Wormencompost

Ik heb altijd geleerd om goed voor dieren te zorgen. En dat heeft me de afgelopen jaren wellicht een beetje tegengehouden als ik aan een wormencompostbak dacht. Want ik hou van dieren; ik heb konijnen, parkieten, een muis en vanaf mijn 20e altijd katten gehad, en er altijd met veel liefde en plezier voor gezorgd…. Maar wormen? Ik vind ze allesbehalve aaibaar, een beetje glibberig en ze kunnen zo kronkelen. Ik ben er niet bang van, dat niet. Maar ik neem ze niet graag in mijn blote handen. Met handschoenen aan vind ik het dan weer geen enkel probleem. Wormen vinden het trouwens zelf ongetwijfeld ook helemaal niet leuk om opgepakt te worden.

Ik heb nog nooit een worm doelbewust gedood, het is een kleine moeite om, als ik er eentje onder bijvoorbeeld een pot zie, die even een stukje verderop op de blote grond te leggen zodat hij zijn weg in de grond kan vinden. Toen we vroeger de tuin elk jaar nog spitten hebben we helaas wel vaker dan eens per ongeluk een worm doormidden gestoken. Maar nooit als ik het kon voorkomen. We spitten al jaren niet meer, de wormen hebben vast een klein feestje gevierd toen we daarmee stopten (ook omdat ze sindsdien niet meer terug naar hun eigen ‘woonlaag’ in de grond hoeven te kruipen) :-).

Afijn, ik twijfelde dus lang over een wormencompostbak. We wilden die zelf gaan maken, als we eens tijd zouden hebben. Maar elk jaar stelden we dat weer uit tot het volgende seizoen; er is zoveel te doen in een moestuin dat zoiets makkelijk op de lange baan kan worden geschoven. Zeker als je ook nog twijfels hebt.

Aan die twijfel kwam een eind toen ik me wat meer ging verdiepen in de worm en wat die doet en maakt. Daarom eerst even wat wetenswaardigheden over de worm en zijn taken in de natuur. Hij wordt er niet aaibaar van maar blijkt wel zo fascinerend te zijn dat je er vanzelf respect voor krijgt. En misschien zelfs bewondering voor al het werk dat hij verzet in zijn korte leven en met zoveel vijanden. Ik heb nu een jaar een wormencomposttoren en ik betrap mezelf erop dat ik ondertussen zelfs tegen ze praat als ik ze voed, de tray’s verzet, de compostbak wil legen, etc. :-).

Voor alle duidelijkheid: ik ben geen bioloog en vond onderstaande informatie in boeken en op internet. Als iemand verbeteringen of aanvullingen heeft, dan hoor ik het heel graag!

OVER WORMEN

Er bestaan in totaal wel ruim 25.000 soorten wormen, van minuscuul klein tot meterslang. Onder de wormen vallen bijvoorbeeld regenwormen maar ook lintwormen, bloedzuigers, en de voor de moestuinder zo bekende nematoden (aaltjes).

De regenworm komt uit de groep ringwormen. Er bestaan er meer dan 600 soorten van, ze leefden ooit in zee maar zijn zo geëvolueerd dat ze nu op het land kunnen leven (en sommige soorten ook in zoet water). Dat maakt het logisch dat ze van vochtige grond houden en slecht tegen droogte en hitte kunnen (als de huid uitdroogt kan een worm ‘stikken’). Maar ze kunnen ook niet goed tegen kou; bij vorst zoeken ze diepere lagen in de grond op en bij lage temperaturen raken ze in een soort slaap- en ontwikkelingsstilstand. Ze houden trouwens ook niet van een al te zure grond, ook dan gaan ze in een soort pauzestand, de zuurgraad van de grond is bij voorkeur neutraal tot iets zuur.

Wormen staan aan de basis van de voedselketen. Ze worden gemiddeld 1 tot 2 jaar oud en zitten vreemd in elkaar (in vergelijking met een zoogdier :-)). Ze zijn ongewerveld en bestaan uit segmenten. Ze zijn hermafrodiet, hebben dus mannelijke en vrouwelijke geslachtskenmerken. Ze kunnen zichzelf echter niet bevruchten en hebben voor de bevruchting een partner nodig zodat ze eitjes kunnen leggen. Ze hebben geen hersenen maar wel zenuwknooppunten. Ze hebben geen ogen maar wel lichtgevoelige zintuigcellen. Ze hebben geen longen maar wel bloedvaten waarmee zuurstof die door de huid wordt opgenomen kan worden vervoerd. Die bloedvaten worden in de segmenten verbonden met ringvaten. En sommige daarvan zijn extra groot en hebben een pompfunctie waardoor het het een beetje kunt vergelijken met een hart. Sommige regenwormen hebben, als je het zo bekijkt, wel tien ‘harten’.

Vroeger hoorde ik van het fabeltje dat als je een worm doormidden zou snijden beide kanten gewoon door zouden leven. Ik zou het niet in mijn hoofd hebben gehaald om het uit te testen. Maar zoals eerder gezegd hebben we met spitten of het gebruik van een bollenpoter of schrepel heus wel eens een worm geraakt. Dan hoopte ik altijd maar, tegen beter weten in, dat die fabel toch waar zou zijn. Nu ik voor deze pagina meer informatie zocht las ik dat als dat een worm (vooral aan de achterkant) wel wat segmenten kan missen (en er zelfs weer nieuwe segmenten aan kunnen groeien, de doorgesneden segmenten aan de achterkant sterven direct af). Maar het is natuurlijk niet fijn of gezond voor de worm, daarom kijk ik, als ik een compartiment uit de wormencomposttoren optil altijd even aan de onderkant voor ik die neerzet, en kijk ik bij het weer stapelen van de compartimenten ook even goed of alle wormen ‘binnen boord’ zijn.

