Alle berichten van Ruud & Diana

Zestig

Ik schreef in juni 2017 al eens een blog over het aantal potten in onze tuin, en over hoe ik Ruud elk jaar beloof te minderen, maar dat dat elk jaar mislukt: Tel even mee

Nu is het echt zover. Na 2 gortdroge zomers waarin we elke dag weer zeulden met gieters water ben ik er nu zelf ook wel klaar mee.

Afgelopen zomer dacht ik nog aan het blog van 2017 terug. En ik telde eens de potten die we in 2019 hadden staan. Ik had er pen en papier bij nodig. Toen ik uitgeteld was vroeg ik aan Ruud hoeveel potten hij dacht dat we hadden. “Ik denk wel een stuk of vijfentwintig”, zei Ruud. “Negenenvijftig” antwoordde ik.

“NEGENENVIJFTIG?!”, roept Ruud. Ik ben meestal degene die de potten water geeft (terwijl Ruud ondertussen in de kassen water geeft) dus ik had al wel een flauw vermoeden dat het flink meer dan vijfentwintig zou zijn. Toch zou ik ook niet hebben gegokt dat het er zó veel zouden zijn.

Erger nog, een paar dagen later liepen Ruud en ik in een tuincentrum (ook al heb ik niks nodig, tuincentra en plantenwinkels hebben een onweerstaanbare aantrekkingskracht op me). Ik zag daar een mooie donkerrode klimroos met weinig doornen. En terwijl ik de roos nog eens van alle kanten bekeek en het labeltje nogmaals las en nog eens naar de (aantrekkelijke) prijs keek, zei ik tegen Ruud dat ik eigenlijk op dat moment geen plaats had voor de roos: ik zou pas plaats kunnen maken als er in de herfst wat Canna’s uit de grond zouden worden gehaald.

“Dan houd je de roos toch tot de herfst in pot”, zegt Ruud. “Dan kom je gelijk op zestig, dat is een mooi rond getal”. Het sarcasme droop er vanaf. Maar eigenlijk vond ik het wel een goed plan, en een goed  excuus om een mooie roos te kopen. Ruud besefte al snel dat zijn opmerking een verkeerde uitwerking had 🙂

Ik kan hier nu, net als in het blog van juni 2017, een opsomming geven van alle planten die we dit jaar in potten hadden. Maar dat is dus een lang rij, en het zouden ook heel veel foto’s zijn. Daarom heb ik ze wat gegroepeerd. En dit zijn ze dus ook nog lang niet allemaal. Maar om er in ieder geval een aantal te laten zien helpt het mij ook gelijk een beetje om er afscheid van te nemen. Want zestig zijn er echt dertig teveel. Ruud heeft dat lang geleden al bedacht, en ik heb het nu ook besloten.

Foto 1: Brugmansia’s

 

Prachtige kuipplanten, bloeien rijk, geuren heerlijk. Maar ze worden zo groot, en zwaar. Het valt niet mee om ze in november naar zolder te sjouwen, en in april weer naar beneden. En ze drinken niet, ze zuipen, elke Brugmansia in de zomer elke dag een gieter water. En we hadden er 9 (waarvan 2 dubbele omdat ik ze eens stekte en die stekken vervolgens weer niet weg kon doen). We hebben er vorige maand al 2 weggedaan, en nu heb ik voor nog 3 Brugmansia’s een goed tehuis gevonden. We houden er dus 4 (een witbonte, een lichtroze, een donkerroze, en een gele dubbele). Met meer ruimte zullen de planten en bloemen vast meer opvallen want nu stonden ze uiteindelijk door ruimtegebrek allemaal een beetje op een kluitje. “Less is more” is in dit geval toepasselijk.

Foto 2: Fuchsia’s en Salvia’s

 

Nog 2 grote liefdes. En lastig weg te doen. Ik heb al een Fuchsia weggedaan. Maar de Fuchsia triphylla Koralle die je rechtsboven ziet hou ik, en de roze-oranje-rode die je linksonder ziet ook. Maar een Salvia microphylla die ik dubbel had heb ik al weggedaan. En ik heb me voorgenomen om een deel van de microphylla’s volgend jaar in de volle grond te planten. Want ze kunnen best veel vorst verdragen, en zo streng zijn de winters niet meer. En de kletsnatte vette kleigrond was hier soms de reden dat een plant bezweek maar die grond is ondertussen flink verbeterd. En anders zijn er nog de verhoogde bakken. Een goede oplossing dus, wellicht ga ik dat volgend jaar zelfs ook doen met de Salvia Amistad, guaranitica Blue Enigma en Wendy’s Wish.

Foto 3: eetbare soorten in pot

 

De 3 vijgen in 3 potten houden we, maar die hebben ook niet zoveel water en verzorging nodig. De aardperen houd ik ook in pot (omdat ze zo woekeren). Maar met 3 kassen hoef ik niet perse ook nog een tomaatje in pot op de terrastafel, dat is toch meer voor het leuk dan voor het nut. En wil ik nou perse 3 verschillende soorten munt, of is 1 ook genoeg? En de zoete aardappelen ga ik volgend jaar in een verhoogde bak telen. En ook de tijm en rozemarijn zouden in een verhoogde bak kunnen.

