Palmkool

 

Eerst even dit, mocht je internationale informatie zoeken of bijvoorbeeld zaden van palmkool in een niet-Nederlandstalige webwinkel:

  • Synoniemen:      Cavolo Nero (eigenlijk de Italiaanse naam)
  • Latijnse naam:   Brassica oleracea var. palmifolia
  • Engelse naam:   Kale (vaak met de aanvulling Tuscan/Black Tuscan)
  • Duitse naam:     Palmkohl, Toskanischer Palmkohl
  • Franse naam:     Chou Palmier, Chou

Palmkool is, net als boerenkool, al eeuwen bekend. Op internet kun je zelfs informatie vinden dat ze al rond het begin van de jaartelling, (de tijd van de Romeinen) werd geteeld.

Palmkool komt oorspronkelijk uit Italië, ze is een soort bladkool, zoals boerenkool dat ook is, en daar is ze dan ook nauw aan verwant.

Ook palmkool behoort tot de kruisbloemenfamilie en is dus familie van alle andere koolsoorten (van bloemkool en boerenkool tot spitskool en paksoi). De Latijnse naam van de meeste kolen begint met Brassica oleracea (en dat betekent niets anders dan ‘eetbare kool’). Achter deze naam krijgt palmkool nog de aanvulling palmifolia (en dat verwijst ongetwijfeld naar de bijna palmvormige groei van het blad). Soms wordt ook de naam Brassica oleracea var. Lacinato gebruikt (dat lijkt me niet helemaal juist want ‘lacinato’ bekent diep ingesneden en dat is het blad van palmkool zeker niet). Maar als je googelt op ‘Kale Lacinato’ vind je dus ook palmkool. Ik vind hoe dan ook op internet een onduidelijke brij van halve en overgenomen informatie die soms wel en soms niet klopt. Ik weet dus zelfs niet of deze informatie klopt, dit is in ieder geval de logica die ik eruit heb gehaald.

Wij telen pas sinds een paar jaar palmkool. En dat blijven we zeker doen. Want ze is niet alleen lekker maar het leuke van palmkool is dat de plant steeds nieuwe bladeren boven de vorige maakt. En dat betekent dat je er over een zeer lange periode van kunt oogsten, en dat de opbrengst dus ook zeer groot is. Voor alle duidelijkheid: boerenkool doet wel ongeveer hetzelfde maar het blad dat geoogst kan worden wordt daarbij niet in die mate meer vervangen door nieuwe bladeren. De smaak is enigszins vergelijkbaar maar de opbrengst van palmkool is op de lange termijn groter. Aan de andere kant is boerenkool ook heel lekker, mooi, bijzonder en waardevol in de moestuin. Oftewel: zet vooral van beide soorten wat planten 🙂

Palmkool is vrij gemakkelijk te telen, ze wordt niet snel ziek en is redelijk winterhard (niet zo winterhard als de winterrassen van boerenkool maar wel net zo winterhard als de herfstrassen van boerenkool).

Het prachtige bedauwde blad van palmkool met haar bobbelige structuur

 

PLANT

Palmkool bestaat uit 1 dikke hoofdstam met daaraan afzonderlijke, grote, langwerpige, bijna overhangende bladeren. Je oogst en eet de onderste bladeren, je kunt ze naar believen afknippen of -breken. Vanuit het hart van de plant groeien telkens weer nieuwe bladeren. Het hart van de plant laat je dus altijd intact.

Dit heeft ook gevolgen voor de groei van de plant. Bij de oogst van de eerste bladeren in de nazomer is de plant slechts 40 tot 50 centimeter hoog. Maar door het plukken van de onderste bladeren en dus de aanmaak en groei van de bovenste bladeren kan de plant in de winter wel ruim een meter hoog zijn (mede afhankelijk van standplaats, ras, voeding, etc.).

