Bloemkool

Eerst even dit, mocht je internationale informatie zoeken of bijvoorbeeld zaden van bloemkool in een niet-Nederlandstalige webwinkel:

  • Latijnse naam:     Brassica oleracea convar. botrytis var. botrytis
  • Engelse naam:     Cauliflower
  • Duitse naam:     Karfiol, Blumenkohl
  • Franse naam:     Chou-Fleur

 

Bloemkool behoort, zoals alle koolsoorten maar bijvoorbeeld ook radijs en rucola, tot de kruisbloemenfamilie. De broccoli lijkt misschien nog wel het meest op haar, en dat geldt niet alleen voor het uiterlijk maar ook voor de teelt.

De bloemkool zelf is eigenlijk een eetbare bloemstengel met nog niet ontwikkelde bloemknoppen. We eten die witte roosjes maar eigenlijk is natuurlijk de hele bovengrondse plant eetbaar. Tegenwoordig zie je steeds vaker dat ook de andere delen van de plant gebruikt worden, de stevige vlezige witte basis (het gedeelte onder de roosjes) kan bijvoorbeeld worden geraspt om er ‘bloemkoolrijst’ van te maken. Als je het blad zou willen eten bedenk dan dat de nerven van de grote bladeren wel heel hard zijn en je die beter weg kunt snijden.

Helaas…. ze is niet de gemakkelijkste groente om te telen. Wij hebben het al zo vaak geprobeerd, met verschillende rassen, goedkope en dure zaden, in verschillende jaargetijden, met veel en weinig mest, etc., etc. Het mislukt heel vaak. We hebben ervaren dat de winterteelt en de weeuwenteelt (waarbij je in de vroege herfst zaait en de planten onder glas uitplant of overwintert en in de lente oogst) de beste kans op succes geeft.

De oogst van weeuwenteelt bloemkool in april

 

TEELTWIJZEN

Bloemkool kent heel veel teeltwijzen; zomerteelt, vroege herfst, late winter, voorjaarsteelt, winterteelt, weeuwenteelt, etc.. De zomer- en -herfstteelt zijn daarvan veruit de moeilijkste manieren van het telen van bloemkool. Van alle zomer- en herfstbloemkolen die ik ooit zaaide heb ik wellicht van 15 tot 20 procent ook iets kunnen oogsten, meer kan het niet zijn. Meestal vormde ze gewoon helemaal geen kool, als ze wel een kool vormde was het dan ook niet meer dan een heel klein kooltje van 4 of 5 centimeter groot. Of ze schoot snel door, of ze verkleurde of werd opgevreten, door rupsen, vogels of slakken.

Laat je vooral door dit verhaal niet ontmoedigen en probeer het gewoon zelf. Misschien dat een andere grond, bemesting, verzorging, etc. een andere resultaat geven. En stel je niet gelijk in op de oogst van prachtige grote hagelwitte bloemkolen zoals je die in de winkel kunt vinden, wees blij als je een mooi, vers bloemkooltje kunt oogsten, dat is al heel bijzonder (en heel erg lekker).

Gelukkig heb ik ook goed nieuws: wij telen hier al jaren  weeuwenteelt bloemkool in de kas en dat lukt altijd. En het is echt de allerlekkerste bloemkool die er is! Heerlijk zacht van smaak, hoeft maar een paar minuutjes gekookt te worden, stinkt helemaal niet bij het koken, en de kleur is hagelwit, bijna groenwit. We hebben met de weeuwenteelt alleen maar positieve ervaringen. En onze tuinbuurman zaait altijd winterbloemkool en is daar heel vaak ook positief over.

Uiteraard is het heel  belangrijk om het juiste ras voor de juiste periodeteelt te kiezen.

We hebben zelf ook wel eens het ras Purple Cape (winterbloemkool) geteeld, dat lukte ook goed!

 

RASSEN

Elke periodeteelt kent zijn eigen rassen, let dus goed op welk ras je koopt en lees de beschrijving op het zakje. Als je bijvoorbeeld winterbloemkool als zomerbloemkool teelt krijg je heel veel blad maar weinig of geen kool.