Je kunt de regenworm zoals die in Nederland in de tuin leeft grofweg in 3 groepen verdelen:

  • Epigeïsche soorten (worden ook wel afvalverwerkers of strooiselwormen genoemd): dit zijn vaak kleinere wormen die niet graven maar het afval op de grond verkleinen, ze leven in de bovenste 10 centimeter van de toplaag.
  • Endogeïsche soorten (worden ook wel bodemwoelers genoemd): dit zijn vaak middelgrote wormen die in de bovenste 50 centimeter van de grond vooral horizontale tunnels graven die zorgen voor voor het verdere afbreken van de afval en een luchtige bovenlaag.
  • Anekische soorten (worden ook wel tunnelbouwers of diepgravers genoemd): dit zijn vaak grotere wormen die diepe verticale gangen graven en zo voor een luchtige grond en een goede waterafvoer zorgen. De wormen uit deze laatste groep zijn niet geschikt voor een wormencompostbak omdat ze direct naar de bodem van de composttoren zouden gaan om een uitweg te zoeken.

Tot zover wat informatie over wormen. Het maakt wellicht hun voorkeur voor een gematigd klimaat en voldoende vocht en afval duidelijk.

COMPOSTWORMEN

Wormencompost bevat van alle soorten compost (zoals tuincompost, bladaarde, gecomposteerde mest, etc.) de hoogste concentratie van stikstof, kali en fosfor, de essentiële bouwstoffen voor planten. Dat gehalte is niet heel erg hoog, in ieder geval niet te vergelijken met meststoffen die je in de winkel kunt hopen, maar naast die 3 bouwstoffen bevat wormencompost heel veel sporenelementen, mineralen, enzymen, bacteriën en schimmels; stoffen die een plant helpen om voedingsstoffen op te kunnen nemen, ziekten en plagen te weren, etc.. Het is dus ideaal als je het, net als ik, eens bent met de stelling dat het vooral goed is om je grond te voeden in plaats van je planten (googel daarvoor even op het ‘no-dig’ principe van Charles Dowding).

Het rijtje met de 3 wormengroepen toont aan dat er grote verschillen zijn, en dat dus ook niet elke worm geschikt is voor het maken van compost. Je hebt er soorten voor nodig die snel en veel afval kunnen verteren. De wormen van het geslacht Eisenia zijn daar het best in, en de aller-allerbeste is Eisenia fetida, ook wel tijgerworm genoemd. Deze ‘supercompostworm’ eet onder de juiste omstandigheden elke dag zijn eigen gewicht aan tuinafval en plant zich bovendien ook nog snel voort (andere wormen uit de Eisenia-groep zijn ook geschikt maar eten vaak wat minder en planten zich minder snel voort). Ik las ergens dat één enkele tijgerworm per jaar 5 tot 8 kilo uitwerpselen = wormencompost kan produceren.

Wormencompost wordt ook wel wormenmest genoemd, of wormenhumus, of vermicompost. Mocht je het niet zelf door een wormen willen of kunnen laten maken, dan is er ook altijd nog de mogelijkheid om het in zakken te kopen.

COMPOSTWORMEN ZOEKEN

Als je met een wormencompostbak wilt beginnen zul je dus de juiste wormen moeten vinden. Je kunt deze wormen kopen, soms zijn het alleen tijgerwormen, meestal een uitgebalanceerde mix van wormen uit de Eisenia-groep. Als je een wormencompostbak koopt is er vaak de mogelijkheid om gelijk wormen mee te bestellen maar er zijn ook wormenkwekerijen waar je wormen per 250 of 500 gram kunt kopen. Googel vooral even op ‘compostwormen kopen en je vindt een flink aantal aanbieders die wel iets variëren in prijs en verzendkosten.

Als je een compostbak hebt kun je daar zelf ook compostwormen in vinden. Met wat compost en half verteerd groenafval kun je ze gemakkelijk naar je wormencomposttoren verhuizen.

Als je geen compostbak hebt kun je ook overwegen om er één na te bootsen. Graaf daarvoor een oppervlakkig gat in de grond en vul dat met een mengsel van klein gesneden groenaval, wat hooi of klein geknipt bruin karton, wat cocopeat of koffieprut, half verteerde herfstbladeren, etc. Leg dat in de holte in de grond en als het goed is komen daar binnen enkele weken (afhankelijk van het materiaal en de temperatuur) compostwormen op af.

Zelf heb ik bij de aanschaf van mijn wormencomposttoren gelijk compostwormen besteld (zodat ik zeker wist dat ik de juiste wormen in de juiste hoeveelheid en juiste samenstelling had. En ik kocht ook gelijk wormenvoer en lavagruis. En dat was bij elkaar een prima start (ik begon in mei, een mooie tijd ook qua buitentemperatuur).