 

TEELTWIJZEN / RASSEN

Dit is lastig omdat de ontwikkeling van nieuwe rassen van bladkolen zoals boerenkool, palmkool, etc. enorm in ontwikkeling is. Elk jaar komen er wel nieuwe mooie, bijzondere rassen bij waarvan je het blad kunt oogsten en eten. Soms vallen die rassen duidelijk onder de palmkool of boerenkool, maar alle tussenvormen maken het vrij onduidelijk. Het leuke is dan wel dat de meeste van die bijzondere rassen wel ongeveer zoals palmkool kunnen worden gezaaid en verzorgd, vooral in de structuur, oogst en winterhardheid zitten nog wel wat verschillen.

Om bovenstaande reden heb ik besloten om ook een pagina te maken met informatie over bladkolen die dus niet direct boerenkool of palmkool zijn: Bladkool 

Het meest bekende en voor zover ik weet ook het originele ras is Nero di Toscana. Daarnaast zijn er een aantal nieuwe rassen verkrijgbaar. Enige voorbeelden:

  • Toscano (een verbeterde versie van de originele Nero di Toscana)
  • Yurok F1-hybride (wat lager en breder en met blauwgroen blad dat in het jonge stadium wat meer blauwgrijs van kleur is)
  • Black Magic (met juist donkerder blad)
  • Red Devil (met blauwgroen blad met een paarsroze nerf)
  • Raven F1 (ook weer een verbeterde versie – in opbrengst en winterhardheid – van de originele Nero di Toscana)

 

ZAAIEN / PLANTEN

Je kunt palmkool iets vroeger zaaien dan boerenkool (en je kunt er dus ook iets eerder van oogsten). Zaai de zaden ergens tussen half april en eind juli. Hoe later je zaait, des te later valt uiteraard ook de eerste oogst – maar dan kun je haar wel als nateelt na bijvoorbeeld aardappelen of vroege bietjes, etc. planten. In dat laatste geval geef je bij voorkeur wel wat voeding wanneer je de zaailingen uitplant (want de voeding die je in het voorjaar aan de groenten van hoofdteelt gaf is normaal gesproken verbruikt door die groenten).

Wanneer je ook zaait; wij zaaien de planten graag voor (zodat ze niet kunnen worden opgevreten door o.a. de duiven). De zaailingen kunnen wat late nachtvorst prima verdragen. We planten de zaailingen uit wanneer ze groot genoeg zijn, ze krijgen een zonnig plekje.

 

 

STANDPLAATS / VERZORGING

Bijna alle koolsoorten zijn veelvraten en houden van veel voeding. Palmkool kan, net als boerenkool en bladkool, met wat minder voeding ook nog een goede oogst geven. Na de basisbemesting van stalmest en/of compost in de winter of het vroege voorjaar geven wij zelf een week of 2 voor het planten een ruime hoeveelheid samengestelde organische meststof voor de moestuin.

Zoals bij alle koolsoorten zijn jonge zaailingen erg gewild bij vogels; bescherm de jonge zaailingen door middel van een bouwwerkje en een niet te grofmazig net om te zorgen dat je zaailingen niet tot op de nerf worden opgevreten. Als de planten eenmaal een centimeter of 40-45 groot zijn kan het bouwwerk/net weg, dan is ze blijkbaar niet smakelijk genoeg meer voor vogels. Maar vertrouw er niet zo maar op, houd de jonge planten goed in de gaten. We zien zelf in sommige jaren nog wel dat (blijkbaar bij gebrek aan voedsel of lekkerder soorten) toch ook volwassen koolplanten nog worden opgevreten. De oplossing is simpel: zodra je ziet dat de koolplanten worden opgevreten gaat het gaaswerk terug over de planten.

Op de foto hieronder zie je geen palmkool maar koolrabi (maar dat is dus ook kool). Zelfs de plastic kraai kon niet verhinderen dat in 2 dagen tijd het blad al behoorlijk werd opgevreten door echte vogels 🙂 . Oftewel: namaakkraai eruit en er weer gewoon een net over tot de planten zijn hersteld en gegroeid)

 

Palmkool is, net als boerenkool, gevoelig voor witte vlieg. Dat zijn heel kleine witte vliegjes die eitjes leggen op de onderkant van (onder andere) boerenkoolbladeren. Het is een lastig te bestrijden vliegje, want ze is zo klein dat een gemiddeld net te grofmazig is.

