Spruitkool

Spruitplant

Spruitkool doet het bij ons altijd eigenlijk wel goed op onze vochtvasthoudende voedzame klei. Zorg uiteraard wel voor de juiste rassen, want er zit naar mijn mening best veel verschil in kwaliteit in.

Een spruitje is eigenlijk een soort van ontwikkelende krop in elke bladoksel (zie foto rechts). Als je ze niet op tijd plukt worden de spruitjes steeds losser tot ze uiteindelijk open gaan. Spruiten zijn redelijk winterhard.

Teeltwijzen

Kijk vooral bij het kiezen van rassen naar de oogstperiode (late herfst, vroege winter, late winter, etc.). Als je dus meerdere rassen kiest kun je over een langere periode spruitjes oogsten.

Rassen

Er bestaan zaadvaste rassen en F1-hybriderassen. Zelf hebben we meerdere keren zaadvaste rassen geprobeerd en komen toch elke keer weer terug bij de F1-hybriderassen, omdat die laatste wat beter zijn (maar ook duurder): betere oogst, beter van vorm (de zaadvaste rassen willen hier nog wel eens ‘los’ worden). We hebben ook de mooie ‘rode spruitjes’ Rubine geteeld maar waren dan toch ook weer niet zo te spreken over de oogst en de losheid van spruitjes. Dat kan echter ook wel te maken hebben met onze voedzame bodem. Zelf houden we het tegenwoordig bij F1-hybrides als Igor F1, Brilliant F1, Content F1, etc. Andere zaadvaste rassen zijn Roodnerf, Sanda, etc.

Bodem

Spruit plant

De meest geschikte bodemsoorten zijn niet te zware maar wel vodzame gronden als leem en lichte klei. Voldoende vochtvasthouden maar niet kletsnat lijkt belangrijk te zijn (in een kletsnatte herfst doen de spruitjes het hier duidelijk minder goed – te los of niet goed ontwikkeld).

Bemesting

Net als alle kolen zijn spruiten ‘veelvraten’; ze verbruiken veel voedingsstoffen. Zelf spitten we in november op het landje waar de spruiten gaan komen een flinke hoeveelheid stalmest onder. Daarnaast krijgen de planten in het voorjaar wat koemestkorrels. Gebruik niet teveel stikstofhoudende mest (zoals bloedmeel): je krijgt dan veel plant en veel blad maar weinig spruit šŸ™‚

Als je echter te weinig stikstof gebruikt krijg je een paarse verkleuring van blad en nerf en planten die te klein blijven. Zoals gezegd; hier gaat het eigenlijk goed met veel stalmest (wel 5 tot 7 kruiwagens per landje van 3 x 2,5 meter), en een paar handjes koemestkorrels.

Zaaitabel, planten, oogsten en plantafstand:

Spruitkool tabel

Opkweek

Zelf zaai ik graag voor in de kas (zo rond eind februari/begin maart), in potjes. Je kunt echter ook buiten in potjes of op een zaaibed zaaien (je zaait ze dan iets later, als de bodemwarmte wat hoger is). De zaden kiemen bij voorzaaien in de kas binnen een week. Plant de zaailingen uit wanneer ze groot genoeg zijn. Probeer daarbij zo min mogelijk worteltjes te beschadigen (daarom zaai ik ook liever voor dan op een zaaibed).

Spruit plant spruiten

Teeltzorgen

Zoals bij alle koolsoorten is bescherming tegen vogelvraat in het begin onmisbaar. Zelf zetten we rond het koolbed wat stokken of palen, en daaroverheen gaat een fijnmazig net. Als de kolen zo ongeveer 35 centimeter groot zijn kan het net eraf; vogels zijn vooral gek op de jonge koolblaadjes, de oudere zijn duidelijk minder lekker. Daarnaast is mulchen handig; het houdt wat vocht vast in de bodem, houdt de bodem wat koel en het belangrijkste; het gaat onkruidgroei tegen, hetgeen handig is omdat je als je wilt wieden eerst de nette weer moet verwijderen en later weer moet plaatsen. Breng ook koolkragen aan. Kijk voor de reden en manieren (en foto’s) ook even bij de groenteteeltinformatie bij andere koolsoorten!

En verder: pluk losse spruiten zo snel mogelijk. Zelf halen we het kontje eraf en dan hou je allemaal losse spruitjesblaadjes over (lekker om niet te koken maar te roerbakken met een fijngesnipperd uitje en wat grofgehakte hazelnoten). Door de top uit de plant te halen (afhankelijk van het ras en de grootte van de plant zo rond september-oktober) groeien de bovenste spruiten beter en sneller uit en wordt het openbarsten/los groeien van de onderste spruiten geremd.

Oogst en bewaren

Pluk of snijd spruiten als ze nog mooi dicht en hard zijn, en zo’n 2-3 centimeter groot zijn. Verwijder ondertussen van de planten geel blad, en eventuele rotte en losse spruiten. Zoals gezegd, kun je ook de wat lossere spruitjes oogsten en eten in roerbak of stoofschotels. Gooi na de oogst de dikke stammen weg (dat doen we trouwens bij alle kolen): ze verteren niet op de composthoop omdat ze heel hard en dik zijn. Geplukte spruiten zijn in de koelkast nog een klein weekje houdbaar, losse spruiten zijn minder goed houdbaar en moet je binnen een dag of 3 eten.

Zaadteelt

Dat is erg lastig omdat kruisbestuiving heel gemakkelijk is bij koolsoorten. Als je het toch wilt proberen: kies een plant waar je geen spruiten van oogst. Verwijder in het voorjaar de onderste spruiten en ook de kop van de plant. De bloemstengels komen uit de overgebleven middelste spruiten. Bind deze vast aan de hoofdstengel. Het zaad rijpt in juli/augustus.

 


Recepten met spruitkool: