Komkommer

Komkommer Bush Champion

 

Komkommers en augurken zijn eigenlijk hetzelfde: door constante verbetering van rassen zijn komkommers nu rechter, langer, zachter en frisser/zachter van smaak geworden. En augurken zijn verbeterd om (ook buiten) te kunnen groeien en een grote opbrengst te geven van veel kleine, harde, knapperige vruchtjes. Maar je kunt aan beide heel goed zien hoe zeer ze nog verwant zijn, het blad bijna hetzelfde, de mannelijke en vrouwelijke bloemen hetzelfde, en er zijn nog veel komkommerrassen die wat kleiner blijven, of de voor de augurk zo bekende ‘pikkeltjes’ op de schil hebben.

Wij vinden komkommers van eigen tuin echt heel lekker, ze zijn groener (van vruchtvlees, al hangt dat ook af van het ras) en smaakvoller dan die uit de supermarkt, en onder glas is de opbrengst van 2 planten zo groot dat je ze in één gezin amper allemaal kunt opeten 🙂

Komkommer is lekker rauw is sla en salades, maar ook in roerbak en zelfs gestoofd (nogal onbekend) is ze lekker.

 

PLANT

De komkommerplant is eenjarig, onderschat haar groeikracht niet! Zelf planten we in de kas altijd twee planten: niet omdat we aan één plant niet genoeg hebben hoor, maar als je maar één plant hebt en die gaat dood…..dan heb je niets meer (hebben wij eens in een jaar ervaren). Dus de tweede plant is een soort van back up, en daardoor hebben we meestal teveel komkommers (maar nog nooit weg hoeven te gooien; familie, vrienden, buren, ze zijn allemaal blij met wat wij over hebben 🙂 .

Het nadeel van komkommers (en trouwens ook van courgettes en pompoenen) is dat de grote bladeren behaard zijn en wat irritatie kunnen geven. Ruud heeft er geen last van maar zelf heb ik altijd wat rode vlekjes en jeuk aan mijn handen en armen als ik de komkommerplanten heb verzorgd.

Niet alleen bovengronds wordt de komkommerplant groot, het wortelgestel kan onder de grond wel anderhalve meter breeduit  groeien. Komkommers zijn dorstige planten, en door regelmatig een flinke hoeveelheid water te geven zorg je ervoor dat de planten niet te ver van de plant water hoeven te halen en niet uitdrogen (als komkommerplanten te droog staan zie je dat al heel snel omdat het blad dan slap gaat hangen).

 

Komkommers zijn parthenocarp (je ziet die term wel eens bij de beschrijving van komkommerrassen in catalogi of webwinkel): dit betekent dat de vrucht uitgroeit tot een echte komkommer zonder dat er bestuiving/bevruchting nodig is. Je kunt dat ook zien aan de komkommers zelf als je ze opensnijdt: komkommers bevatten geen echte zaden, de zaden zijn dun, zacht en leeg.

Je wilt soms zelfs geen bevruchting. Bij augurken is bevruchting bij sommige (oudere) rassen nog wel nodig. Maar als een komkommerbloem door insecten wordt bestoven krijg je komkommers die dus ook echte zaden bevatten: deze komkommers worden heel groot, dik en zwaar, vaak lichter groen en gevuld met dikke volle zaden. Het maakt de komkommer oneetbaar (nou ja, dat nou weer niet maar wel droog en bitter van smaak). Het is niet erg als insecten de bloemen bevruchten, want je plukt de komkommer dan vanzelf in een vroeg stadium (ze wordt al snel anders van kleur en dikker van vorm) en zijn dan nog prima te eten. Maar oogst ze dan dus op tijd.

De nieuwere F1-hybride komkommerrassen maken vaak alleen nog maar vrouwelijke bloemen met vruchtbeginsel. Maar oudere, heirloom en bijzondere zaadvaste rassen maken vaak ook nog mannelijke bloemen, en dat levert dan altijd wel een aantal bevruchte komkommers per plant op. Zoals gezegd, vroeg oogsten en even proeven voor je haar in een gerecht gebruikt want als je iets te laat bent kunnen deze komkommers dus nog wel eens minder sappig en wat bitter van smaak zijn.

In de tijd dat wij alleen maar geënte komkommers en F1 hybride-komkommers teelden proefde ik niet eens maar gingen de komkommers zo het gerecht in, maar sinds we wat vaker oude heirlooms en zaadvaste rassen telen snijd ik altijd even een plakje van een komkommer af om even te proeven voor ik de rest van de komkommer gebruik.