Naast de witte bloemkool zijn er steeds vaker ook andere kleuren verkrijgbaar. Denk bijvoorbeeld aan de redelijk bekende lichtgroene Romanesco bloemkool (die soms ook wel torentjeskool wordt genoemd), maar ook paarse en oranje bloemkool zie je steeds vaker.

De zaden van F1-hybriderassen zijn duurder, maar eerlijk is eerlijk; bij de zomer- en herfstteelt is de kans op een leuke oogst met die rassen wat groter dan met zaadvaste rassen (omdat ze bijvoorbeeld wat beter bestand zijn tegen ziekten, of minder snel doorschieten, makkelijker een kooltje vormen, etc.). Voor de teelt van weeuwenteelt bloemkool gebruiken wij het ras Snowball A (maar er schijnt ook een Snowball X te zijn die ook voor weeuwenteelt gebruikt kan worden, niet verwarren met Snowball zonder A of X want dat is een ras voor zomer- en herfstteelt).

Let bij de beschrijving ook op de term zelfdekkend of niet; het geeft aan of de bloemkool bladeren over de kool maakt zodat die mooi wit blijft, of je zelf wat bladeren moet ‘knakken’ en over de kool moet vouwen om te zorgen dat die mooi van kleur blijft (zie ook bij de alinea ‘Verzorging’).

Voorbeelden van rassen:

  • Snowball A dus (ons favoriete weeuwenteeltras, bijna alle foto’s op deze pagina zijn van bloemkolen van dat ras)
  • Alpha 7 (voor zomerteelt maar kan ook voor weeuwenteelt worden gebruikt)
  • Belot F1 (herfstteelt)
  • Vitaverde F1 (groene bloemkool voor zomerteelt)
  •  Graffiti F1 (paarse bloemkool voor zomer- en herfstteelt)
  • Jaffa F1 (oranje bloemkool voor zomer- en herfstteelt)
  • CHeddar F1 (oranje bloemkool voor zomerteelt)
  • Violet Queen F1 (een paarse zomerbloemkool)
  • Romanesco (de groene ‘torentjeskool’, voor late herfstteelt)
  • Purple Cape (een paarse winterbloemkool (foto op deze pagina, geeft kleine bloemkooltje in de buitenteelt, oogst eind maart)
  • Odysseus (vroege zomerteelt)
  • Flora Blanca (herfstteelt)
  • Igloo (kleine planten met kleine kooltjes voor de wat kleinere tuin, voor zomerteelt)
  • Amandine F1 (herfstteelt)
  • Clapton F1 (zomer en herfstteelt)
Het allereerste teken dat een bloemkooltje zich gaat ontwikkelen is het draaien van wat blaadjes in het hart van de plant

 

Een week later kan ze er al zo uitzien

 

BODEM / BEMESTING

Bijna alle koolsoorten willen na het planten niet meer gestoord worden: ze groeien graag langzaam maar gestaag. Ze houden dus ook niet van schommelingen, niet in temperatuur, niet in voeding, niet in vocht. Dat geldt dus ook voor bloemkool. De planten hebben vrij veel mest nodig: relatief veel stikstof (maar ook kalium), om veel bladmassa maar ook een bloemkool te kunnen maken. Maar dan geen kort werkende meststofsoorten want die geven vaak een piek, gebruik liever een langwerkende meststof. Op onze vette kleigrond doet bloemkool (behalve dan de zomerbloemkool) het over het algemeen prima: zware rijke grond, maar ondertussen wel een betere afwatering door de verhoogde bakken en doordat er in de afgelopen jaren veel humus is toegevoegd aan de grond . Op arme zandgronden is een goede bemesting nog belangrijker omdat die grond van nature vrij arm is.

Zelf werken we oude stalmest onder in de winter, en in het voorjaar voegen we compost toe (en laten dat als een soort bodembedekking tussen de planten liggen, waardoor het wat onkruidgroei tegenhoudt, de bodem vochtig houdt en langzaam haar nuttige organische stoffen afgeeft). Daarnaast geven wij een week voor het planten een langwerkende algemene moestuinmeststof. En halverwege de teelt geven we nog wat kali.

