarna gingen de planten en nog onrijpe zaden verloren in een natte herfst en bij een storm lagen de planten ook nog eens om en heb ik ze weggegooid. Dat kan natuurlijk toeval zijn geweest, en het is natuurlijk ook heel leuk om eens wat zaden uit een zakje consumptie-quinoa te zaaien, al is het maar voor de ervaring en de mooie planten. En dat mijn zwarte quinoa te laat was om te kunnen oogsten wil niet zeggen dat dat voor elke gekochte quinoa geldt. Misschien is het handig om even op de verpakking te kijken waar ze geteeld is, dat zegt al wel wat over haar behoefte aan een warme en lange zomer. De quinoa die je in Nederland als zaden bij een zaadhandel koopt zijn in principe geschikt voor ons klimaat en leveren op tijd rijpe zaden (rond september).

De planten groeien in het begin langzaam maar vanaf juli kunnen ze flink omhoog schieten en begint ook de bloei. De bloempjes zijn heel klein maar zitten in zulke grote dikke bloeiaren dat ze toch opvallend zijn. En na die bloei ontwikkelen zich de zaden, en ook die kunnen verschillend van kleur zijn. In de winkel kunt je witte, crème, oranjebruine, rode en zwarte quinoa kopen, en rassen in die kleuren (of tinten daartussenin) kun je ook zelf telen en oogsten (zie de foto’s/voorbeelden op deze pagina).

Een mix van verschillende kleuren quinoa

TEELTWIJZEN

Omdat de zaden tijd nodig hebben om te rijpen zaai je quinoa niet te laat in het voorjaar. Er zijn dus geen vroege of late rassen. Als je haar alleen voor de oogst van blaadjes teelt kun je natuurlijk wel ook wat later in de lente of vroeg in de zomer zaaien.

BODEM / BEMESTING

Omdat quinoa flinke planten kunnen worden met grote tot zeer grote bloeiaren/zaden heeft ze uiteraard voldoende voeding nodig. Maar niet teveel stikstof want dat maakt de planten nog groter en hoger en dat gaat ten koste van de bloei en de zadenoogst. Zelf bedekken we in de winter de grond met wat verse mest. Dat halen we voor het planten weer weg, we planten vervolgens de zaailingen en geven dan één keer een klein beetje samengestelde organische meststof.

RASSEN

Er worden regelmatig mengsels van kleuren aangeboden maar soms rassen met bijvoorbeeld zaden in 1 kleur. Voorbeelden van rassen zijn:

  • Faro (niet al te hoge planen met een prima opbrengst)
  • Oro de Valle (dit ras teel ik in 2021, ze geeft zaden in gele en oranje tinten)
  • Puno (witzadige quinoa)
  • Red Carina (donkerrozerode zaden)
  • Colorado Black
  • Royal Red (roodachtige tinten)
  • Mint Vanilla (witte en crème tinten)

En zo kun je ze soms ook in kleurenmengsels vinden (zoals Rainbow, Sandoval mix of gewoon ‘mix’).

Quinoa Red Carina

OPKWEEK

Zelf zaai ik quinoa eind maart binnenshuis of in april in de koude kas voor in potjes of in een tray met wat grotere vakjes (want de jonge zaailingen houden niet van verspenen en worden het liefst met een kluitje dat groot genoeg is uitgeplant). Ik zaai vaak een stuk of 5 zaden in een potje en dun niet uit, ze mogen zelf uitmaken wie de sterkste is (en soms blijven er meer dan 1 zaailing leven die dan een vervolgens een echte volle plante(en) maakt. De zaden kiemen binnen 1 tot 3 weken (afhankelijk van warm of koel zaaien). De zaailingen kunnen uitgeplant worden wanneer ze groot genoeg zijn, vanaf ongeveer begin mei (houd de weerberichten goed in de gaten, een enkel nachtvorstje is geen probleem maar als het meerdere nachten meer dan 1 of 2 graden gaat vriezen kun je beter nog even wachten met uitplanten). Je kunt trouwens ook na half april buiten voorzaaien, maar bedenk dat een goede start (op tijd) ervoor zorgt dat de planten genoeg tijd hebben om te groeien, bloeien en de zaden kunnen rijpen.