Zeker de oudere rassen krijgen dus nog wel mannelijke bloemen; in buitenteelt kun je het beste die bloemen weghalen (omdat daar bevruchting veel vaker voorkomt dan in een kas waar het eigenlijk veel te warm is voor insecten).

Op de foto’s hieronder zie je het verschil tussen een mannelijke en vrouwelijke bloem:

Mannelijke komkommerbloem

 

Op de foto hierboven zie je een mannelijke bloem; alleen een bloem, op een steeltje.

 

En op de foto hierboven zie je een vrouwelijke bloem; ze heeft al een vruchtbeginsel (minikomkommertje) achter haar bloem.

 

ZAAITABEL

Klik op onderstaande tabel om die in een groter formaat in een nieuw tabblad te zien:

Komkommer tabel

 

TEELTWIJZEN / OPKWEEK

De ideale kiemtemperatuur van een komkommers is 20 tot 22 graden, daarom zaaien wij de komkommers eigenlijk altijd binnenshuis, in de kas is de nachttemperatuur eind april vaak nog erg laag. Bovendien vinden muizen komkommerzaden erg lekker.

Komkommers houden niet van verspenen, we zaaien zelf (zeker de vrij dure F1 hybride-zaden waar we zuinig op zijn) één zaadje per 9 centimeter-potje, daar kunnen ze dan in blijven tot ze in mei mogen worden uitgeplant.

We gebruiken voor het zaaien een mengsel van potgrond + 1/5e deel brekerzand en eventueel nog een klein handje perliet of vermiculiet. Bij de kieming houden komkommers niet van teveel vocht, de zaden kunnen in te natte grond rotten. Door de potgrond te mengen met wat grof zand en eventueel nog wat vermiculiet/perliet verbeter je de waterdoorlaatbaarheid. Vul de potjes tot de rand met het mengsel en duw de zaden dan ongeveer 1 centimeter diep de grond in, je hoeft de grond dan verder niet meer te bedekken met zand of grond of vermiculiet. En zorg dus dat de grond goed vochtig is maar zeker niet kletsnat. Op een warme en lichte plaats kiemen de zaden vaak al binnen 7 tot 10 dagen.

Komkommers kiemen niet alleen snel maar groeien ook snel; je zaait ze dus zeker niet te vroeg, want te vroeg gezaaide komkommers moet je hoe dan ook tot begin-half mei in huis houden, met een grotere kans op ziekten en plagen als ze daar in een klein potje bij weinig licht staan. Zaai komkommers niet voor eind maart (en bij voorkeur nog iets later, zie hieronder bij de verschillende teeltsoorten als vollegrondsteelt of glasteelt, etc.).

De beste teelt van komkommers is onder glas (klimmend in een kas of liggend in een platte bak), de teelt in de buitenlucht kan ook, maar de opbrengst is wel een stuk lager, de keuze in rassen is wat beperkt en de kans op ziekten, bevruchting, schimmel, etc. is wat groter.

Als je geen kas of platte bak hebt kun je natuurlijk wel heel gemakkelijk iets ‘fabriceren’. Van bijvoorbeeld een stuk perspexplaat, wat paaltjes, etc. kun je al een handig, doorzichtig dak boven het hoofd van de komkommer maken (het geeft wat meer warmte en het beschermt de planten tegen regen en wind). Een tunneltje van plastic is ook prima. En anders zoek je een beschut en redelijk zonnig plekje in je tuin, waar de planten kunnen klimmen (want klimmende planten kunnen makkelijker drogen na een regenbui dan liggende planten. Het blad van de planten mag niet verbranden door een al te felle zon.

Komkommer Early Wonder

 

Vollegrondsteelt

De rassen voor de volle grond lijken wel wat op grote augurken; ze zijn korter, dikker en ze hebben een minder gladde schil (er zitten vaak wat ‘pikkeltjes’ op) dan glaskomkommers.

Voor de teelt in de volle grond is wel een mooie zomer nodig, en natuurlijk een redelijk zonnig en warm plekje. Zaai ze vanaf half april bij kamertemperatuur voor, de zaden binnen 1 tot 2 weken en de zaailingen mogen, mits groot genoeg, vanaf 12 mei (IJsheiligen) naar buiten.

Dek de grond waar de komkommer komt een week of 3 van tevoren af met plastic zodat de grond alvast wat kan opwarmen. Heel handig is ook “broeimest”: graaf een flink gat, stort dat vol met stalmest met stro, doe de grond daar weer bovenop. Het voordeel hiervan is dat de stalmest met stro gaat composteren en dat geeft veel bodemwarmte. Daarnaast teel je nu de plant op een heuveltje zodat overtollig water weg kan in natte perioden, en er komt nog een klein beetje voeding vrij (maar het composteren kost juist weer wat voeding dus het is onze ervaring dat je wel wat bij moet mesten hoor).