Foto 4: gewoon, voor het leuk

 

Dit is de gevaarlijkste groep. De Cassia corymbosa hebben we al 10 jaar en bloeit tot het gaat vriezen. En de viooltjes zijn zo leuk in de koudere maanden van het jaar. Maar de rest is eigenlijk ongepland, het is een groep die in de lente en zomer aangroeit. Omdat ik een leuke begonia zie, omdat er ergens wat zaailingen van een Asarina zijn gekiemd die ik niet weg kan gooien, omdat ik een Colocasia heb gestekt. Maar hier kan ik flink minderen; ik ben dus al aan het schrappen en leeg potten met eenjarige bloemen (en geef de potten gelijk weg, zodat ik die volgend voorjaar niet meer kan vullen).

Want ik wil het nu echt, het zou ons heel veel tijd en sjouwen schelen. “Maar ook minder plezier en genieten van de bloemen”, zegt een klein stemmetje in mij. Maar Ruud verzekert me dat dat niet hoeft, dat we ook gewoon flink wat eenjarige bloemen kunnen gaan zaaien en daar een vak of bak mee vol kunnen zetten.

En nog iets: Ruud bleek tot mijn verbazing een slechte hulp te zijn bij het kiezen van wat we wegdoen. Ik vroeg hem of we moesten bedenken of iemand de Cassia misschien zou willen hebben. “Nee, die hebben we al 10 jaar, en ze bloeit zo mooi, en er komen zoveel hommels op af, zei hij. “Misschien kunnen we dan het citroenboompje wegdoen, opperde ik vervolgens. Het antwoord: “Nee die niet, nu is ze eindelijk groot genoeg om volgend jaar misschien wat citroenen te geven”.

Zucht, het is lastig kiezen. Maar toch zijn we goed op weg, volgend voorjaar zijn het er nog maar dertig, misschien zelfs nog wel minder. En in ruil daarvoor komt er een vak/verhoogde bak vol met bloemen, ter compensatie. Ik verheug me er nu al op, ga binnenkort eens aan mijn planning beginnen en heerlijk zaden uitzoeken en bestellen.

En de rode roos? Die overwintert in pot in de kas, en planten we komend voorjaar uit. Als dank bloeit ze nu nog!

 

Tot slot nog even de link naar het blog dat ik op de website van Pokon schreef, over mijn ervaring met de teelt van de Rocoto-peper en hoe ik haar ga overwinteren: een bijzondere peper, Capsicum pubescens 

Tot slot dan ook maar even een foto van hoe deze bijzondere pepers in huis nu massaal rijpen:

 

Oase

Het wordt koud. En daarmee beginnen bladeren te vallen, planten af te sterven en begint de tuin langzaamaan leeg te raken.

Maar niet in de herfst- en winterkas. Daar is het minder koud, er is geen wind, en geen regen. Het geluid van het verkeer dat over de  Baljuwlaan rijdt (waar het volkstuinencomplex langs ligt) is er veel minder hard en aanwezig. En het is er groen, opvallend groen voor november.

Eerst nog even een foto van het begin:

21 september:

 

Ik was niet zo dol op die rijtjes, maar Ruud wilde dat graag. En zo ziet het er nu uit, het zijn nog rijtjes maar veel vrolijker omdat de repen gronddoek door het groen bijna niet meer zichtbaar zijn.

06 november, foto van dezelfde kas, vanuit dezelfde hoek gemaakt:

 

Ja, oase is het goede woord. Als ik heel eerlijk ben groeit er meer dan we kunnen oogsten, want we eten ondertussen ook zuurkool, komkommers en pastasaus uit eigen inmaak, palmkool, andijvie en bietjes uit de tuin, en snijbonen uit de vriezer. Maar de sla is heerlijk mals en zacht, het mosterdblad is pittig en gebruiken we regelmatig op een broodje kaas, en van de rucola hebben we al een stamppotje gemaakt.

Het is natuurlijk niet allemaal hosannna, niet alles lukt even goed. Dat is niet erg en juist leerzaam. En we geven niet te snel op, sommige soorten gaan het misschien pas goed doen wanneer de dagen in januari of februari weer langer worden. En er zijn wel wat verschillen per kas.

Bijvoorbeeld de tatsoi (een soort kleine paksoiachtige kool met lepelvormige blaadjes, dat lijkt me de beste omschrijving). In kas 1 is de grond kletsnat (de oudste kas, ligt wat lager en het grondwater staat door alle regen behoorlijk hoog). En daar is de tatsoi niet van gediend, ze kwijnt er langzaam weg:

 

In kas 2 is de grond luchtiger en minder kleiachtig, en vooral minder nat – doordat deze kas later en dus wat hoger is geplaatst. Ook hier staan tatsoi-planten, en die zien er zo uit:

 

Ach, er eet wel eens een slakje mee, maar het gros is voor ons. Lekker in salades, roerbak en stoofschotels.