WAAROM WEL OF NIET EEN WORMENCOMPOSTBAK

Eerst de redenen waarom een wormencompostbak zeker een aanrader is:

  • Het is leuk om voor dieren in je eigen tuin te zorgen.
  • Het is leerzaam, voor volwassenen maar zeker ook voor kinderen
  • Je kunt je eigen groenafval door wormen laten verwerken
  • Het is biologisch als je dat wilt want je weet zelf wat je de wormen voert
  • Je houdt er een heerlijke geurige compost aan over die je in tuin, potten, bakken, etc. kunt gebruiken
  • Het is duurzaam, jaar na jaar kun je de bak gebruiken voor steeds weer nieuw afval en steeds weer nieuwe wormenbaby’s en nieuwe compost
  • Je stimuleert met de compost het bodemleven in je tuin; vooral de onzichtbare organismen maar ook de kleine zichtbare diertjes. Wij zien dat vaak al in de wormencomposttoren zelf. Afhankelijk van waar de bak staat en wat je de wormen voert, komen er uiteindelijk ook al spinnetjes, duizendpoten, etc. op de compost-in-wording in de bak af. Als je de wormencomposttoren in huis hebt staan en je schoon voedsel geeft is de kans op extra dieren klein. Maar hier staat de composttoren in de moestuin en wij geven vooral voedsel dat gelijk uit de tuin komt (zoals de buitenste bladeren van bijvoorbeeld net geoogste sla, en die bevatten vaak al kleine insecten of -eitjes). Eventuele spinnetjes of pissebedden haal ik zo af en toe uit de composttoren en zet die in de tuin (al lijken ze het bij de wormen in de bak ook prima naar hun zin te hebben).
  • Wormencompost is heel goed voor je planten; door de mineralen, sporenelementen, schimmels, etc. zorgt het ervoor dat planten makkelijker voedingsstoffen op kunnen nemen en dus beter groeien, planten zijn beter bestand tegen ziekten, ze krijgen een sterker wortelgestel, etc.
  • Bij het composteren komt er vocht vrij (dat ophoopt in de onderbak van de wormencomposttoren en meestal via een kraantje kan worden afgetapt). Dit vocht wordt ook wel percolaat genoemd. Het bestaat uit wormenurine en wormenpoep, wat regenwater en dus vooral veel van de al eerder genoemde voedingsstoffen, bacteriën, enzymen, etc.. Je kunt het opgevangen percolaat met water verdunnen (1 deel percolaat op 20 delen water) en als voeding aan je planten geven. Als je het zeeft en in een schone fles giet kun je het zelfs ook nog wel enkele weken tot enkele maanden bewaren.
  • Je kunt wormencompostthee van de compost maken, door een pond wormencompost (zonder wormen uiteraard, die hevel je eerst even over naar onverteerde of halfverteerde resten) – een paar dagen tot een week in een emmer met 10 liter water, een schepje lavameel en 3 flinke eetlepels bruine suiker te laten staan. Na het zeven kun je het 1 op 10 liter water verdunnen en met een gieter of broes aan je planten geven, als voeding, bladbemesting, preventief tegen schimmels, etc. Ik heb het zelf nog niet geprobeerd maar ik hoorde dat je het ook zou kunnen zeven en dan vernevelen tegen bijvoorbeeld spintmijt en luizen.
  • En de wormencompost zelf kun je natuurlijk ook gebruiken, bijvoorbeeld bij het planten, mengen met andere grond (zoals bladaarde) en er planten in zetten, als mulchlaag, etc.

De nadelen van een wormencompostbak:

  • Geen nadeel maar wel iets om rekening mee te houden: je werkt met levende dieren en daar moet je goed voor zorgen: dus zorgen dat ze bij de juiste temperatuur staan, voldoende voeding hebben, etc.
  • Ook geen nadeel maar iets om rekening mee te houden: de wormen doen niet altijd wat je wilt; soms is het puzzelen om te bedenken waarom ze een bepaald soort voedsel niet willen eten, waarom ze niet naar de bovenste bak willen komen, etc.
  • Er kan wel eens iets fout gaan (later meer over redenen, oorzaak en gevolg); bijvoorbeeld fruitvliegjes in de bak, schimmel, stank, etc.

Wat mij betreft wegen de voordelen heel veel zwaarder dan de nadelen, maar het is iets waar je altijd serieus over na moet denken voor je besluit om wormen te gaan houden (zoals dat wat mij betreft voor de aanschaf van elk dier geldt).

WELKE WORMENCOMPOSTBAK

Zoals ik al eens aangaf hebben we heel lang gedacht dat we zelf wel een wormencompostbak zouden gaan maken. Als je op internet zoekt vind je heel veel voorbeelden, filmpjes, etc. Je kunt ze maken van zwarte bouwemmers die je op elkaar stapelt en waar je gaten in boort. Of van opruimbakken, van een oude kliko en nog meer. Uiteindelijk heb ik ervoor gekozen om een wormencomposttoren te kopen. Met het idee dat het dan heel stevig zou staan, het qua formaat, hoeveelheid en maat van de compartimenten en de gaatjes helemaal goed in balans zou zijn, etc. Uiteindelijk vond ik op de website van Gardener’s World een test/review van de beste 9 wormencompostbakken: 9 best wormeries on test. Er worden goede adviezen gegeven en per ´wormery´ wordt beschreven wat de voor- en nadelen zijn. En zo besloot ik dat ik de Wormbox (Ronde Wormbox) wilde hebben. Googel vooral zelf ook nog even op tests en reviews en winkel/webwinkels.