Voorbeelden van rassen voor vollegrondsteelt:

  • Long Green Ridge (vrij kort, donkergroen)
  • Gele Tros (middellang, geel)
  • Miniature White (kleine witte komkommertjes)
  • Bush Champion (kleine planten die geschikt zijn voor de teelt in potten)
  • Diva (groene snackkomkommer)
  • Early Wonder (donkergroen, kort)
  • Early Fortune (donkergroen)
Komkommer Early Fortune

 

Voor de teelt onder glas zijn deze rassen natuurlijk ook prima geschikt, maar daar worden ook vaak F1-hybriderassen geteeld (bijvoorbeeld omdat ze onder glas zeer veel opbrengst geven en soms beter bestand zijn tegen ziekten en schimmels zoals bijvoorbeeld meeldauw).

Teelt in de platte bak

Zaai iets eerder dan de vollegrondsteelt en plant de planten begin mei uit onder glas, reken op 1 plant per raam (of per ongeveer 1,5 vierkante meter).

Er wordt vaak een systeem aangeraden om te snoeien zoals: ‘top de plantjes na het vierde blad, houd vier hoofdranken aan aan en snoei de rest weg’. Het klinkt heel handig maar soms heb je weinig tijd en ben je het systeem kwijt of groeit de plant nu eenmaal anders dan verwacht. Belangrijk is te zorgen dat de plant zich regelmatig vertakt, er naar elke hoek een rank gaat voor een optimale spreiding van je plant.

Verder verwijder je eventuele mannelijke bloemen, geef je regelmatig voldoende water. Je zorgt voor lucht door de ramen op een kier te zetten, en controleer regelmatig op vruchten. Je kunt per plant in een platte bak die niet te vol en goed verdeeld is wel 20 tot 25 komkommers per plant oogsten.

Teelt in de koude kas

Ook komkommers voor kasteelt zaai je wat eerder: begin tot half april binnenshuis (of bij goed weer in de kas maar let dan goed op nachtvorst!!). Plant ze begin mei uit in de kas op ongeveer 60 centimeter van elkaar. Zelf bouwen we een hekwerk van ongeveer 1.80 meter hoog en ook 1.80 breed per kommer. We maken het van bamboestokken, om ongeveer de 40-50 centimeter een verticale stokken en uiteindelijk de ‘liggers’ ook op ongeveer 40-50 centimeter.

 

Zodra de komkommerplant zich wil gaan ‘winden’ maak je haar vast aan een stok en soms moet je dat nog 1 of 2 keer doen voor ze zelf haar weg vindt en zich met hechtranken goed om de stokken kan wikkelen.

Ook voor de kasteelt bestaat er een heel systeem van snoeien (snoeien op het tweede blad, dan weer op een tweede zijscheut, etc.). Ik geef het heel eerlijk toen; sinds onze eerste kas met komkommers (ergens rond 1992) doen we daar niet meer aan. Als je een komkommer snoeit kost het je veel tijd en uitvinden wat een zijscheut etc. is want een komkommerplant groeit heel snel. Onze ervaring is dat als je een komkommerplant niet snoeit volgens het boekje, je altijd nog wel een stuk of 40 tot 50 komkommers (afhankelijk van het ras) per jaar kunt plukken. En dat is met 2 planten dus zo’n 100 komkommers, dat is voor ons meer dan genoeg 🙂 .

Snoeien we dan niet? Jawel hoor: eens per 2 weken halen we scheuten weg die buiten het gemaakte rek willen gaan groeien. Bovendien verwijderen we blad dat lelijk wordt en ook blad dat erg dicht en dik voor de vruchten hangt: een soort van licht en lucht creëren in de plant.

Voor de glasteelt zijn er dus voornamelijk hybride-rassen te koop en daarnaast kun je ook nog geënte komkommerplanten kopen; goede komkommerrassen (meestal F1-hybriderassen) zijn vaak bestand tegen de schimmelziekte Fusarium, mozaiëkvirus, en hebben een hoge tolerantie tegen meeldauw, etc.. Let vooral op wat er in de beschrijving bij een ras staat, daar kun je veel informatie uit halen.

Zelf vinden we voor kasteelt F1 hybriden geschikt. We zijn eigenlijk niet zo’n voorstander van F1-hybriden, gebruiken ze liever niet, maar in geval van komkommers (en koolgewassen) maken we er zeker een uitzondering voor omdat de opbrengst en vooral ziektebestendigheid beter is (in onze ervaring dan). Aan de andere kant moet ik ook even melden dat we in een extreem nat jaar ook onze Bastos F1 hybride-planten al in juli op moesten ruimen omdat ze stijf onder de meeldauw zaten – het ras is dus heel belangrijk maar omstandigheden zeker ook).

