Zoetzuur van radijsjes

Radijsjes zoetzuur

Niet zo heel bekend maar wel heel lekker, radijsjes in zoetzuur. Als je ze niet langer dan strikt noodzakelijk kookt blijven ze lekker knapperig, en het zoete en zure past goed bij het pittige van de radijs.

voor 4 potjes van 300 gram

Ingrediënten:

  • 1 ui
  • 500 gram radijsjes
  • 2 koffielepels geel mosterdzaad
  • 3 deciliter azijn
  • sap van 1 citroensap
  • 2 deciliter water
  • 150 gram suiker
  • zout en peper (of een ragfijn gesneden pepertje) naar smaak

Recept:

Was de radijsjes en dep ze droog. Pel de ui, en snijd in kwart ringen (halve ringen passen lastig in het potje).

Verwarm de azijn met het citroensap, water en de suiker in een pan, voeg mosterdzaad toe en maak op smaak met zout en peper (maar het lijkt me ook erg lekker om ditzelfde recept eens te maken maar dan pittiger en dus in plaats van gemalen  zwarte peper een rood pepertje in reepjes te gebruiken).

Maak ondertussen de potjes schoon met soda en kokend water, spoel ze na met kokend water en laat dat kokendhete water in de potjes staan tot je ze gaat vullen.

Zet het vuur nu zo hoog mogelijk. Giet de schone potjes leeg en zet ze klaar om te vullen. Doe de radijsjes en de uienringetjes in het kokende azijnmengsel, laat het vuur hoog staan zodat het mengsel met de radijsjes en ui erbij binnen een halve minuut weer kookt. Zodra het kookt zet je het vuur uit en vul je de potten, hoe korter de radijsjes en ui in het kokende mengsel liggen, des te knapperig zullen ze blijven.

Zorg dat de radijsjes goed onder het azijnmengsel staan. Sluit de potten af en zet ze ondersteboven tot afgekoeld.

Circa 6 maanden houdbaar.