De vruchtwisseling van alle koolsoorten is 1 op 4 jaar, liever nog 1 op 6, en dat vooral doordat koolsoorten gevoelig zijn voor ziekten en plagen, met knolvoet als belangrijkste.

Broccoli is trouwens iets minder veeleisend dan bloemkool (al moet ook bij de broccoliteelt de grond behoorlijk vruchtbaar zijn). Bij alle kolen geldt: de grond moet vochtig zijn maar liever niet kletsnat. Zorg dus voor veel organisch materiaal (compost, stalmest met veel stro erin) maar ook voor een goede afwatering. Bloemkool staat graag op half beschaduwde plaats, ook dat bevordert weer die langzame maar gestage groei. Hoe meer zon ze krijgt, des te meer vocht zal ze nodig hebben.

Jonge bloemkoolplant

 

ZAAIEN / OPKWEEK

Je kunt op een zaaibed zaaien maar persoonlijk zaai ik liever onder koud glas voor (en in de nazomer, voor de weeuwenteelt bloemkolen zaai ik buiten in trays). Ik vind een tray voor het zaaien van kool sowieso prettig, want zo hoef je bij het ‘verspenen’ geen wortels te beschadigen (omdat je met een houten stokje de hele plug er naar boven uitduwt en dat in een potje met potgrond plant om verder in te kunnen groeien).

Als je toch liever in een zaaibed zaait pas dan op voor slakken en vogels, zij vinden jonge mals koolblaadjes zo lekker dat ze vaak de planten direct na het kiemen al opvreten. Een fijnmazig net helpt de  gekiemde koolzaailingen te beschermen.

De kiemduur is zo rond de 1 tot 2 weken (afhankelijk van de periode en dus de grondtemperatuur, in de zomer kiemen de zaden soms zelfs al na 5 of 6 dagen). Vanuit de tray pot ik de altijd de zaailingen nog op in 9 centimeter potjes met verse potgrond. Het is wel even extra werk en niet noodzakelijk maar de zaailingen groeien er geweldig goed in en binnen een week of 3 heb je dan al flinke zaailingen die dan uitgeplant kunnen worden.

Verschillende koolzaailingen die zijn verspeend naar 9-centimeterpotjes met potgrond om nog verder in te kunnen groeien voor ze uitgeplant worden

 

Plant de zaailingen bij het uiteindelijke uitplanten vrij diep en geef,  zeker de eerste weken, regelmatig water. Vanaf nu wil de plant ook niet meer gestoord worden, dus niet meer verplanten, en geef water bij droogte, zorg voor afwatering in natte periodes, beschadig geen wortels tijdens het wieden, etc.

Direct na het uitplanten van de jonge planten moeten ze worden beschermd tegen vogelvraat (vooral duiven, kauwen, kraaien, etc.). Zi daar meer over bij ‘Verzorging’.

Voor de weeuwenteelt zaaien we zelf eind augustus, meestal het ras Snowball A of Snowball X (niet te verwarren met het ras Snowball zonder A die vooral voor de matige zomer- en herfstteelt geschikt is). We planten die weeuwenteelt-zaailingen rond half tot eind september in de kas uit. In de eerste weken groeien de jonge planten nog, de laatste 2 maanden van het jaar staan ze nagenoeg stil. Maar vanaf ongeveer half januari groeien ze weer verder, rond eind maart beginnen de kolen te draaien (waarbij je ziet dat in het hart van de plant onder die draai het kooltje zich begint te ontwikkelen. Dat is het moment waarop we wat vaker water geven, en rond half tot eind april kunnen we dan bloemkooltjes  oogsten (net op tijd voor de tomaten, pepers, etc. de grond in moeten 🙂 ).

Onze tuinbuurman zaait in juni winterbloemkool, die het hele jaar en de hele winter gewoon buiten in de volle grond blijft staan, en die hij dan vaak rond maart – april kan oogsten.