Ik kocht mijn wormencompostbak bij Balkonton en bestelde er gelijk compostwormen bij (affiliate links, zie daarover meer onderaan deze pagina bij *), en een starterspakket met een hennepmatje, wormenvoer en lavagruis. Ik ben heel tevreden over deze wormenbak (waarvan alle zwarte delen van gerecycled kunststof zijn gemaakt); doordat er wieltjes onder zitten kan ik de wormencomposttoren makkelijk in de winter de kas in rijden en bij een zomerstorm of hittegolf beschut of juist naar de diepste schaduw rijden. Bovendien vind ik het fijn dat de verschillende compartimenten niet te zwaar maar toch stevig zijn, ze makkelijk te stapelen en dus te verwisselen zijn wanneer er in 1 verdieping meer of minder wormen en/of tuinafval zit.

Ik heb geen ervaring met andere wormencompostbakken met meerdere compartimenten maar ze zullen allemaal ongeveer op dezelfde manier werken, het verschil zit ‘m vooral in de stevigheid, het materiaal, formaat, prijs, garantie, etc..

Mijn wormencomposttoren heeft 4 compartimenten (ze zijn er in verschillende kleuren maar ik koos de groene). Onderin zie je de wieltjes, de onderbak en het kraantje waarmee ik het percolaat af kan tappen.

STANDPLAATS

Na alle theorie wordt het nu tijd om te beginnen met een wormencompostbak. Als je een gekochte of zelfgemaakte wormencompostbak hebt is het eerste belangrijke punt: waar ga je die zetten? Dat mag in huis (bijvoorbeeld in de keuken, bijkeuken, garage, etc.) of in een schuur of buiten. Bedenk dat wormen niet tegen hoge temperaturen kunnen. Als het buiten 30 graden is, en de ton staat in de zon, dan kan de temperatuur in de ton oplopen tot ruim 40 graden, met stress en vluchtgedrag als gevolg, en een grote kans dat de wormen het niet gaan overleven. Zorg in extra warme zomerweken dus altijd voor een plekje in de schaduw en zet de wormencompostbak na zonsondergang op een open plaats om af te koelen. Bij een langdurige hittegolf kun je nog extra maatregelen nemen, zoals elke dag een compartiment vullen met koele grond waar ze in kunnen vluchten, of het deksel tijdelijk weghalen zodat het wat kan luchten. Desnoods kun je composttoren koelen met koud water. Maar dat is wel een laatste noodgreep (wellicht noodzakelijk als de temperatuur ruim boven de 35 graden uitkomt) want de wormen zullen daar wellicht ook gestrest van raken. En leeg dan daarna natuurlijk ook wel de onderste bak waar een teveel aan in water terechtkomt.

Wormen kunnen ook niet tegen heel lage temperaturen. Als het koud wordt zoeken ze vanzelf minder koude plaatsen in de toren zoals het binnenste van rijpe compost. Maar als het echt streng gaat vriezen zul je de wormencomposttoren moeten beschermen. Hier staat de toren in de winter in de kas (en bij strenge vorst is het meestal mooi weer dus warmen de compost en wormen overdag voldoende op om de nacht zonder vorst door te komen. Zonder kas of tunnel kun je overwegen om de wormencomposttoren bijvoorbeeld tijdelijk in een schuur of garage te zetten. Of je kunt met behulp van een grote doos, isolatiemateriaal, stro, jute, of wat dan ook zorgen dat de wormen in de compost niet kunnen bevriezen. Als je bubbelplastic gebruikt bedenk dan dat het verstikt, het kan handig zijn om het rond jute/stro te wikkelen maar zorg dat er ook delen zijn waar je geen plastic gebruikt zodat de toren met inhoud wel voldoende zuurstof krijgt.

Zoals ik al eerder schreef gaan wormen in koude periodes in een soort pauzestand. Het lijkt wel wat op een winterslaap maar het is niet hetzelfde. Bij lage temperaturen is de activiteit laag en wordt voedsel dus minder goed voorbewerkt. En dus wordt er minder gegeten. Daardoor wordt er ook minder wormencompost gemaakt. Daarom geef ik de wormen in de wintermaanden minder eten (in hoeveelheid en frequentie). Wormen vinden wormenvoer dan wel erg lekker (omdat ze met weinig inspanning toch de voedingsstoffen krijgen die ze nodig hebben).

Als je in de winter ook wilt dat er meer compost wordt gemaakt zul je de wormen warmer moeten zetten (bij voorkeur bij een temperatuur rond de 15 graden), dan blijven de wormen actief en dus eten ze meer en produceren ze meer compost.

Als de temperatuur in maart/april oploopt zie je dat de wormen in de composttoren (buiten of in een schuur of garage) weer actiever worden en meer eten, en dan kun je dus ook weer wat meer voedsel geven. Maar pas altijd op voor overvoeren, geef liever wat vaker wat minder eten dan in 1 keer heel veel (want dat kan zorgen voor schadelijke schimmels, het kan fruitvliegjes aantrekken, etc.). Over het voeden later meer.

DE START

Nu je een wormencompostbak hebt gekocht of gemaakt en geplaatst en de juiste wormen in huis hebt kun je de bak gaan opstarten. Bedenk dat het een nieuw tehuis wordt voor de wormen, ze zullen daar aan moeten wennen en hebben daar een paar weken voor nodig. Zeker in het begin zullen ze nog niet veel eten en waarschijnlijk ook proberen om te vluchten (zoals een worm dat van nature doet: naar beneden, dus naar het onderste compartiment). Bij hevige regenval is er dan kans dat die onderbak heel nat wordt. Ik kreeg van Pien de tip om onderin die bak wat cocopeat te leggen. Je kunt dat in blokken kopen (bijvoorbeeld bij de Action, Ikea maar ook in tuincentra en via internet, googel vooral even op cocopeat blokken of kokosvezel blokken). Door dat in stukjes onderin de bak te leggen kan een teveel aan vocht daardoor worden opgenomen (want dat vochtabsorberende is een goede eigenschap van cocopeat) waardoor er geen laag water in de onderbak komt te staan en de wormen kunnen verdrinken. Wormen zouden cocopeat trouwens ook nog eens heel erg lekker vinden. Dat heb ik zelf nog niet ervaren, maar ik heb dan ook in de winter voor het eerst wat stukken van de gedroogde en geperste cocopeatblokken onderin gelegd. En het is inderdaad wel heel erg fijn: het vocht wordt door de cocopeat opgenomen waarna het uit elkaar valt en steeds vochtiger wordt. Op het moment dat ik dit schrijf zitten er nog geen wormen in/bij maar het is dan ook pas net april (en nog koud, de wormen zijn nog langzaam en bevinden zich vooral in de halrijpe compost en het verser voedsel in de 2 bovenste compartimenten. En dat is prima, de wormen hoeven ook zeker niet naar de cocopeat in het onderste compartiment. Liever niet zelfs, want zo kan ik heel gemakkelijk het teveel aan vocht er uit knijpen (en natuurlijk als een soort verdund percolaat in de tuin gebruiken). En zo lang de cocopeat niet composteert kan ik die na het uitknijpen weer terug in het onderste compartiment leggen. Mochten er in de komende weken en maanden wel wormen naartoe gaan en ervan gaan eten, dan wordt cocopeat uiteindelijk wormencompost en kan ik die als zodanig gebruiken (en een nieuw blokje cocopeat in stukjes in de onderbak leggen).

Cocopeat in de onderbak

Over die regen en het vocht in de composttoren: afhankelijk van welke je hebt bevat een wormencomposttoren minuscule gaatjes in het deksel (voor voldoende zuurstof), de bak kan prima tegen een gewone regenbui maar helaas zag ik in 2021 dat er water in de onderbak stond na een week hevige regenval, en dat er wormen waren verdronken. Erg verdrietig. Ik begrijp ook nog steeds niet heel goed waarom ze niet door de gaten naar een compartiment erboven zijn gevlucht want alleen in de onderbak stond een laagje van enkele centimeters water en er was voldoende materiaal in de 2 onderste bakken om via die weg naar boven te verhuizen. Misschien had het te maken dat wormen bij stress nu eenmaal naar beneden vluchten, ik weet het niet. Soms is het gedrag van een worm niet goed in te schatten en moet je de oplossing niet bij hen maar bij jezelf zoeken. Het kan daarom bij veel regen handig zijn om het kraantje open te zetten (met een opvangbakje eronder). Het regende die lente en zomer helaas nog veel vaker en meer, de hele tuin heeft in 2021 wekenlang onder water gestaan). Ik heb de wormencompostbak uiteindelijk onder een terrastafel gezet, en dat hielp al heel goed. Nu ik de tip van cocopeat ken en dat onderin de bak ligt ben ik minder bang voor teveel vocht; bij regelmatig controleren, tijdelijk verzetten naar een minder natte plek en eventueel cocopeat uitknijpen voor hergebruik of vervangen (eerst de wormen er natuurlijk even uithalen en een verdieping hoger leggen) moet dat veel beter gaan. Een iets betere zomer dan tuinrampjaar 2021 zou ook fijn zijn.

In de onderste bak heb je nu dus wat cocopeat gedaan (of anders bijvoorbeeld wat droge grond met wat karton). Een hennepmatje op de bodem van de 1e verdieping zou moeten kunnen helpen om de wormen tegen te houden om naar beneden te gaan. Hier was dat geen succes, en tegelijkertijd een heel groot succes: de wormen vonden het hennepmatje zo lekker dat ze het hele matje binnen een maand hadden opgegeten :-). Het heeft ze de eerste weken dus wel tegengehouden om naar beneden ’te vluchten’ maar toen het matje op was kropen ze alsnog naar beneden. Misschien moet ik het nogmaals proberen, nu de wormen gewend zijn en zich wellicht niet meer massaal op het hennepmatje storten :-).

Het heeft hier wel 2 of 3 maanden geduurd maar uiteindelijk raakten de wormen gewend aan hun nieuwe thuis. Sindsdien kijk ik 2 of 3 keer per week, geef voeding in het bovenste compartiment wanneer nodig. Ik controleer dan ook altijd de onderbak nog even op het vochtgehalte (want bij het composteren komt ook vocht vrij) en tap het vocht (percolaat) af als als er genoeg is (en ik gebruik dat gelijk in de tuin). In de winter kijk ik vaak maar 1 keer per week (of vaker als het bijvoorbeeld vriest).