Nog iets wat het nu (nog) niet zo goed doet: stengelui

 

Dat komt ook omdat in dit deel van de kas de mol behoorlijk actief is. En ik moet duidelijk ook onkruid (vogelmuur) wieden maar dat is nogal een priegelwerkje als ik de stengeluitjes wil houden (en dat wil ik want misschien gaan die juist pas later, in de winter of het vroege voorjaar groeien). Ik schrijf het bij deze gelijk op mijn werkbriefje voor volgende week; “vogelmuur tussen de stengelui uitpeuteren”.

In kas 2 had ik vooral kool en bietjes, snijbiet, tuinbonen, etc. door elkaar geplant. Nog even de foto van 21 september:

 

En dat ziet er ondertussen zo uit, de foto’s wat dichterbij gemaakt:

 

En zo:

 

Ik het heel leuk; geen rijtjes maar door elkaar planten. Maar ik geef toe, het wieden kost iets meer tijd en het is niet geschikt voor mensen met grote voeten. Ik sta er zelf heel voorzichtig met één voet tussen te balanceren terwijl ik probeer die ene distel ertussenuit te krijgen 🙂 .

Wieden gaat in kas 3 wat makkelijker, simpelweg tussen de rijtjes op het gronddoek staan/stappen. Maar beide manieren zijn leuk om te proberen, en sommige soorten zijn wat mij betreft geschikt voor deze kakofonie (zoals kool, selderij, peterselie, Oost-Indische kers en snijbiet), en sommige soorten vind ik meer geschikt voor nette rijtjes (zoals veldsla, stengelui, radijs, kervel, worteltjes).

Maar ach, als we een salade willen eten loop ik met mijn tasje de kassen in en pluk ik blaadjes die ik wil gebruiken. Zoals de kervel (Brusselse Winter) die het in deze 2 rijtjes geweldig doet:

 

Het hele rijtje groenten aan deze kant van de kas doet het trouwens best goed; snijsla, radijs (wel blaadjes nog geen radijsjes), tuinkers, veldsla en pluksla. De venkel groeit wel maar blijft klein en dun (ook hiervan hoop ik dat ze in het vroege voorjaar alsnog gaat groeien). En verder staan er nog palmkool en winteruitjes. En een rijtje knoflook die ik wat dichter op elkaar heb geplant en waarvan ik in winter en lente het blad van hoop te kunnen oogsten. Voor de oogst van de bollen hebben we knoflook buiten in een verhoogde bak en met een ruimere plantafstand geplant.

Sommige rucolaplantjes willen zelfs al doorschieten (met dank aan het warme weer 2 weken geleden, gok ik). Ook prima want een paar bloempjes zijn in deze tijd ook van harte welkom, voor het mooi, leuk of om van te eten.

Ik ben zelf heel benieuwd hoe lang deze oase zo blijft, welke soorten welke temperaturen kunnen verdragen. Daarom willen we ook niet alles oogsten maar ook wat planten laten staan, om te testen hoe de planten de winter doorkomen. Nog 6 weken en we hebben de kortste dag gehad (maar de koudste dag ongetwijfeld nog niet).

Ik hoop het hier in de komende 3 maanden zo af en toe eens te laten zien. Voor nu zijn we erg blij met onze kas vol planten!

Tot slot toch nog één keer heel kort iets over de zadenlijst: iedereen die tot een paar dagen geleden zaden bestelde moet die ondertussen in huis hebben. Ik ga dit weekend de overgebleven zakjes terug in de zadenlijst zetten. En ik bedacht dat ik de zadenlijst volgende maand al ga sluiten. Op deze pagina kun je er meer informatie over vinden.

En dan nog één keer de melding dat de Zaaiagenda voor de moestuin dit weekend voor het laatst met ‘jubileumkorting’ te koop is in de webshop van Laura

En nu de rust voorzichtig terugkeert hoop ik deze winter (in theorie) meer tijd te hebben voor de website. Ik heb de databases van tomaten en paprika’s al bijgewerkt, alle rassen die ik dit jaar teelde staan erin (wellicht nog een beetje slordig, dat kijk ik later na). Ik ga nu beginnen aan de databases van pepers, aubergines en eenjarige bloemen.

En daarna ga ik de recepten plaatsen, zoals die van deze brownie, naar een recept van Ottolengh:

 

Mmmm, eigenlijk is deze zo lekker dat ik het dit weekend eerst zal  plaatsen (edit vrijdagavond: gelijk maar even gedaan: Toffeebrownies met jam). Want als je geen bezwaar hebt tegen ongeveer 30.000 calorieën is dit wel de lekkerste brownie die ik ooit at (ik geef toe, ik ben geen kenner, maar ik weet wel wat ik lekker vind). Er zit jam in verwerkt, in dit geval de vijgenjam met rum en rozijnen die ik afgelopen juli (in)maakte, maar er zijn zeker meer soorten jam geschikt, zie later de uitleg in het recept.