 

ZAAIEN / PLANTEN / AFSTAND

Bloemkool tabel

 

VERZORGING

Bij het planten van de zaailingen zitten de duiven hier altijd al op de uitkijk 🙂 . We hebben bij tuinburen wel eens gezien dat de vogels de zaailingen één dag na het planten tot op de nerf hadden opgevreten. Er wordt dan gezegd dat zo lang het hart niet is weggevreten de planten nog kans hebben. Dat is ook zo, maar zonder blad kan een plant niet groeien en dus wordt de start van de plant dan al wel erg lastig.

Wij zelf bouwen zelf altijd een hekwerk van meestal elektriciteitsbuizen of ander materiaal en dekken dat af met een niet al te grofmazig net. We maken het net aan alle kanten goed vast, niet alleen om te voorkomen dat een vogel toch nog een gaatje vindt en naar binnen kan, maar ook om te zorgen dat een vogel niet in het net verstrikt kan raken en zo een akelige dood sterft.

Als de koolplantjes (niet alleen bloemkool, maar alle kool wordt erg lekker gevonden) een centimeter of 30 tot 40 groot is kan het net en het bouwwerk eraf want dan is het malse van het koolblad er blijkbaar vanaf en worden ze niet meer aangevreten. Maar wees daar wel voorzichtig mee, het moment dat er geen interesse meer voor kool is lastig te bepalen en hangt af van de standplaats, hoeveel planten er staan, welke vogels er in je tuin komen en hoeveel, en wat er verder in de buurt te eten is.

Er zijn trouwens meerdere manieren om de zaailingen te beschermen, bijvoorbeeld door bewegende mobielen rond de planten te zetten. Of plastic kraaien. Of door de zaailingen tussen allerlei andere groenten te planten waardoor ze minder opvallen. Maar uiteindelijk blijft de meest zekere manier het afdekken van de zaailingen door een ‘kooi’ te bouwen met een net eroverheen.

Wij hebben zelf nog nooit last gehad van de koolvlieg, maar het is aan te raden om alle koolplanten hiertegen te beschermen. De koolvlieg legt eitjes bij de voet van de plant, de larven vreten vervolgens aan de wortels van de koolplant waardoor die slecht groeit, ziekelijk wordt en uiteindelijk af kan sterven. Om te voorkomen dat de koolvlieg haar eitjes kan leggen bij de steel van de plant knip je van rubber (jarenlang te gebruiken) of karton (voor 1 seizoen) of iets dat je zelf verzint een rondje of vierkantje van ongeveer 15 x 15 centimeter. Knip dit aan 1 kant in, en knip een klein rondje in het midden. Via de inkeping kun je het karton of rubber om de voet van de plant vouwen, het uitgeknipte rondje zit rond de stam van de jonge plant.

Koolplanten hebben sowieso veel belagers. Naast knolvoet (een schimmel die de teelt van kool jarenlang bijna onmogelijk kan maken omdat ze na het verwijderen van de aangetaste planten gewoon in de grond achterblijft en wacht tot er weer nieuwe kolen worden geplant om dan weer toe te slaan), is er nog de koolgalmug, kooluiltje, koolwitje – de namen zeggen het al en ze kunnen allemaal in meer of mindere mate schade toebrengen aan koolplanten. Zoals al eerder gezegd; zelf hebben we heel vaak last van ziekten en belagers bij de koolplanten, maar dat komt voor een deel omdat we geen grote hoeveelheden kool meer dicht bij elkaar planten; al enige jaren planten we koolplanten op verschillende plaatsen in de tuin. Daardoor worden de planten minder aantrekkelijk. Je kunt je voorstellen dat het veel makkelijker en sneller voor een vogel/insect is wanneer er heel veel dezelfde planten naast elkaar in rijtjes staan, en dat het lastiger voor ze is wanneer planten verspreid in de tuin staan, tussen kruiden, eenjarigen, fruitstruiken en andere groenten in en ze dus meer moeten zoeken en meer risico lopen voor minder opbrengst.

Water geven tijdens droogte is uiteraard belangrijk. En het is nog eens extra belangrijk in de periode net na het planten en ook wanneer de bloemkool in de plant zich ontwikkelt.