Ondertussen zie je ook steeds vaker snackkomkommerrasen bij de zaadhandel: even lekker en gezond als een ‘gewone’ komkommer maar nu in klein formaat. Je ziet ze ook regelmatig in de supermarkt. Afhankelijk van het ras, en buitenteelt of glasteelt worden de komkommertjes zo’n 10 tot 15 centimeter groot. Handig omdat één komkommer vaak precies goed is om mee te nemen naar werk of school, ter garnering, etc. (zo heb je geen halve komkommers meer over 🙂 .

Zelf hebben we de laatste jaren nog steeds 2 komkommerplanten in de kas staan. Maar nu vaak 1 ‘gewone’ komkommer en 1 snackkomkommer. Ik heb het idee dat de plant wellicht iets smaller blijft dan een ‘gewone’ komkommer (wel net zo groot, maar iets minder breed uitwaaierend), maar dat hangt misschien ook wel iets af van het ras.

Er bestaan zowel in de teelt van ‘gewone komkommers’ als de teelt van ‘minikomkommers’ heel veel rassen van goede kwaliteit. Zoals eerder gezegd, let goed op de beschrijvingen (en dan op termen als “bittervrij”, parthenocarp, bestendigheid tegen ziekten, geschiktheid voor volle grond, kasteelt, etc.).

Voorbeelden van goede rassen voor de teelt onder glas zijn:

  • Bella F1
  • Iznik F1
  • Bastos F1
  • Picarino F1 (snackkomkommer)
  • Diva (snackkomkommer)
  • Gold Standard
  • Streamliner
  • Tasty Jade F1

 

Tot slot nog even: mocht je de teelt van komkommerplanten in de buitenteelt meerdere keren hebben geprobeerd maar lukt het gewoon niet; overweeg dan eens te kiezen voor Melothria scabra (ook wel Mexican Sour Gherkin of muismeoen genoemd). Dit zijn klimmende planten die het prima in de buitenteelt doen, en heel erg veel heel kleine vruchtjes (2 centimeter) geven die smaken naar knapperige komkommer met een vleugje citroen. Ik heb hier een pagina geschreven over de teelt ervan: Mexican Sour Gherkin.

Melothria scabra is geen komkommer maar geeft wel naar komkommer smakende vruchtjes, en is zeer geschikt voor de buitenteelt.

 

BODEM / BEMESTING

Komkommers vragen een warme, luchtige grond die goed bemest is (ze maakt tenslotte een grote plant en moet energie hebben om heel veel komkommers te maken). Naast de basisverzorging van het onderspitten van oude stalmest en/of compost geven we hier een week of 3 voor het planten een organische, samengestelde meststof (zoals groene Culterra). En we geven elk jaar een klein handje patentkali (dit zou de smaak en houdbaarheid van de vruchten verbeteren).

 

OVERIGE TEELTZORGEN:

Een komkommerplant heeft veel water nodig, zeker wanneer ze al een grote plant is en komkommers geeft. Een bekend tuingezegde is “Een komkommer giet je groot, een meloen giet je dood” (hetgeen uiteraard betekent dat een komkommerplant veel water nodig heeft en een meloenplant juist veel minder). Volwassen komkommerplanten in de kas krijgen hier elke 2 of 3 dagen 1 gieter (10 liter) water, dicht bij de stam gegeven (en zo min mogelijk op het blad want dat werkt schimmels in de hand).

Uiteraard zorg je dat de grond vrij is van onkruid. En ik wil wel graag nog een keer extra benadrukken hoe belangrijk het is om zieke delen van de planten te verwijderen. En alle lelijke bladeren die rond de planten op de grond of tussen de stengels en bladeren in zijn gevallen haal je weg.

Als voorbeeld deze foto die ik begin oktober heb gemaakt:

 

Komkommers zijn nu eenmaal niet zo sterk, ze zijn gevoelig voor meeldauw, spint, luis, noem maar op. Je kunt op de foto zien hoe lelijk het blad begin oktober is. Toch hebben we (in de kas) de oogst nog een week of 3 kunnen rekken. Knip alle lelijke/zieke bladeren weg, stukken van aangetaste stengels, etc.. Zo lang de plant nog steeds nieuwe bloempjes en komkommers maakt is ze ‘nog niet klaar’. Door die aangetaste plantdelen te verwijderen kun je soms nog wel 5 tot 10 komkommers in de herfst oogsten. Dat lukt niet altijd hoor, als we zien dat er ook geen bloempjes/komkommers meer worden gemaakt weten we dat de plant gewoon ‘op’ is en halen we haar uit de grond.