En dan tot slot nog één foto, van een plant die ik dit voorjaar nieuw kocht, de Salvia guaranitica Blue Enigma. Al die maanden zo geweldig gebloeid, en nu nog steeds. Helaas geeft ze geen zaden, ik heb er daarom stekken van genomen, om als backup in huis te overwinteren want ze is matig winterhard. Erachter zie je trouwens vaag de Fuchsia triphylla Koralle, die ook nog volop bloeit. En wat verder weg zie je nog net een grote Dahliabloem bloeien.

Nu het flink kouder gaat worden en wellicht zelfs al gaat vriezen wordt het tijd om de matig winterharde planten die in pot staan de kas in te sjouwen (oei, nu nog plek zien te vinden tussen al groenteplanten 🙂 ). En de kuipplanten kunnen weer terug worden gesnoeid en naar zolder worden gesjouwd.

Volgende week spierballenweek!

Rondje in de tuin

Eindelijk waren we even op de tuin. Door de drukte met de zadenlijst hadden we de volkstuin ruim een week niet gezien. Dat je een tuin zo kan missen hè, zelfs als het koud is of regent. Hetzelfde heb ik na een vakantie of zelfs een weekendje weeg: koffers uitpakken, wasmachine aan en direct daarna op de fiets en naar de tuin 🙂 ).

Even tussendoor: ik heb nog wat geschreven op de pagina Zadenlijst Nieuws. En dat is vooral voor mensen die (nog) geen bericht hebben gehad of de zaden nog niet hebben ontvangen, etc. handig om te lezen. En dat is de laatste keer dat ik er hier over schrijf…. want de rust is wedergekeerd 🙂 .

Alhoewel, we krijgen het nu druk in de tuin. En het wordt tijd voor mijn eigen planning, ik wil zaden gaan bestellen en nadenken wat we volgend willen zaaien en planten en waar. En ik wil de komende maanden heel veel aan de website doen; van pagina’s renoveren tot nieuwe foto’s plaatsen, nieuwe pagina’s schrijven, databases bijwerken, recepten toevoegen, etc., plannen genoeg!

Maar eerst de tuin. We gingen alleen ‘even’ palmkool oogsten. Maar natuurlijk liepen we ook even een rondje door de tuin: Jeetje, wat is daar veel te doen! Meestal spreken we wat af, een planning is een groot woord, maar het is soms handig om even te overleggen wie wat als eerste gaat doen. Maar nu bedachten we dat we dat er zoveel te doen is dat we volgende week blanco naar de tuin gaan. We gaan ergens in de tuin staan, bukken en beginnen gewoon met het eerste wat we in onze handen krijgen.

Omdat we nog niets in de tuin hebben gedaan vind je in dit blog vooral foto’s, van wat we in de tuin tegenkwamen en ons opviel.

Tijdens ons rondje zien we dat we binnenkort boerenkoolspruitjes kunnen oogsten:

 

Het is een teelt die ellenlang duurt (ik meen dat ik de planten in april al heb gezaaid). En ik heb haar afgelopen zomer vervloekt omdat ze over de rand van de verhoogde bak en dus over het looppad groeide en ik er amper langs kon. Maar dat is nu allemaal vergeven en vergeten – bijna te mooi om op te eten.

Maar we zien dat er ook kool is die voor wij die konden oogsten al grotendeels door iets anders is opgegeten. Alleen de nerven zijn blijkbaar minder lekker 🙂

 

We plukken een laatste framboos (en bedenken dat het tijd wordt om de frambozen te gaan snoeien):

 

En we zien dat de blauwe bessen in prachtige felrode herfstkleuren staan:

 

En er is nog meer te ontdekken: de knofloken die we een paar weken hebben gepoot zijn niet alleen uitgelopen maar zijn zelfs al genoeg gegroeid om sterk de winter in te gaan.

 

Eigenlijk kan ik zo nog wel 100 foto’s plaatsen, in elk vak is wel wat te zien, is er iets gegroeid, of juist afgestorven, moet iets worden gesnoeid, opgebonden of juist worden afgebroken. We zagen er heel even een beetje tegenop, maar voor we naar huis gaan hebben we juist zin om te beginnen. En terwijl Ruud palmkool oogst haal ik voor dit weekend een savooikooltje uit de tuin. Nog best klein, maar ze zag er zo lekker uit:

 

Het volgende blog gaat over de herfst- en winterkas. Want na een week afwezigheid is dat bijna een oase geworden. We kunnen er van alles plukken en nemen voor de lunch in ieder geval wat mosterdblad en rucola mee. Niet alles doet het er trouwens even goed, maar dat is dan vooral te wijten aan Momfer die vertikt te vertrekken en overal molshopen maakt. Ik beloof komende week flink wat foto’s te maken van de kas.

Dan nog even 2 berichten:

Zolang de aanbieding geldig is (van 1 tot en met 10 november) meld ik telkens even dat de Zaaiagenda met aanbiedingsprijs in de webwinkel van Laura staat (om te vieren dat haar bedrijf 1 jaar bestaat). De directe link: Zaaiagenda voor de moestuin

En nog even de link naar het blog dat ik op de website van Pokon schreef. En die gaat dit keer over gember. Want na 2 mislukte pogingen (alweer een paar jaar geleden) is het me nu gelukt om verse gember uit eigen tuin (kas) te oogsten:  Gember

Ik ga er uiteraard binnenkort ook een pagina over op mijn eigen website schrijven, maar dan meer in de indeling zoals ik die voor de informatiepagina’s over groenten, kruiden en fruit gebruik.