Ik had gedacht dat de wormen altijd daar zouden zijn waar ik het voedsel leg (in het bovenste compartiment) maar dat is hier zeker niet het geval: er kruipen in elk compartiment wel wormen, de meeste bij het verse voedsel maar soms ook in de al bijna rijpe compost of in één van de bakken er tussenin. Ik heb ondertussen ondervonden dat het niet zo statisch is als dat ik van tevoren had ingeschat: ik dacht dat de onderste bak de opvangbak was, verdieping 1 de oudste bak met rijpe compost, verdieping 2 de op één na oudste bak met dus iets minder rijpe compost, etc. tot de bovenste bak met alleen vers afval. Maar nee; de wormen bepalen zelf in welke bak ze leven en voldoende voeding vinden, soms bevat een wat nieuwere bak al rijpere compost dan een wat oudere bak. En dat is ook prima. Het hangt waarschijnlijk af van de voeding en samenstelling, wat ze het lekkerst vinden en van de temperatuur die uiteraard in het midden misschien iets warmer is dan in de bovenste compartimenten. In het begin dacht is dat ik iets verkeerd deed, nu weet ik gewoon dat ik in het bovenste gedeelte altijd voeding geef en de wormen mogen zelf bepalen in welke volgorde ze uit welke bak willen eten. Eén ding is duidelijk en makkelijk: als er geen wormen meer in een compartiment met compost zitten en die compost is ook mooi donker, fijn, rul en geurig (zie de foto bovenaan deze pagina): dan is de compost klaar en kan de bak geleegd worden (een enkele worm die ik dan nog zie leg ik in het compartiment erboven).

Ik gebruik de compost die ik ‘oogst’ in tuin, potten en verhoogde bakken. De aardbeien blijken het heel fijn als mulchlaag rond de planten te vinden (waarbij ze de voedingsstoffen en mineralen, etc., langzaam toegediend krijgen en op kunnen nemen), ik gooi wat in het plantgat van tomaten, paprika’s, pepers en komkommers, ik meng het met potgrond zodat ik wat minder van dat laatste nodig heb en toch goede grond voor potten en bakken heb, etc. Eigenlijk is alles in de tuin gebaad bij wormencompost. De lege bak zet ik vervolgens bovenin de wormencomposttoren en dan wordt dat de bak waarin ik voeding geef. En zo schuift elk compartiment een plaatsje op. Zo eenvoudig is het eigenlijk.

Met dank aan Corry voor de foto van haar compostwormen!

VOEDEN

Wat eten wormen? Wormen hebben geen mond zoals wij die hebben, en al helemaal geen tanden. Ook als je wat grotere stukken voedsel in de bak legt zal er uiteindelijk ook wormencompost van worden gemaakt. Maar hoe kleiner de stukjes, hoe makkelijker de enzymen en schimmels kunnen beginnen met de afbraak, en des te makkelijker kunnen de wormen het verwerken. Ik kreeg deze tip van Lucia: zij maalt het verse voedsel voor de wormen fijn (in een keukenmachine). Waardoor het nog sneller en makkelijker opneembaar zou moeten zijn. Hier lukt dat niet: simpelweg omdat ik de wormencomposttoren op de volkstuin heb staan, vooral restjes vers geoogste groenten geef, en ik daar geen elektriciteit voor een keukenmachine heb. Maar ik pluk of snij de groenten klein (ik vind mijn oude kruidenhakker met een dubbel mes daar ook heel handig voor). En ik scheur stukjes karton klein of knip stro in wat kleinere stukjes. Dat werkt hier ook heel goed. Mocht je het ook fijn willen malen: bedenk dan wel dat je er voldoende stukjes karton of zaagsel, etc. door mengt en het slechts in dunne laagjes legt (want anders is er misschien een wat grotere kans dat het gaat schimmelen/rotten). Zie meer daarover bij de alinea over problemen.

Foto van Lucia, van het gepureerde voedsel zoals zij dat geeft

Voedsel voor wormen: dit kun je, net als bij het maken van compost, in 2 groepen onderverdelen. Van beide soorten is evenveel nodig, bij voorkeur gemengd of in dunne laagjes.

Groep 1:

  • verse en rauwe groenten, denk aan sla, snijbiet, koolblaadjes, bietenblad, stukjes fruit, komkommerschillen, appelschillen, courgette-uiteinden en noem maar op
  • koffieprut (en als je ongebleekte zakjes gebruikt mag het zakje er ook bij)
  • gebruikte thee (vers of zakjes – zonder labeltjes uiteraard)
  • onkruid als smeerwortel, vogelmuur en veldkers vinden de wormen hier trouwens ook heel lekker

Groep 2:

  • ongebleekt en onbeschreven bruin karton (denk aan toiletrolletjes, rolletjes van keukenpapier, ongebleekte en onbeschreven doosjes/verpakkingen, etc.)
  • stro
  • hooi
  • zaagsel
  • herfstbladeren

Daarnaast houden wormen van lavagruis. Dat verhoogt de pH/verlaagt de zuurgraad en dat vinden wormen fijn en fruitvliegjes bijvoorbeeld juist niet. Ik voeg eens per maand een schepje toe aan het groenafval (als ik geen lavagruis in huis heb gebruik ik wat lavameel).