 

OOGST / BEWAREN

Nog even een stap terug; om veel te kunnen oogsten moet je ook regelmatig plukken; veel plukken bevordert de maak van nieuwe vrouwelijke bloemen en dus vruchten. Vollegrondskomkommers zullen vaak wat minder mooi zijn: minder recht, minder egaal groen, maar de smaak is toch ook prima (uiteraard vooral afhankelijk van het ras).

Bewaar zelfgeteelde komkommers niet in de koelkast, dat is te koud voor ze, ze worden dan zacht en gaan eerder schimmelen. Koel en donker (ik bewaar ze in een mand in een keukenkastje) kun je ze wel een dag of 4 bewaren, maar verse komkommers zijn natuurlijk altijd het lekkerst.

Als je echt een grote hoeveelheid komkommers hebt geoogst, kun je ze ook inmaken, bijvoorbeeld in en zoetzuur.

Zelf schil ik ze ook wel, zaad eruit en het vruchtvlees snijd ik dan in blokjes van 1 x 1 centimeter en vries die in een zakje in. Het is wel bijzonder; ik laat ze dan voor 3/4e ontdooien en dan warm ik de blokjes op in een mengsel van room en kaas met wat peterselie (een soort kaassaus dus). Komkommer wordt niet zacht en snotterig als het uit de vriezer komt, zeker niet zoals aardbeien of prei dat bijvoorbeeld wel worden. Het recept voor Haagse komkommer, zoals het recept heet dat ik ooit van een tuinbuurman kreeg, kun je hier vinden. En je kunt dus ook bedenken dat je blokjes komkommer dus ook kunt invriezen voor een Aziatische salade of curry of andersoortige stoofschotels.

Komkommer Miniature White

 

ZAADTEELT

Komkommers kruisen heel gemakkelijk, met andere rassen en met augurken. Wil je er toch zaad van kweken (uiteraard niet van de F1 hybride-rassen want die leveren bijna altijd nakomelingen van mindere kwaliteit), zul je kunstmatige bestuiving moeten toepassen en zul je een plant moeten hebben die dus zowel vrouwelijke als mannelijke bloemen geeft:

In de buitenteelt bind je daarom rond de vrouwelijk bloemen wat fijn gaas. Als de bloem open gaat, neem je het gaas weg en wrijf je de meeldraden van een mannelijke bloem over de stamper van de vrouwelijke bloem (met bijvoorbeeld een kwastje of wattenstaafje). Hierna breng je het gaas weer terug rond de bloem tot deze verwelkt is.

Doe dit met meerdere bloemen tot je merkt dat 2 of 3 vruchten zich beginnen te ontwikkelen. Bij de teelt in de kas is er minder kas op kruisbestuiving (tenzij er verschillende rassen komkommers op korte afstand van elkaar buiten of in andere kassen staan). Laat de komkommers volledig afrijpen, tot ze heel dik, groot en geel of bruin (afhankelijk van het ras) van kleur zijn. Haal dan de zaden er uit, was ze en laat ze even in water staan; loze zaden komen boven drijven, goede volle zaden zakken naar de bodem. Droog de zaden en bewaar ze koel en donker, maximaal 3 tot 4 jaar.

Het is dus wel een heel gedoe. Daarnaast is er nog iets veel belangrijkers: gekruiste komkommerplanten kunnen bittere en licht giftige vruchten bevatten. Dat giftige (en bittere) komt omdat bij gekruiste planten de vruchten giftige cucubitacinen bevat. Je hoeft niet bang te zijn dat je per ongeluk zo’n giftige komkommer eet want ze is dan zo bitter dat ze letterlijk oneetbaar is. Ik heb zelf eens een gekruiste komkommerplant van een tuinbuurvrouw gekregen. De eerste hap van de eerste komkommer was genoeg om het stukje komkommer direct uit te spugen, mijn mond te spoelen en de hele plant uit de grond te rukken, om nooit meer te vergeten 🙂 . Om die reden proef ik altijd, ook van planten uit gekochte zaden, van de eerste komkommer van die plant even een plakje voor ik die verder in een gerecht gebruik, want een klein stukje maakt een gerecht al oneetbaar bitter.

cpt_list post_type=”recept” ingredient=”komkommer”  posts_per_page=”200″ order_posts_by=”title” which_order=”ASC” show_thumbs=”true” show_post_content=”false” title_links=”true” list_title=”true” thumb_link=”true” ]