De laatste foto is dan ook van de oogst van die verse gember. Heerlijk sappig, pittig en bijna zoet!

Pasta

Dit is een kort blogje op een afwijkende dag. Dat komt door de drukte rond de zadenlijst (waar ik zeker niet over klaag, integendeel, maar daardoor ben ik al een paar dagen niet op de tuin geweest, en heb ik ook even geen tijd gehad om te schrijven). Ik heb op de pagina Zadenlijst Nieuws wat geschreven over de vorderingen en wat er goed en fout gaat, misschien handig om even te lezen voor de mensen die bijvoorbeeld geen bevestigingsmail na een bestelling hebben gehad.

Die ene dag dat ik vorige week wel op de tuin was zag ik dat Ruud stoïcijns is doorgegaan met opruimen. Alles wat uitgebloeid is, lelijke bladeren krijgt (en groenten waar hij geen trek in heeft) wordt nietsontziend uit de tuin gerukt en op de composthoop gegooid.

Niet dat de tuin al helemaal leeg is hoor, wat nog eetbaar is en wat kou kan verdragen blijft staan, dan verwijderen we alleen onkruid en woelen de grond rond de groenten een beetje om voor wat meer luchtigheid in natte herfstdagen:

 

Er staan nog bietjes en snijbiet, mosterdblad en koolraap. In andere vakken staan nog winterrammenas, winterandijvie, veldsla, prei, witlof en roodlof, selderij, pastinaken, palmkool, savooikool, boerenkool, etc.. Nog best veel dus! Maar als Ruud een vak eenmaal onderhanden heeft genomen is niet alleen het onkruid weg, maar ook wat planten die best nog hadden kunnen blijven staan, of oogst die mee naar huis had kunnen gaan.

Dit kon ik bijvoorbeeld nog net op tijd redden:

 

Er was niks mis met de prei, die zou Ruud ook in de tuin hebben laten staan. Maar de bleekselderij lag al in de kruiwagen (want ‘die ziet er niet uit’, zegt Ruud) en hetzelfde geldt voor de minivenkeltjes zonder echte knol (‘veel te klein’, vindt Ruud).

Maar ik heb bedacht dat ik dit jaar weer eens bouillonpasta maak. Ik kreeg het recept jaren geleden van iemand die in Duitsland woonde, daar heet het ‘Suppengewurz’. En daar zijn juist in deze tijd lekkere soorten voor te oogsten. En aangezien alles wordt fijngemalen maakt het niet uit of het klein is, en lelijke bladeren snijd ik weg, maar bijvoorbeeld ook de stelen van peterselie en het blad van venkel en bleekselderij mogen erin. Dus de hele bos mag mee naar huis.

Na het wassen en snijden blijft dit over: peterselie en snijselderij, 2 pastinaken, prei, knolvenkel, wat citroenverbenablaadjes, bleekselderij. Maar je kunt het samenstellen met wat je wilt (en wat je hebt), als het maar geurig en smaakvol is. Dus bijvoorbeeld courgette is misschien leuk als vulling maar heeft niet heel veel smaak. Daarentegen zijn worteltjes lekker zoet, knolselderij is heerlijk geurig, uien zijn sterk en fris, pepers pittig, etc. Oftewel: kies soorten die je ook als smaakmakers in soepgroenten of in soep zou gebruiken.

 

Het principe berust op de houdbaarheid dat zout geeft. Als je zorgt dat er minimaal 12% zout in het mengsel zit zal het zeker een jaar houdbaar blijven. Ik gok het niet en maak er altijd 14% zout van, dan weet ik heel zeker dat het voldoende. Voor wie denkt dat 12% of 14% heel veel zout is: dat is het ook. Maar een gemiddeld bouillonblokje bevat ongeveer 50% zout. En het is heel zout maar je gebruikt het als vervanger en niet als aanvulling. In plaats van een bouillonblokje gebruik ik nu een theelepel of koffielepel bouillonpasta. En dan gebruik ik dus uiteindelijk zelfs minder zout dan wanneer ik een bouillonblokje zou gebruiken.

Voor mensen die helemaal geen zout willen gebruiken is er uiteraard de mogelijkheid om de zoutloze bouillonpasta in te vriezen, al dan niet in ijsblokjesvormpjes. Mijn ervaring is dat het uit de vriezer vandaan wel anders van kleur en vooral erg nat wordt.

Voor de bouillonpasta met zout is het wel heel belangrijk om het goed te meten, want met 1 gram te weinig zout kan de bouillonpasta wel bederven.