Er zijn ook soorten voedsel die niet geschikt zijn voor wormen. Uiteraard behoren vlees, vis en gekookte groenten, rijst, pasta, etc. daartoe (bovendien trekken dat soort etenswaren dieren als ratten, etc. aan). Daarnaast zijn ondergenoemde soorten ook geen goed voedsel voor wormen:

  • Citrusschillen. Die scheiden, als ze gaan schimmelen, een antibioticum af, en daardoor gaan de bacteriën dood die nodig zijn voor het verteren.
  • Snijbloemen uit de winkel, omdat die bestrijdingsmiddelen bevatten. Biologische snijbloemen en snijbloemen uit eigen tuin zijn dus geen probleem
  • Behandelde groenten in het algemeen. Als je groenten en fruit in de winkel koopt kunnen ze bestrijdingsmiddelen bevatten. Geef bij voorkeur restjes groenten en fruit uit eigen tuin of anders biologische groenten en fruit uit de winkel.
  • wit papier (want dat is gebleekt) en kranten of anderszins beschreven papier (door de giftige inkt die daarin zit)

Er is ook speciaal wormenvoer te koop. Dit zit, als je wormen bestelt, al in het zakje met wormen, zodat de wormen een poosje vooruit kunnen tijdens het wennen aan de composttoren en je verse voer. Maar wormenvoer is bijvoorbeeld ook heel handig als je op vakantie gaat want de wormen kunnen wel ongeveer 2 tot 3 weken vooruit met het voer (afhankelijk van het seizoen, temperatuur, hoeveelheid wormen, etc.).

Je kunt (in de zomer) 2 tot 3 keer per week wat stikstofrijk groenafval uit groep 1 geven, gemengd met gelijke delen koolstofrijk voedsel uit groep 2. Ik hussel het door elkaar en geef het zo, maar het mag ook in laagjes. Zorg dat de laagjes nooit dikker dan enkele centimeter zijn want een te dikke laag voedsel is zuurstofarm en dat geeft een grotere kans op rot en schimmel (en dan niet de juiste soort schimmels en bacteriën). Uiteindelijk is het de bedoeling dat de wormen op en langs het gegeven voer uit de 2 groepen kruipen en de enzymen en bacteriën van hun huid op het afval achterblijven die voor het eerste verteren zorgen. Geef nooit teveel in 1 keer maar ook niet te vaak. Ik kijk zelf 2 of 3 keer per week en soms geef ik wat extra maar soms juist ook wat minder of ik sla over (dat is mede afhankelijk van bijvoorbeeld de hoeveelheid wormen in de composttoren, de temperatuur, het soort voedsel, etc.

Belangrijk: als er geen balans in de voeding is kunnen de problemen optreden (zie hieronder). Als je teveel voeding uit de groene natte groep 1 geeft kan dat problemen geven. Als je teveel voeding uit de droge groep 2 geeft geeft dat geen problemen (nou ja, uiteindelijk geef je dan te weinig voedsel uit groep 1 en dat is op langere termijn wat minder goed. Maar mocht je twijfelen of je het wel goed doet: geef liever wat meer voeding uit groep 2 dan uit groep 1 want de gevolgen daarvan zijn dus op korte termijn minder groot.

PROBLEMEN

Stank: dat heeft te maken met een onbalans in het voedsel. Als er teveel groen, nat, stikstofrijk voedsel wordt gegeven en te weinig koolstofrijk droog voedsel kan het gaan rotten en dat stinkt inderdaad. De oplossing is simpel; zorg voor niet teveel voedsel tegelijkertijd, in een niet te dikke laag en zorg voor voldoende droog en bruin materiaal, het liefst in dunne laagjes of simpelweg losjes en goed gehusseld. Mocht het al te laat zijn en je een stinkende dikke slijmerige laag met groenafval uit groep 1 in je wormencompostbak hebben, niet getreurd: dat kan alsnog gewoon op je composthoop. Of je haalt het uit de wormencomposttoren, mengt het met flink wat fijngeknipt karton, zaagsel, etc.. Hussel het goed en luchtig door en dan kan het terug in de wormencompostbak (stuif er tot slot nog wat lavameel of lavagrit over voor de juiste zuurgraad).

Fruitvliegjes: deze kleine vliegjes komen op groente- en fruitafval, het liefst als het al gaat gisten. Ook dan is dus het goed mengen van afval uit de stikstofrijke groep 1 en droge koolstofrijke groep 2 de belangrijkste oplossing. En door het mengsel af te dekken met een laagje karton, stro of zaagsel voorkom je dat de fruitvliegjes eitjes kunnen leggen in het gistende groenafval. Wat lavagrit of lavameel zorgt voor een wat betere balans in de zuurgraad en kan ook helpen. Ik las dat een laagje zand bovenop het afval kan helpen om bij een al ontstane fruitvliegjesplaag ervoor te zorgen dat de nieuw geboren fruitvliegjes doodgaan omdat ze niet uit kunnen vliegen. En tot slot is er dan altijd nog de mogelijkheid om een val te plaatsen. Door veel oogst en afval in de keuken heb ik daar wel vaker last van fruitvliegjes gehad. Daarom zet ik soms in de zomer, als er eens een fruitvliegjesplaag in de keuken is, een glas met water en een flinke scheut appelazijn en een drupje afwasmiddel (om de oppervlaktespanning te verlagen) op het aanrecht. Maar voorkomen is veel beter dan genezen: een goede voedingsbalans in de wormencompostbak kan een fruitvliegjesplaag voorkomen.

Tijd: zoals al eerder gezegd kost een wormencomposttoren aandacht, en dat kost ook wat tijd, niet veel maar toch. Mocht je eens heel weinig tijd hebben, of bijvoorbeeld op vakantie gaan, leeg dan het compartiment met rijpe compost niet, de wormen kunnen daar altijd nog weer voedingsstoffen uithalen. Verder vul je bij voorkeur 2 compartimenten met een dunne laag luchtig mengsel van voedsel uit groep 1 en 2 zodat er wat voorraad is (maar niet teveel want als de wormen het niet op kunnen eten omdat het teveel is, dan kan het dus ook gaan rotten). Daarnaast kun je nog wat wormenvoer geven, daar zit voldoende voeding in voor enkele weken. En tot slot zorg je voor een goede standplaats zodat de composttoren tijdens je afwezigheid geen last heeft van een hittegolf, bevriezing of slagregens.

