Landkers

Landkers wordt ook wel veldkers, winterkers of Barbarakruid genoemd. De Latijnse naam is Barbarea en er bestaan 22 soorten. Twee daarvan heb ik in mijn tuin als eetbare groente staan: Barbarea vulgaris en Barbarea praecox (over die laatste heb ik eens een blog geschreven toen ik haar voor het eerst ontdekte: IJzersterk. Deze 2 planten hebben heel veel overeenkomsten en slechts een klein aantal (maar wel belangrijke) verschillen. Daarom leek het me wat onzinnig om er 2 aparte pagina’s van te maken. Op deze pagina beschrijf ik mijn ervaring met de teelt van deze 2 groenten, als er een verschil in een eigenschap tussen de 2 soorten is, dan benoem ik dat. Zo niet, dan geldt die eigenschap voor beide soorten.

Landkers heeft een pittige smaak, een beetje zoals waterkers. De smaak van Barbarea vulgaris is wat milder, groener en lichtpittig. De smaak van Barbarea praecox is veel sterker en pittiger. Beide zijn lekker in een gemengde salade, maar ook in een stamppotje (enigszins vergelijkbaar met een stamppot rucola). De blaadjes van Barbarea vulgaris vinden we ook erg lekker in bijvoorbeeld een pesto met cashewnoten en oude kaas, de meer langwerpige blaadjes van de extra pittige Barbarea praecox vinden we dan juist weer heerlijk op een broodje met kaas of ei (ook omdat het iets steviger van structuur is, bijna een beetje knapperig).

Barbarea praecox komt na de strenge vorst (enkele dagen -5 tot -8 en in de nachten tot -15 graden vorst) weer overeind en maakt zelfs weer nieuwe blaadjes in het hart van de plant

PLANT

Hier komen de meeste verschillen tussen Barbarea vulgaris en Barbarea praecox aan bod. Want ze zijn duidelijk familie maar ze zien er zeker niet helemaal hetzelfde uit. Het zijn allebei kruisbloemigen, en dat betekent dat ze familie zijn van waterkers, tuinkers, rucola, radijs en alle koolsoorten. En ze kunnen allebei heel goed tegen kou, ze kunnen buiten de winter gemakkelijk overleven. Ik heb de Barbarea praecox een beetje slap zien hangen bij -15 graden maar een paar dagen na de strenge vorst stond ze zonder zichtbare vorstschade weer fier overeind. Ze blijven in de winter groen, misschien wel de allerbeste reden om deze planten te telen want ze zijn decoratief in de verder vooral grijze en kale winter, en je kunt er dus de hele winter van blijven oogsten.

De verschillen (naast het feit dat Barbarea praecox pittiger smaakt en Barbarea vulgaris iets milder):

Barbarea praecox wordt ongeveer 30 x 30 centimeter groot en ook 30 centimeter hoog. De blaadjes zijn glanzend donkergroen van kleur, klein en ze zitten langs de bladsteel (in de verte lijkt ze daardoor bijna wel wat op rucola). De planten bloeien in het voorjaar maar kunnen daarna in principe blijven staan, een vaste plant dus. Ze zaait zich prettig uit.

Barbarea praecox

Barbarea vulgaris is er in 2 rassen: de gewone groene maar er is ook een Barbarea vulgaris variegata, een extra mooie geelgroene bontbladige. De blaadjes langs de bladstelen zijn wat groter en wat meer rond van vorm. De planten blijven iets kleiner, ongeveer 20 x 30 centimeter en 25 centimeter hoog. Ook deze planten bloeien in het voorjaar maar ik heb meerdere keren gezien dat de planten na de extreem rijke bloei afstierven. Ook deze Barbarea zaait zich prettig uit.

Barbarea vulgaris variegata

TEELTWIJZEN 

Je kunt landkers bijna jaarrond zaaien, omdat je er ook jaarrond van kunt oogsten. De meest logische periode van zaaien is wel in het voorjaar (omdat je er dan de hele zomer, herfst en winter blaadjes van kunt oogsten voor de planten gaan bloeien. Tijdens de bloei zijn de blaadjes wat minder lekker omdat ze dan nog pittiger zijn maar vaak ook wat bitter smaken. De bloempjes kun je trouwens ook eten, ze hebben een lekkere zachte, poederige, koolachtige en iets pittige smaak. Maar mocht je dus eens in de zomer zaden kopen, dan kun je haar zeker ook zaaien. En zelfs ook in de herfst, maar bedenk dan dat de plantjes nog vrij klein de winter in gaan en je er minder van kunt oogsten omdat de groei in de winter stilstaat of heel langzaam gaat (afhankelijk van de temperatuur).

BODEM / BEMESTING / STANDPLAATS

Landkers groeit graag in een vochtige grond, en het liefst zelfs in de halfschaduw. Ze doet het daarom prima in onze kleigrond en we zoeken er een plekje voor langs de rand van de tuin, daar schijnt pas vanaf ongeveer 14.00 uur in de middag de zon. We verbeteren de grond door er in de winter wat mest met stro op te leggen en geven in het voorjaar wat compost. Ze is een kruisbloemige en hoort in een eventuele vruchtwisseling dus in het vak van de koolgewassen.