 

Na het wegen reken ik uit hoeveel zout er vervolgens bij moet. En dan gaat alles de keukenmachine in. En dan is het niet alleen heel belangrijk om het goed fijn te malen maar ook om het heel goed te mengen (want als er in een deel van de pasta meer zout zit en in een ander deel dus te weinig, kan het dus ook bederven. Ik voeg één of twee eetlepels vers citroensap toe (dan blijft de kleur mooi frisgroen en verhoog ik de zuurgraad net iets waardoor de kans op botulisme sterk afneemt). En vervolgens laat ik de keukenmachine gewoon een paar minuten ratelen. En daarna roer ik het ook nog een paar keer heel goed door met een lepel, tot groentepasta en zout volledig gemengd zijn. En daarna gaat het schoongemaakt potjes in en mag het naar zolder (en gelijk 1 potje in de koelkast voor direct gebruik). Het wordt dus niet verhit en de potjes trekken dus ook niet vacuüm.

Wij vinden deze bouillonpasta veel lekkerder dan bouillonblokjes waarin vooral extracten en E-nummers worden gebruikt. En het wordt gemaakt van restjes uit eigen tuin, ook leuk!

Terwijl ik het maakte bedacht ik dat Sambal oelek op hetzelfde principe berust (houdbaarheid op basis van zout). En zo dacht ik, al schillend en snijdend, nog verder. Want eigenlijk zijn er dan heel veel mogelijkheden. Denk aan een zomerbouillonpasta met bijvoorbeeld tomaten, paprika en basilicum. En ik had zelf bijvoorbeeld een leuke oogst gember, en citroengras, en pepers, dus zou ik mijn eigen currypasta kunnen maken. Aan het einde van de middag was dit het resultaat:

 

De bouillonpasta gebruiken we al, de geur doet me wat denken aan erwtensoep, maar dan meer anijsachtig door pastinaak en venkel. En de twee currypasta’s hebben we ook al geproefd en die ga ik zeker ook onthouden, de groene is frisser (met onder andere groene pepers, veel gember en citroengras, ketoembar, uien) en de rode warmer (onder andere meer en rijpe rode pepers, gember, laos, een laatste rode paprika – ook voor de kleur -, komijnpoeder, citroengras, etc.). Ik heb de groene al gebruikt in een curry, maar ook in een roerbak, en de rode in een marinade. Het enige belangrijke is dat je bedenkt dat er al zout in zit en dat dus niet toe hoeft te voegen aan het gerecht.

Ik beloof de currypasta-recepten ergens in de komende weken op de website te zetten. Ik heb al eens een recept voor de bouillonpasta geplaatst, dat zal ik ergens in de komende weken eens nakijken en waar nodig aanpassen. En ik heb er jaren geleden ook al eens een blog over geschreven maar die kan ik zo snel niet terugvinden. En ik heb het nu te druk met de zadenlijst (die ook dit jaar weer op de ‘drie dwaze dagen van de Bijenkorf’ lijkt 🙂 ).

En als ik dan wat meer tijd heb ga ik ook de databases van eenjarige bloemen, tomaten, paprika’s, etc. bijwerken. En er liggen nog een aantal leuke recepten die ik nog op de website wil zetten, van brownies met jam tot een lekkere ovenschotel met pompoen, zelfgemaakte tomatenketchup, gelei van frambozen met appel, etc. En daarna kan ik me gaan storten op het bijwerken van oudere groentepagina’s, en op nieuwe pagina’s. Ik zal me deze winter weer niet hoeven te vervelen.

Tot slot wil ik dan nog even iets melden over de Zaaiagenda voor de moestuin die Laura en ik hebben gemaakt (voor alle duidelijkheid, je kunt hier meer informatie vinden: Zaaiagenda voor de Moestuin).

Laura’s bedrijf bestaat binnenkort één jaar. En om dat te vieren geeft ze 10% korting op de artikelen in haar webwinkel. Dat geldt ook voor de Zaaiagenda, van 01 november tot en met 10 november aanstaande is de prijs niet €27,95 maar € 25,00 (exclusief verzendkosten). Voor wie van plan was/is om de agenda aan te schaffen is het wellicht dus handig om dat in die periode te doen (via de link bovenaan deze pagina of de directe link: Laura Beijn.

Ik heb de agenda zelf dit jaar heel vaak gebruikt, al geef ik toe dat ik er amper in heb geschreven (misschien omdat ik hem toch een beetje netjes wil houden, kleine moeite om er dan toch even een kladpapiertje in te leggen bedacht ik me telkens  🙂 ). Ik heb de agenda vooral bij elke zaaironde en daartussenin gebruikt, om te kijken wat er in welke periode al of nog gezaaid kan worden. Of om er bijvoorbeeld snel in op te zoeken wat de plantafstand is, of een bloem eetbaar is, etc. Ik ben eigenlijk ook wel heel benieuwd wat de ervaringen van anderen zijn, of iemand nog een  foutje in de agenda heeft gevonden, of er andere verbeterpunten zijn, etc.!

Tot slot nog één foto, een raadplaatje:

 

Wat het is?