Wieden is belangrijk, om te zorgen dat de grond luchtig blijft en de kool alle voedingsstoffen op kan  nemen die ze nodig heeft. Doe dat wel voorzichtig, beschadig de wortels niet.

Het is belangrijk om de bloemkool te beschermen tegen de zon (niet de plant maar de kool zelf, wanneer die zich eenmaal ontwikkelt). Onder invloed van de zon worden bloemkolen geel. Dat maakt niets uit voor de smaak maar de meeste mensen vinden een ‘hagelwitte bloemkool’ er het meest appetijtelijk uitzien . Dat kun je heel gemakkelijk bereiken  door, op het moment dat er een klein kooltje zich gaat vormen, 2 of 3 grotere bloemkoolbladeren te knakken en over de kool in vorming te vouwen; dit houdt het zonlicht weg en houdt de kool wit. Zorg uiteraard wel dat er ook altijd genoeg blad intact aan de plant blijft omdat die nodig zijn voor de opnamen van voedingstoffen. Bij de teelt van gele, oranje, groene en paarse bloemkoolrassen hoef je de kool niet af te dekken.

Pas op voor slakken; zij vinden de jonge zaailingen lekker maar houden ook van de bloemkool zelf. Kijk regelmatig en verwijder slakken die tussen de bladeren zitten en richting de kool willen kruipen (vooral in een regenachtige periode). Ze zorgen ervoor dat je zo zorgvuldig opgekweekte bloemkool grotendeels oneetbaar wordt. Sorry voor de volgende foto 🙂

 

OOGST

Controleer regelmatig of er al een kooltje in het hart van de plant verschijnt. Probeer de bloemkool niet of zo min mogelijk aan te raken want dat kan lelijke/bruinachtige vlekken op de witte bloemkool veroorzaken. Dek desgewenst het kooltje met geknakt blad af zodat de kleur mooi blijft.

Kijk vanaf nu een paar keer per week hoe het met de kool gaat en  zorg voor voldoende vocht. Oogst de kool op het moment dat die groot genoeg is door deze zo dicht mogelijk bij de steel af te snijden. Oogst voordat de kool gaat doorschieten, je ziet dan dat sommige delen van de kool wat omhoog komen in vergelijking met andere delen waardoor het er een beetje ´los´ uitziet.

Deze bloemkool gaat doorschieten (je ziet dat ze op bepaalde plaatsen wat ‘omhoog komt’), ze moet nu zo snel mogelijk worden geoogst

 

Bloemkool is geen bewaarkool, eet ze vooral dezelfde dag. Verse bloemkool is het lekkerst maar mocht je eens teveel tegelijk oogsten kun je haar ook invriezen: verdeel de bloemkool in roosjes en vries die rauw of 2 minuten geblancheerd in; als je haar wilt eten kook je water en gooi je de nog bevroren bloemkoolroosjes in het kokende water – dat werkt hier het beste.

Eet de ingevroren bloemkoolroosjes wel binnen 2 of 3 maanden, daarna worden ze duidelijk minder lekker, trekken wat vocht en dus ijs aan en zien er uiteindelijk ook minder mooi uit. Als ik nog eens een vergeten zakje bloemkoolroosjes in de vriezer tegenkom gaat ze in een curry, dat is altijd goed 🙂

Haal na de oogst de plant uit de grond. De bladeren kun je er vanaf snijden en op de composthoop gooien, de stronk is zo hard en dik dat we die zelf altijd weggooien omdat het langer dan een jaar duurt voor ze zelfs maar enigszins composteert.

Weeuwenteelt bloemkool is naar onze mening de allerlekkerste, bij lichtgroen van kleur, heel mals en smaakvol, hoeft slechts 5 minuten te koken.