 

Er zijn jaren dat het goed gaat en er weinig aantasting is, maar er zijn ook jaren dat het blad vol met vliegjes en eitjes zit en alleen nog goed is voor de composthoop. Ongetwijfeld bestaan er wel spuitmiddeltjes tegen witte vlieg maar daar heb ik geen verstand van want dat willen we zelf niet gebruiken.

Er zijn ook zeer fijnmazige netten te koop waar zelfs witte vlieg niet doorheen kan vliegen (wel prijzig maar sterk en gaat jaren mee). En zelf heb ik het idee dat laat gezaaide palmkoolplanten minder last hebben van witte vlieg dan vroeg gezaaide koolplanten (maar dan weer niet elk jaar). En, misschien nog wel het belangrijkste: door niet veel dezelfde koolplanten naast elkaar te planten maar over de tuin te verspreiden/verdelen maak je het witte vlieg minder makkelijk om massaal op de bladkolen als boerenkool en palmkool af te komen. Door planten af te wisselen en te spreiden is er minder kans op ziekten en plagen. Tot slot: Tropaeolum (Oost-Indische kers) naast kool trekt witte vlieg aan waardoor de kans groot is dat ze daarop aanvalt en de palmkool met rust laat.

Op de foto hieronder zie je een palmkoolplant. Ze staat tussen maïsplanten, oranje bloeiende Zinnia’s, snijbiet, goudsbloemen, dille, en een courgetteplant. De kakofonie van verschillende groenten, kruiden en bloemen zorgt voor meer diversiteit en minder last van plaagdieren als witte vlieg: zij kiezen liever een tuin waar 10 koolplanten netjes in een rijtje staan, dat is logischerwijs makkelijker voor ze.

 

Oh ja, naast nuttig vind ik het zelf ook gewoon mooi en leuk om verschillende soorten groenten door elkaar te planten.

 

OOGST / BEWAREN

Oogst vooral alleen de bladeren die je nodig hebt. De bladeren erboven groeien weer verder. Tot de winter, dan staat de groei stil, maar kun je dus nog steeds de bladeren oogsten die er zijn.

Palmkool bevat 1 lange dikke nerf die wat vezelig kan zijn en langer tijd nodig om te koken. Als je in de keuken het blad in je ene hand neemt en de nerf tussen duim en vingers van je andere hand, kun je het blad makkelijk van en langs de nerf ‘rissen’.

Ook palmkool wordt lekkerder van smaak (zoeter/zachter) wanneer er wat nachtvorst is geweest. Afhankelijk van de temperatuur in de winter kun je er tot ver in de winter telkens nieuwe bladeren van oogsten.

Misschien is het leuk om nog even te laten zien wat vorst en kou en sneeuw met palmkool doet:

 

Op de linkerfoto zie je palmkool in januari in een week van nachtvorst (rond -7 graden) en sneeuw. Ze lijkt wel flink ingestort en je denkt dat ze het niet gaat overleven. Maar niets is minder waar, de foto rechts is een weekje later gemaakt; nadat de temperatuur weer boven 0 graden is gekomen herstelt de plant zich.

Uiteraard is er altijd een punt waarna er geen herstel meer mogelijk is, en dat punt is lastig te bepalen (want niet alleen de temperatuur is belangrijk maar ook de lengte van de periode van die vorst, met of zonder sneeuw (werkt als een isolatie/deken), wind, ijzel, het formaat van de plant, etc.).

 

ZELF ZADEN OOGSTEN

Zoals bij andere koolsoorten is dit erg lastig in verband met het makkelijke kruisen van koolsoorten onderling. Ik heb het zelf dan ook nog nooit geprobeerd (op ons volkstuinencomplex waar altijd wel ergens in een tuin een doorgeschoten koolplant bloeit). Mocht je het willen proberen: kies voor de teelt van zaden een paar gezonde planten (geen F1-hybriderassen) waar je geen blad van oogst en wacht tot ze in het voorjaar doorschiet. Zet er een stok bij want ze wordt dan vrij hoog, en oogst de zaden wanneer die zich in de (na)zomer na de mooie gele bloei ontwikkelen en rijpen.