Als je al weken geen tijd hebt gehad om wat bloempjes in een vaasje op de tuintafel te vervangen, en de oude afrikaantjes in het vaasje al lang uitgebloeid zijn en al weken in de regen staan…….. dan kiemen de zaden van de uitgebloeide afrikaantjes vanzelf 🙂

 

Intafelen en trekken

Het zijn 2 termen die bij de witlofteelt worden gebruikt. Ik geef het toe; het is jaren geleden dat we voor het laatst witlof teelden. Vroeger (een jaar of 15 geleden) hebben we het een paar jaar geprobeerd. We waren er toen niet zo tevreden over. Het kostte in onze ogen veel tijd, voor de wortels om te groeien (en dat deden ze ook niet heel goed in de vette vaste natte klei). En daarna moesten ze afsterven/drogen/rusten en vervolgens mee naar huis. Daarna sjouwden we dan emmers met zand de 2 trappen op naar zolder. Daar plantten we de wortels en oogstten we wel wat witlofstronkjes en die waren ook echt lekker. Maar we vergaten ze ook wel eens waardoor we vervolgens 4 weken later weer losse of rotte frutjes witlofblaadjes weg konden gooien. En dan konden we weer opruimen en sjouwden we de emmers zand weer de trap af. We vonden het vooral veel gedoe voor een matig succes.

Nee, witlof telen was niks voor ons. Maar uiteindelijk veranderen we allemaal. Vroeger vond ik chrysanten zo lelijk dat ik ze uit een boeket bloemen haalde als er toevallig één in zat. Nu vind ik ze eigenlijk best mooi. Nou ja, ik zal niet overdrijven; ik zal ze zelf niet zo snel zaaien en ik koop geen herfst-bolchrysant, dat gaat me te ver. Als kind vond ik bloemkool smerig, nu is dat zeker niet meer het geval. Al had dat ook veel te maken met dat melkachtige maïzenapapje met belachelijk veel nootmuskaat dat mijn moeder er steevast overheen goot. Ik vind kort gekookte bloemkool nu heerlijk, maar het papje hoef ik niet, en fan van nootmuskaat zal ik nooit meer worden. Maar dat komt omdat dat ook door de sperziebonen ging, en over de koolraap (die hier door mijn ouders knolletjes werden genoemd, en door mij en mijn broertje ‘dooie vingers’, omdat het van die oranjebeige langwerpige stokjes waren). Ze werden uiteraard ook weer grof bestrooid met nootmuskaat. Dat we geen nootmuskaatvergiftiging hebben opgelopen is bijna een wonder.

Maar afijn, ik wilde hier iets schrijven over witlof. Want ik zeur al een paar jaar tegen Ruud dat ik weer eens witlof wil telen. Ruud vond dat geen goed plan, om de al genoemde redenen van het sjouwen met zand, de lange teelt, dubbel werk, slechte oogst, etc..

Maar na 2 halfslachtige pogingen in de afgelopen 2 jaar heb ik er dit jaar wel mijn best voor gedaan, ze in mei in een verhoogde bak gezaaid (met daarin een luchtige grond waardoor de wortels goed zouden kunnen groeien). Ik heb ze in de zomer nog wat extra kali gegeven voor een goede wortelontwikkeling. En nu wilde ik wel eens zien of het na al die jaren, met meer zin, kennis en kunde, wat beter zou lukken.

De witlofplanten dit jaar, ze zien er toch best goed uit, vind ik zelf:

 

Ons eerste discussiepunt was het blad: moest dat er nu af of niet wanneer je de wortels oogst en laat rusten/drogen? Ik dacht dat het blad eraf moest, Ruud vond van niet. En terwijl daarover kibbelden zag Ruud Corry over de dijk voorbij fietsen, die kwam vast naar de tuin. En voor alle duidelijkheid, Corry behoort tot één van de allereerste leden van onze volkstuinvereniging, is vrijwel zelfvoorzienend als het om groenten gaat en kan zelfs van een misvormde en uit de kluiten gewassen rode biet nog wat lekkers maken. En Ruud en ik weten allebei dat Corry al die jaren elk jaar witlof teelt.

“Ga het aan Corry vragen”, zegt Ruud. Dat vond ik een goed idee, en ik was ook blij dat Ruud, ondanks zijn eerdere scepsis, er nu toch zijn min of meer zijn best voor wilde doen.

Na ruim een half uur les te hebben gehad van witlofgoeroe Corry liep ik weer terug naar onze tuin, flink wat informatie rijker. Ze heeft het zelfs even voorgedaan want ze wilde er zelf toch ook gelijk wat oogsten om in te tafelen.

Intafelen is niets anders dan het ‘oppotten’ van geoogste witlofwortels. Corry oogst de wortels maar laat ze niet afsterven of drogen, dat vindt ze gedoe en dan vergeet ze ze, “Nergens voor nodig”, zegt ze. En ik ben een goede leerling, nu we eindelijk weer eens witlof telen ga ik het doen zoals iemand met kennis en ervaring het aanraadt en beloof ik mezelf (en Ruud) om niet eigenwijs te zijn.

“Niet teveel tegelijkertijd, want ze zijn ook allemaal tegelijkertijd klaar”, zegt Corry en dat klinkt logisch. Corry doet er een stuk of 10 in een emmer en de rest wacht in de grond tot de volgende oogst.

 

Misschien hadden de wortels iets dikker mogen zijn maar we zijn best tevreden.