Een bak met zaailingen die uitgeplant kunnen worden. Links zie je Zinnia’s, in het midden Cosmos, en rechts zie je de zaailingen van quinoa

Houd bij het uitplanten een plantafstand van minimaal 30 centimeter aan. Quinoaplanten worden hoog maar niet heel breed en door ze zo vrij dicht bij elkaar te planten krijg je een mooie volle, bijna ‘haag’ van quinoaplanten (hoewel ik ze zelf ook graag als ‘solitair’ in een hoek plant).

Jonge quinoaplanten

STANDPLAATS

Quinoa hoort in een eventuele vruchtwisseling bij de bladgewassen (met een vruchtwisseling van 1 op 4 jaar). Ze is familie van boomspinazie, aardbeispinazie, melganzevoet en brave Hendrik en die kun je dus beter niet voor of na quinoa op dezelfde plaats telen. Omdat het grote planten worden staan ze hier vaak niet in het vak met lagere planten als sla en andijvie maar ergens in een hoek van de tuin, soms tussen bloemen of naast fruitbomen/-struiken. Ze geeft dan geen schaduw aan de andere planten in het bladgewassenvak, ze staat niet in de weg en ze misstaat door haar mooie kleur zeker niet tussen bloemen.

Quinoa houdt van zon. Een beetje schaduw is niet erg maar bedenk dat de zon ervoor zorgt dat de zaden goed kunnen rijpen en dat de bloeiaren met daarna de zaden wat beter opdrogen na een regenbui in de herfst.

TEELTZORGEN

Naast het gebruikelijke wieden moet je de uitgeplante zaailingen uiteraard nog een paar weken regelmatig water geven tot ze ‘zelfredzaam’ zijn. Sommige rassen/planten worden heel groot. Zelf zetten we in de loop van de zomer een stok bij de planten die hoger dan 1,5 meter worden en binden ze losjes aan zodat ze in de herfst niet om kunnen waaien.

Je kunt altijd blaadjes oogsten maar bedenk dat het blad nodig is voor de opname van voedingsstoffen en die zijn nodig voor de bloei en vorming en rijping van zaden. Pluk ze dus altijd met mate.

OOGST / BEWAREN

Als je wat blaadjes wilt oogsten voor in een lekkere salade of in een stoofgerecht, dan doe je dat uiteraard zo kort mogelijk voor het eten. De blaadjes worden niet zo snel slap als sla maar wel sneller dan bijvoorbeeld Nieuw-Zeelandse spinazie. Even Net zoals bij de meeste bladgewassen zijn ook de blaadjes van boomspinazie niet lang te bewaren. Oogst de bladeren dus zo kort mogelijk voor het bereiden en fris ze eventueel wat op door ze een kwartiertje in een bak met ijskoud water te leggen.

Voor de oogst van quinoazaden wacht je tot de bloeiaar in de herfst heel dik wordt (en vaak wordt de kleur van de bloeiaar ook veel dieper). Dan kun je eens proberen of de zaden al rijp zijn: houd je ene hand onder een stukje van de bloeiaar terwijl je met de vingers van je andere hand wat in die bloeiaar’ frommelt; als er zaden rijp zijn vallen ze vanzelf in je hand. Als dat er pas een paar zijn wacht je nog een week en probeer je het nogmaals. Als het er veel zijn kun je de bloeiaar voorzichtig afknippen en in een zak doen. Zelf vind ik het fijn om de aar met zaden thuis eerst buiten in een ondiepe bak te leggen (eventuele spinnetjes en kevertjes kunnen dan nog weglopen), en de bak daarna op een luchtige en warme kamer te zetten, tot alle zaden volledig rijp zijn en uit de hoesjes gewreven kunnen worden.

Ik probeer de de zaden dan zo schoon mogelijk te maken (door ze te zeven en soms ook door er schuin boven zachtjes over te blazen). Het echte schonen doe ik pas op de dag dat ik quinoa wil eten. Quinoa bevat saponinen; een bittere en lichtgiftige stof die aan de buitenkant van de zaden zit. Ik doe de hoeveelheid quinoa die ik nodig heb in een diepe kom met koud water. Eventueel overgebleven velletjes, kaf, vuiltjes blijft drijven en kan ik gemakkelijk met een theezeefje weghalen. Daarna spoel ik de quinoa nog enkele keren met steeds weer vers water terwijl ik er met mijn handen door wrijf. Dan is de quinoa schoon, vrij van saponinen en klaar voor verder gebruik.

Zwarte quinoa rijpt

ZAADTEELT

Quinoa wordt door de wind bestoven. Ik heb geen idee of ze kan kruisen met brave Hendrik, aardbeispinazie of boomspinazie, ik heb het zelf in ieder geval nog nooit ervaren (en ik heb al wel een aantal keren zaden geoogst van boomspinazie en quinoa (die in dezelfde tuin groeiden en bloeiden). Uiteraard kunnen rassen (en dus kleuren) onderling heel makkelijk kruisen.

Verder is het oogsten van zaden natuurlijk heel eenvoudig want dat doe je al voor het koken van de zaden/quinoa. Het enige wat je hoeft te doen is wat zaden apart houden als je ze schoont. Mits donker, droog en koel bewaard blijven de zaden ongeveer 4 jaar kiemkrachtig.

4 reacties op Quinoa

Suzy Van der Taelen 3 april 2021 om 10:15

Ja quinoa kweekt heel makkelijk en vraagt weinig onderhoud. Ik doe het al enkele jaren met bio consumptiezaden. Leg enkel zaadjes op een vochtig doekje overdek met folie en wacht, na een dag of zo zie je al meteen of ze kiemkrachtig zijn (meestal wel). Het oogsten vind ik persoonlijk een heel gedoe, de bolletjes komen bij mij namelijk niet zo makkelijk los van de aren. Maar misschien deed ik het verkeerd. Bedankt alvast voor de oogsttips Diana, ik ga het eens op jou manier proberen . Suzy

Ruud & Diana 4 april 2021 om 09:08

Hallo Suzy,
Leuk om te horen dat het bij jou wel is gelukt met quinoa uit de winkel!
Ja, hier laten de zaden ook lastig los, omdat ze zo opeengepakt zitten. Als ik geen ondiepe bak voorhanden heb gebruik ik een paar kranten: uitspreiden op die kranten (ik doe dat op een warme zolder, een paar meter naast de verwarmingsketel) gaat hier heel goed, drogen tot de zaden uit de hoesjes ‘gewreven’ kunnen worden.
groetjes,
Diana

Bert Vanhuyse 5 april 2021 om 16:21

Hoi Diana, vorige jaren ook niet makkelijk geweest om te schonen, veel takjes en kafjes die overblijven. Tot ik een zaadschoonmaakmachine ontdekte. Met een beetje handige harry skills en een oude stofzuiger kan je een handig systeem bouwen om zaden te schonen.
Helemaal gemaakt met afvalhout, een restje plexiglas en wat afdichtingstape, kostte me niets om te maken.
Zaden eerst eens goed ‘dorsen’ in een dubbele kussensloop en dan een keer of 4 door de machine.
video en bouwinstructies op:
https://www.realseeds.co.uk/seedcleaner.html

Ruud & Diana 5 april 2021 om 21:56

Hallo Bert,
Dankjewel voor de link naar het filmpje, wat een enorm groot en ingenieus apparaat! Ik oogst al zoveel jaren zaden (van gele mosterd, amarant, tuinkers, quinoa, etc. maar ook voor de zadenlijst) dat ik blijkbaar wel handig in het schonen van zaden ben geworden. Ik heb door de jaren heen flink wat zeven met verschillende maaswijdtes verzameld. En ik kan heel goed in een ondiepe schaal met een halfronde bodem buiten zachtjes schuin over de zaden blazen en ondertussen het bakje zo draaien en husselen dat ik 90% van de zaden (die veel zwaarder wegen dan het kaf) schoon in de schaal overhoudt.
groetjes,
Diana


Laat een antwoord achter aan Ruud & Diana

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Of abonneer jezelf op deze discussie zonder te reageren.

Meld je aan voor de nieuwsbrief