 

 

ZELF ZADEN OOGSTEN

Dit is niet makkelijk, en ook kan ze gemakkelijk kruisen, niet alleen met andere rassen, maar ook met sommige andere soorten kolen. Om kruisbestuiving te voorkomen moeten 2 bloeiende planten van de Brassica oleracea-groep minimaal 150 meter bij elkaar vandaan staan. Op een volkstuin is dit niet haalbaar 🙂

Wil je het toch proberen: zaai de zaden in de nazomer, overwinter de planten onder glas en plant de planten in het voorjaar uit. In de late lente of vroege zomer gaat de plant doorschieten, bind dan een stok aan want ze wordt dan behoorlijk hoog. De zaden kun je dan in de zomer of nazomer oogsten. De zaden blijven 4 jaar kiemkrachtig. Uiteraard is het niet raadzaam om zaden van F1-hybriden te oogsten omdat de nakomelingen altijd andere eigenschappen zullen krijgen.

 

Tot slot: ik kreeg onderstaande tip als middel tegen knolvoet van Toon:

“Water met keukenzout in een 5% oplossing voorkomt knolvoet”

“Ik heb die “old Indian trick “uit een boek van de onvolprezen mrs Ruth Stout. Ik zet de uit te planten zaailingen een etmaal met de wortels in zout water, en bij het planten begiet ik ze er mee. Voor de zekerheid herhaal ik dat nog enkele malen. Nooit meer last van gehad, ook niet op grond waar de kwaal al jaren in zat”, aldus Toon.

Zelf heb ik nog nooit last gehad van knolvoet bij onze koolsoorten (dat heeft uiteraard ook met de grondsoort te maken, knolvoet komt vaker voor op zure zandgrond dan op onze vaste en kalkrijke kleigrond. Zout (Natrium) in grote hoeveelheden in de grond lijkt me niet goed want teveel natrium heeft een aantal vervelende gevolgen, maar in kleine hoeveelheden (dan kan het weer uitspoelen) moet het geen probleem zijn.

 

En dan nog even: kijk vooral nog even op deze pagina voor recepten met bloemkool (of andere groenten, fruit of kruiden): Recepten

 

4 reacties op Bloemkool

A.Benders 9 juli 2019 om 13:42

Ik plant de bloemkolen een gat met tuinaarde van ongeveer een klein emmertje , en er komt geen knolvoet aan de plant.

Ruud & Diana 24 januari 2020 om 10:01

Reactie van Tetsje, via de mail ontvangen:

Hallo Diana,

Mijn naam is Tetsje en ik tuinier al ruim 20 jaar op zandgrond in Twente.
Wat ik je wilde laten weten is iets over het gedrag van koolplanten, iets dat voor mij verrassend genoeg is om te melden; dit jaar heb ik voor het eerst koolstronken van bloemkool en spitskool laten staan na de oogst van de kool. Er zat nog zulk mooi blad aan, dat wilde ik aan de diertjes in de moestuin gunnen. Tot mijn verbazing liepen de stronken opnieuw uit en inmiddels heb ik al drie(!) keer bloemkool kunnen oogsten van één stronk. En er zaten drie mooie kleine spitskooltjes aan de spitskoolstronk, twee ervan heb ik al gegeten, de derde is door de slakken verorberd.
Ik kende dit koolgedrag wel van broccoli, die laat ik na de hoofdoogst ook altijd staan voor de kleinere roosjes die zich daarna vormen.
Ik ga volgend seizoen meer aandacht besteden aan de koolstronken, door enkele mooie uitlopers te laten staan en de andere uitlopers vroegtijdig weg te halen. Blijft leuk en verrassend, moestuinieren!

Veel plezier en een mooie oogst gewenst voor 2020 en verder!
Hartelijke groeten, Tetsje

Internationaal - Diana's mooie moestuin 31 januari 2020 om 22:10

[…] Bloemkool […]

José Geurtse 15 maart 2020 om 09:06

heb erg veel teveel kooltjes gezaaid staan u in potjes en in de grond in de kas. Wil ze eind van maart uitpoten nu zie ik dat er in de kas wat aan snoept kan echter niets ontdekken. Heb vandaag slakken korrels en koffiedik om de plantjes gestrooid. Zou ik ze anders nu al uit kunnen zetten in de tuin?

vriendelijke groet Jose


Laat een reactie achter op Internationaal - Diana's mooie moestuin

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Meld je aan voor de nieuwsbrief

Do NOT follow this link or you will be banned from the site!