Zoals gezegd, Corry laat ze niet drogen/rusten maar neemt ze direct mee naar huis, zet ze in een emmer met vochtige tuingrond en zet de emmer in de kruipruimte onder het huis. “Dat is koeler en dus beter dan een te warme zolder”. De kruipruimte is hier geen optie, dan moeten we telkens het zeil in de gang helemaal opklappen, houten plankjes weghalen, etc.. Wij kiezen hier daarom voor de schuur; die is donker, waarschijnlijk iets warmer dan de kruipkelder maar zeker koeler dan de zolder. En er hoeven geen emmers naar zolder.

Zo gaan er wat wortels mee naar huis, van witlof en ook wat roodlof.

 

“Gooi je kleine, korte, dunne of gebroken wortels weg?”, vraag ik aan Corry. “Nee hoor, dat worden kleine of dunne witlofkropjes maar die zijn net zo lekker, zegt ze. Ik moest gelijk denken aan mijn moeder die vroeger altijd zei: “Kruimeltjes zijn ook brood”. 🙂

“En als ze vreemde uitstulpingen hebben die niet in de emmer passen of te lang zijn, dan mag je die er ook best afsnijden, of ze wat inkorten. Maar laat wel minimaal 3 centimeter blad boven de wortel zitten, want zonder zo’n rand blad kan ze niet uitlopen”, waren de laatste tips die Corry nog meegaf.  Oh ja, en het afgesneden blad kun je eten, als een soort groenlof (bittere sla).

We hebben een emmer gevuld met wat grond uit de tuin en een restje potgrond dat nog in de schuur stond. Voeding is niet nodig want die zit voldoende in de wortels. Water is in principe ook niet nodig want de grond is vochtig.

We vullen de emmer met een laagje grond, zetten de 10 wortels erin en vullen de holtes ertussen op met grond. Het is een beetje kliederen maar dat is in de voortuin minder erg dan op zolder, en we zijn er uiteindelijk binnen 10 minuten klaar. In mijn herinnering waren we er een halve dag druk mee, toen we ze nog op zolder teelden.

En zo gaat de emmer de schuur in:

 

Eigenlijk dus helemaal niet zo veel werk. En vergeten kan ik ze ook niet. Telkens wanneer ik de schuur inga kijk ik even om de hoek naar de emmer. Stiekem is het zelfs leuk, bijna net zo leuk als elke dag in het voorjaar even kijken of bijvoorbeeld de peper- of tomatenzaden al kiemen.

Het is nu wellicht niet ideaal want de buitentemperatuur is voor half oktober aan de hoge kant (dus ook in de schuur). Maar het is maar een eerste probeersel, er staan zeker nog 25 planten in de tuin te wachten om ook ‘getrokken’ te worden.

Want zo heet het nu; het planten van de wortels in de emmer heet intafelen, en nu gaan we witlof trekken: de wortels willen in de donkere schuur weer nieuwe bladeren maken en dat worden daardoor kleine witte kropjes. Ik hoorde van onze tuinbuurman dat we daarom eigenlijk zouden willen dat de wortels relatief warm staan (om ze aan te sporen uit te lopen), maar de lucht relatief koud blijft (zodat de kropjes mooi compact en gesloten blijven). Nou ja, dan worden het met dit weer maar losse kropjes. Als ze maar lekker zijn.

Één week na het intafelen:

 

Ze doen het!!!

Je kunt zien hoe ze tussen de afgesneden bladeren bijna naar boven wordt geduwd. Misschien zou ‘witlof duwen’ een betere term zijn dan ‘witlof trekken’. Want wij doen er niks aan, alleen elke paar dagen even kijken en voelen of de grond nog vochtig is, ze doet het echt helemaal zelf. Ingenieus eigenlijk.

En ondertussen zijn we nog een week verder, dus 2 weken na het intafelen:

 

Ja, het gaat er al een beetje op lijken. Afhankelijk van de temperatuur kan er ongeveer 4 weken na het intafelen worden geoogst, heeft Corry gezegd. Misschien wordt dat door deze warme herfstdagen wel wat eerder.

We zijn benieuwd hoe het af gaat lopen, ik laat het uiteindelijke resultaat zeker nog zien. En zodra de witlof is geoogst en de wortels zijn verwijderd gaan we de emmer weer vullen met nieuwe wortels. Want we hebben de smaak te pakken. En zo moeilijk en tijdrovend is het dus helemaal niet, de planten hebben weinig verzorging nodig. En uiteindelijk blijkt dat intafelen een fluitje van een cent en het trekken van de witlof doet ze zelf. Nu nog oogsten en er wat lekkers mee maken!

Tot slot nog even de mededeling dat ik een definitieve datum heb gezet voor de zadenlijst (onderaan deze pagina): Zadenlijst – nieuws.

En nog even de link naar het blog dat ik op de website van Pokon schreef. En die gaat over de zoete aardappelen die we vorig week hebben geoogst: Zoete aardappelen deel 2: de oogst.   En daar hoort deze laatste foto bij, ook daar zijn we blij mee!