Soms plant ik landkers hier ook wel achter de kas, ook halfschaduw (met alleen ochtendzon), dan staat ze naast kruiden die ook graag wat koelere omstandigheden willen of omdat ze anders snel doorschieten (zoals peterselie, rucola, mosterdblad, tuinkers en selderij). 

Een week voor het uitplanten van de zaailingen geven we deze planten een klein beetje samengestelde organische mest.

Net verspeende Barbarea praecox-zaailingen
Barbarea praecox na het uitplanten

OPKWEKEN

Eerlijk is eerlijk, dit is het nadeel van landkers: het zaaien gaat niet altijd even makkelijk. Soms willen gekochte zaden niet kiemen. Geen idee hoe het komt want in principe zouden landkers-zaden binnen 1 tot 2 weken moeten kiemen bij 10 tot 20 graden. Toch heb ik het idee dat ze wat kou bij de kieming wil want ze kiemt hier makkelijker als ik haar in de koude kas zaai dan wanneer ik de zaden in een huis in een zonnig raamkozijn zaai. Geef in ieder geval niet te snel op; ze kan wat onregelmatig kiemen.

Ik zaai de zaden voor het beste resultaat vrijwel altijd in maart of april in de koude kas, in een tray met een mengsel van 6 delen potgrond op 1 deel grof brekerzand en ik bedek de zaden met slechts een heel dun laagje zand of vermiculiet. De zaden kiemen dan binnen ongeveer 2 tot 4 weken. De zaailingen verspeen ik naar 9-centimeter potjes zodat ze daar nog een paar weken in kunnen groeien voor ik ze uitplant. Ik houd een plantafstand van ongeveer 20 x 30 centimeter aan voor de Barbarea vulgaris. Omdat Barbarea praecox ouder en groter kan worden zet ik die op 30 x 30 centimeter.

Zaailingen van Barbarea vulgaris (de gewone groene en dus niet de bonte vorm)

TEELTZORGEN

Landkers is een vrij probleemloze plant en ze heeft ook weinig verzorging nodig. Slakken lusten haar niet (is mijn ervaring in onze tuin), en ik zie nooit luis of witte vlieg of rupsen. Ze hoeft niet opgebonden of terug geknipt te worden. Oftewel: een ideale plant waar je na het zaaien weinig aan hoeft te doen en die toch voor 12 maanden oogst zorgt. Vooruit: ik geef wel water in een heel droge zomer, en ik verwijder onkruid dat rondom haar staat. Maar verder is het zaaien, planten en vervolgens lekker oogsten.

Omdat ze zo decoratief is (wintergroen en wellicht dus ook nog bontbladig) misstaat ze zeker niet in een eetbare siertuin. Als je de plant in haar tweede jaar in bloei laat komen (ze schiet rond eind maart door en bloeit in april met enorm veel gele bloempjes (zie foto’s) is het wellicht handig om er en stok bij te plaatsen zodat de bloeistelen niet om kunnen vallen.

Zoals al eerder gezegd: de bloempjes zijn eetbaar (en lekker). Maar ze lokken ook nog eens heel veel bestuivers naar je tuin, vooral hommels en solitaire bijtjes zijn hier gek op de bloemen. En tot slot kun je de bloeistengels ook nog plukken voor in een vaas: op een niet te warme plaats blijven ze wel bijna een week mooi.

De vrolijke gele bloempjes van Barbarea vulgaris variegata

OOGST / BEWAREN

Omdat je jaarrond van deze planten kunt oogsten hoef je ze niet te bewaren. Je oogst ze vooral zo kort mogelijk voor je ze in de keuken gebruikt. De blaadjes blijven in bijvoorbeeld wat keukenpapier in de groentelade zeker ook nog wel enkele dagen goed, je kunt ze daarna ook nog wel opfrissen door ze een kwartiertje in wat ijskoud water te leggen.

ZAADTEELT

Barbarea behoort tot de familie van kruisbloemigen maar kruist niet met koolsoorten of soorten als radijs of mosterd. Of Barbarea praecox met Barbarea vulgaris kan kruisen durf ik niet met zekerheid te zeggen: ik denk het niet want het zijn 2 verschillende soorten, maar ik heb nog nooit zaden gelijktijdig kunnen oogsten en het dus kunnen vergelijken.

Laat voor de zaadteelt een plant na de bloei staan tot de langwerpige zaadpeultje verschijnen. In de loop van de lente en de zomer rijpen de zaden, je kunt de peultjes oogsten wanneer ze openvallen als je ze aanraakt (dan zijn ze bruin en droog). Laat de zaden nog een paar dagen op een luchtige en warme plaats nadrogen. De zaden zijn, mits koel en donker bewaard zo’n 3 tot 4 jaar kiemkrachtig.

Barbarea vulgaris variegata in volle bloei, wordt dan wel 50 tot 60 centimeter hoog

Laat een reactie achter.


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Of abonneer jezelf op deze discussie zonder te reageren.

Meld je aan voor de nieuwsbrief