Tot slot: dit lijkt me al een flinke pagina met informatie en mijn persoonlijke ervaring. Toch is de pagina nog niet compleet; ik heb pas 1 jaar wormencompostervaring en hoop in de komende jaren nog veel bij te leren en dat hier te melden. Het is dus een pagina in ontwikkeling. En ik heb van meerdere mensen mailtjes gekregen, met foto’s, ervaringen en tips. Hartelijk daarvoor!!

Ik hoop dat je hier de informatie hebt gevonden die je zocht (en lees vooral voor de ervaringen van andere mensen ook nog even de reacties). En mocht je net zoveel twijfels hebben gehad als ik zelf, dan hoop ik dat dit verhaal je ervan heeft overtuigd hoe leuk en leerzaam een eigen wormencompostbak is en het je ook nog helpt bij een gezonde tuin!

* Over affiliate links: ik gebruik deze alleen wanneer ik toch al van plan was om de link te plaatsen omdat ik zelf heel tevreden ben over een product/winkel/etc. Mocht je er meer over willen lezen, kijk dan even op deze pagina: Affiliate links

Abonneer
Laat het weten als er
guest
15 Reacties
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Marieke

Merci Diana, ik ben vorige week begonnen en had nog zoveel vragen. Die zijn met deze blog denk ik wel beantwoord. Zal ze morgen al eens een beetje gaan voeren. Het enige wat ik me afvraag, als alles goed draait etc. Hoevaak heb je dan ongeveer een bak compost?

Sonja

Beste Marieke,

Het werkt zo: als je de hoeveelheid afval steeds wat verhoogd, zullen de wormen daarop reageren door meer baby’s te maken en komen er steeds meer wormen. Zo kan je langzaam maar zeker meer afval kwijt en krijg je meer compost. Dit werkt alleen in de warmere periode, want in de winter staat het stil.

Marieke

Super, dank je wel!

Marieke

Dank je wel voor je antwoord. Ik zal geduld gaan hebben 😉

Joukje Smeding

Geweldige informatie. Mijn wormen zwermen ook in alle lage van de ronde wormencompostbak. Lees dus dat jij dit ook wel hebt. Geef nu braaf bovenin voeding. Heb heel chique een tefal chopper (handmatig) aangeschaft voor de eierschalen en bananenschillen en appelschillen en aardappelschillen te prutten. Wel een kleine inhoud 900 ml. En nu ook een grote wasmand waar ik de compartimenten op kan zetten. Want als je die optilt zie je de wormen hangen! Dure hobby maar dat hoeft niet. In mijn tuin staat ook een emmer met gaten en een plantenschaal als deksel . Wel in de schaduw.wat ingegraven En wat bosgrond voor de mineralen. Gewoon voor de lol. Zoek regelmatig wat informatie bij je op. De chayote staat heel groot nog binnen. Dit doe ik voor het eerst. Het was wel een gladde vrucht! Groetjes Joukje.

Joukje Smeding

Die chayote staat nog binnen. Krijgt inimini witte bloemetjes. Heb ze even met een kwastje bevrucht. Geen idee of dit kan, maar de plant blijft nog even binnen met die koude nachten.

Joukje Smeding

En oh ja de lavameel is een gesteente meel en zal de functie van zand wel overnemen denk ik zo.

Sonja

Hoi Diana,

Leuk, je stuk over de wormen. Erg informatief. Ik heb zelf een wormentoren op de tuin en eentje bij mn huis, voor het keukenafval. Gaat prima. Wel is mij geleerd om ook af en toe (1x per laag) een handje zand in de wormentoren te strooien. Dit omdat de wormen geen tanden hebben. De zandkorrels gebruiken ze om het ‘eten’ te vermalen.
Verder kan je bij andere wormenbakbezitters wormen krijgen. Kijk op https://www.nudge.nl/projects/start-een-wormenbak/ voor de mensen, die meedoen. Ook heb ik gemerkt, dat je via mond-op-mondreclame of een briefje op de tuin ook mensen aan wormen kan helpen.

Succes, Sonja

Reena

Goed en informatief stuk! Ik ben vier weken geleden begonnen met een wormenhotel (zelfde wormentoren als jullie hebben). Het ging op zich goed. Maar sinds 2 weken zijn ze wat avontuurlijker en kruipen ze de hele bak door (niet alle wormen, maar ongeveer een handje vol). Nou wist ik dat het zou gebeuren, maar het is toch geruststellend om te lezen dat het inderdaad normaal is en dat het dus best nog een aantal weken kan duren, voordat ze minder avontuurlijk worden.

Esther

Wow wat een goed en compleet naslagwerk 🙂 Nog een tipje: Je kunt via nudge gratis compostwormen ophalen bij iemand in de buurt. Ik heb ze een tijdje geleden zelf via deze weg gekregen en ook een paar keer uitgedeeld. Ik ben ondertussen weer gestopt met mijn wormentoren want ik vond het te langzaam gaan en het oogsten van de wormencompost lukte mij nooit zo goed. Dus we zijn gewoon alles in de ‘gewone’ compostton gaan gooien.

Meld je aan voor de nieuwsbrief

15
0
Reacties / reagerenx
()
x